Essay

Het Nederlands voorzitterschap excelleert in kleurloosheid

Beeld Kwennie Cheng

Premier Rutte heeft weinig op met visie, terwijl Europa daar juist naar hunkert. Het voorzitterschap van Nederland helpt de EU achterop, meent Jonathan Holslag.

Op 1 januari nam Nederland het voorzitterschap van de Europese Unie over, een zuinig voorzitterschap, zuinig inzake budget en ideeën. "We gaan voor pragmatiek", verwoordde Mark Rutte de inzet, "Europa heeft nu geen behoefte aan een grote visie". Nederland wil daarom vooral een verschil maken met praktische voorstellen ter bevordering van innovatie, veiligheid en het concurrentievermogen van onze industrie.

Maar de 500 miljoen Europeanen zitten helemaal niet te wachten op praktische voorstellen, zij willen een nieuw toekomstbeeld, een nieuwe bestemming, een duidelijk verhaal over hoe we met zijn allen kunnen bouwen aan een sterke, veilige en saamhorige gemeenschap.

Zonder dat toekomstbeeld concreet te maken, zullen we minder en minder in staat zijn om de Europeanen te overtuigen van het belang van allerlei praktische oplossingen. Europa zal, vrees ik, nooit overleven als we niet beter uitleggen waarom Europa nodig is, en als we niet meer het gewicht van 500 miljoen mensen inzetten om positieve initiatieven te ondersteunen.

Realisme en idealisme
Want op de barsten, het rot en het molm van het oude Europa kiemt een nieuwe samenleving. Het zijn kunstenaars die opnieuw een boodschap van hoop en schoonheid willen uitdragen, leerkrachten die opnieuw meer stilstaan bij burgerschap en filosofie, ondernemers die duurzame productie opnieuw naar de stadskernen brengen, architecten die met hun gebouwen opnieuw de identiteit van die steden versterken en jonge landbouwers die met respect voor het landschap opnieuw smaak naar de steden brengen.

Je vindt ze van Londen tot in Lodz en van Kopenhagen tot in Rome. Wat hen typeert is een combinatie van realisme en idealisme. Ze willen af van de passiviteit die de verzorgingssamenleving typeerde, en koppelen een nieuwe zakelijkheid aan hun drang naar creativiteit, rechtvaardigheid en gezelligheid. Het moet iets opleveren, maar niet alleen op de bankrekening.

"Wat in mijn uitstalraam staat zegt iets over mijzelf, over de stad, over onze vaardigheid", hoorde ik van Antonio Pio Mele, een schoenmaker in Milaan. "Ik maak misschien niet zoveel schoenen als een fabriek, maar kijk eens wat wij nog bijdragen: wij brengen leven in de wijk, maken deze plaats aantrekkelijk voor toeristen, werken met lokale leveranciers en bezorgen veel minder overlast dan al die grote winkelketens."

Schoonheid
In Krakau zei Jolanta Gnyla, een jonge keramiste, me: "Europa was ooit het continent van de schoonheid. Schoonheid was de taal die we allen begrepen en dat wil ik mee terug in ere herstellen. Het zou zoveel leuker zijn als ieder zich in zijn beroep minstens een klein beetje met schoonheid zou kunnen bezig houden".

Beeld Jonathan Holslag

Jonathan Holslag (1981) doceert internationale politiek aan de Vrije Universiteit Brussel, en is auteur van 'De kracht van het paradijs. Hoe Europa kan overleven in de Aziatische eeuw'.

De voorzitter van de Europese Commissie Jean-Claude Juncker (rechts) met Simonetta Sommaruga, president van Zwitserland. Beeld ap

Veel meer dan van naïef idealisme getuigen jongeren als Jolanta en Antonio van een hoopvol realisme, een krachtig antidotum tegen de doelloosheid, ja zelfs ontreddering die Europa vandaag typeert. Hun aanpak staat voor initiatief in plaats van gelatenheid, voor economische zelfredzaamheid tegenover de vernieling van de maakindustrie, voor lokale verankering.

Dat model houdt voor mij veel meer steek dan het uitverkopen van de Europese economie aan grote winkelketens die elkaar uitputten in een prijzenwedloop, dan onze economie nog meer afhankelijk te maken van buitenlandse grondstoffen, kapitaal en onrealistisch goedkope producten. Produceren en ondernemen hebben opnieuw als belangrijkste doel om onze samenleving sterker te maken.

Maar deze initiatieven blijven fragiel en dit Europa maakt hun het leven zelfs vaak moeilijk.

Te weinig durf
De Europese Commissie neemt goede initiatieven (zoals onlangs het plan voor een meer zelfredzame, circulaire economie), maar durft die nauwelijks te verbinden aan het handelsbeleid. Dat beleid discrimineert producenten in Europa systematisch. Wie hier iets wil maken, moet tal van regels op het gebied van arbeidsvoorwaarden en milieu en dergelijke respecteren, maar wie invoert hoeft dat niet altijd.

Nationale en Europese beleidsmakers laten zich te gemakkelijk meeslepen in de euforie van het nieuwe goedkoop. Het is beter zoveel mogelijk goedkope producten te importeren, want dat is goed voor de koopkracht, en de economie zal zich dan wel specialiseren in diensten. Wat ze vergeten is dat die nieuwe diensten voor de meeste mensen veel minder opleveren dan hun oorspronkelijke baan in de industrie, en hun koopkracht dus sowieso daalt.

Wat ze ook vergeten is dat vroeg of laat wel eens een einde kan komen aan dat gemakzuchtige goedkoop als de Chinezen bijvoorbeeld ooit voor eigen rekening beginnen te produceren. Wat ze al helemaal uit het oog verliezen is dat al die containerschepen en vrachtwagens die ons de spullen aanleveren een ongelooflijke milieutol eisen. Voor elke container die van Oost-Azië naar een winkel in het Nederlandse binnenland vaart, blazen we onderweg twee ton CO2 in de lucht. Om de schade als gevolg van die uitstoot in rekening te brengen, zou je 300 euro per container moeten tellen.

Buitenlandse investeerders
Diezelfde Europese beleidsmakers worden ook gemakkelijk op sleeptouw genomen door grote multinationals. Eigenlijk zouden zij vooral moeten nadenken hoe het vermogen van hun burgers beter kan worden aangewend om een economie neer te zetten die ten dienste staat van de samenleving. Maar het is veel gemakkelijker te hengelen naar buitenlandse investeerders.

Het promoten van buitenlandse investeringen is een surrogaat geworden voor het voeren van een goed economisch beleid. Doordat die investeerders vaak actief zijn in lagelonenlanden, voelen ze zelden voor sociale regels of milieustandaarden, omdat die hun winstmarges schaden. Ze oefenen vaak grote druk uit bij ons en belemmeren hervormingen. Telkens opnieuw hoor je onze politici hun conservatisme dan rechtvaardigen onder het mom van het nationale belang, maar eigenlijk zetten ze de nationale economie in de uitverkoop.

Beeld Kwennie Cheng

De traagheid komt ook door onze eigen samenleving. Tegenover de kleine groep wegbereiders van het nieuwe Europa, staat een gigantische weke massa.

Onderaan bungelt de uitdijende groep kansarmen. Zij werken zich te pletter, combineren meerdere baantjes, niet omdat ze zo interessant zijn maar om rond te komen, zodat er 's avonds nauwelijks energie overblijft om hun monotone stapeldozen te verlaten, een stapje in de wereld te zetten of om zich bezig te houden met het gezin. Dan rest er de maalstroom aan geestesvermurwende televisieprogramma's, de chatbox en de dumpwinkel in het weekend. Hoewel vooral deze groep het slachtoffer is van het kortzichtige economische beleid, roert zij zich nauwelijks.

Eurobureaucraten
Daarboven staat de middenklasse die profiteert van tewerkstelling in het onderwijs, de zorg of in de beter betaalde kantoorbaantjes. Deze klasse voelt nog steeds onvoldoende dat er iets moet veranderen en stelt zich tevreden met af en toe een kritische sneer naar de vet betaalde bestuurders bij banken, de decadente eurobureaucraten of de bange politicus die de vluchtelingen niet durft buiten te houden.

In zo'n omgeving blijven al die mooie initiatieven muurbloempjes, gedoemd om te verdwijnen door de desinteresse van de samenleving en het onbegrip van politici. Ondertussen gaat het verval van Europa verder, traag maar genadeloos. Als er zich plotse crises aandienen, dan proberen we die nog te bezweren met alle energie die ons nog rest. De eurocrisis werd gevolgd door maanden van zenuwslopend topoverleg.

Met honderden miljarden aan bufferfondsen is de euro voorlopig gered, maar de economische achteruitgang werd allerminst gestopt. In acht landen, waaronder het Verenigd Koninkrijk, Nederland en Italië, ligt het beschikbare gezinsinkomen lager dan in 2008. Er zijn ook nog steeds 5 miljoen minder mensen aan het werk. De jongerenwerkloosheid schommelt rond de 22 procent en daarbij komt een flinke toename van deeltijdswerk. Meer dan een vijfde van de Europese banen is vandaag deeltijds.

Investeringen
Bedrijven investeren dus minder in mensen. Maar ze investeren ook nauwelijks meer in machines. Hoewel het zelden zo goedkoop was om te lenen, zijn de investeringen in machines en informatica sinds 2008 met amper 4 procent gestegen.

Volgens optimisten is er vooruitgang geboekt met het stabiliseren van de eurozone. De kloof tussen de landen met tekorten (zoals Griekenland, Spanje en Italië) en die met overschotten (zoals Duitsland, Nederland en Denemarken), is kleiner geworden. Maar dat succes is vooral het gevolg van hun dalende import en veel minder van hun toenemende export. Tezelfdertijd is het overschot van Duitsland, Nederland en Denemarken opgelopen van 175 tot 305 miljard. Het aandeel van dat overschot in hun productie is zelfs in geen dertig jaar zo groot geweest. De ogenschijnlijk gezonde balansen maskeren dus de zwakte van de binnenlandse vraag.

Voorzitter Martin Schultz van het Europees Parlement en minister-president Mark Rutte. Beeld anp

Toen kwam de crisis in Oekraïne en de aanslag op vlucht MH-17. Die laatste leidde tot een storm van verontwaardiging - kortstondig, want Rusland wist zich te positioneren als een onmisbare bondgenoot in het Midden-Oosten. Het gevolg: de Krim is nog steeds in Russische handen, Oekraïne blijft ondanks het luwen van het geweld gesplitst en de Europese lidstaten daar in de buurt zijn bijzonder gefrustreerd over het makke optreden van de andere lidstaten. "Je koopt geen veiligheid met sancties alleen" stelde een Litouwse diplomaat.

Energiepolitiek
Ondanks de spanningen ziet het er ook niet naar uit dat Europa zijn afhankelijkheid van Russische energie zal beperken. Alleen al de gasinvoer uit Rusland is sinds 2013 met tien procent gegroeid en naar verwachting zal deze tegen 2025 met nog eens 10 procent gegroeid zijn. Tot zover het succes van de energiepolitiek.

Zonder nieuwe incidenten zal de stoere taal aan het adres van Moskou weer plaatsmaken voor miljardendeals. Dat is een probleem als we die economische samenwerking niet gebruiken als hefboom om de Russen te bewegen tot politieke samenwerking. Economisch pragmatisme zonder doel op lange termijn leidt ertoe dat Europa invloed blijft verliezen in haar nabije omgeving.

Nu is er de terreurdreiging. Op het moment dat ik dit stuk schrijf zie ik vanuit mijn werkplek in Brussel hoe vijf legertrucks de straat inrijden. In het laadruim zitten paracommando's wat verweesd naar buiten te staren, hun machinegeweer in de hand. Terrorisme is uiteraard een reële dreiging, maar het lijkt er steeds meer op dat het terrorisme onze aandacht verder afleidt van die trage aftakeling van de Europese economie en samenleving. Voeg daar de vluchtelingenproblematiek aan toe en de context kan niet gunstiger zijn voor de steeds dichtere schare volksverlakkers die de oorzaken en de oplossing voor onzekerheid zowat bij iedereen leggen, behalve bij de Europese burgers zelf.

Zondebok
Daar ligt ongetwijfeld het grootste probleem met het pragmatisme. Zodra politici hun burgers oproepen - aux armes, citoyens! - om meer betrokkenheid te tonen, Europese kernwaarden bewuster te beleven en door een beter koopgedrag mee te bouwen aan een betere economie, besluiten centrumpartijen op zoek te gaan naar een zondebok.

Dan hoor je wel eens dat in elke crisis een kans schuilt om in actie te komen. Maar wat doen wij? We geven anderen de schuld, zodat we onze eigen levensstijl intact kunnen laten. Dat is normaal groepsgedrag, maar in een wereld die steeds onstuimiger wordt, is het een nefaste reflex.

Ik word steeds somberder over het perspectief op een echte omslag, een kanteling die de massa in beweging zet, laat staan dat politici zelf het initiatief nemen. Het Nederlands voorzitterschap excelleert in kleurloosheid. De Nederlanders verwachten veel van techniek voor meer jobs. Ook dat is zo'n typisch externe oplossing: investeer genoeg in technologie en de maatschappij wordt weer sterker.

Slimme auto's
Alsof alle innovatie technologisch moet zijn. Het is allang duidelijk dat westerse samenlevingen steeds meer in onderzoek en ontwikkeling investeren, terwijl de financiële opbrengsten ervan in verhouding afnemen. We weten ook al langer dat meer technologie niet per se leidt tot een aangenamer leven. Neem slimme auto's: geef de Europeanen in vredesnaam de kans om opnieuw meer in eigen stad te gaan werken, zodat ze minder tijd in de pendelellende verliezen.

Wat we nodig hebben is het besef dat technologie niet de maatstaf van de vooruitgang is, maar de mens zelf, de mate waarin wij in staat zijn de veelheid van onze behoeftes te realiseren door onze talenten optimaal in te zetten. Dat is vooruitgang. Het gaat er dus niet alleen om dezelfde goodies nog eens efficiënter te produceren, maar om mensen tijd te gunnen voor belangrijke zaken als saamhorigheid, creativiteit, identiteit en zelfontplooiing. Dan pas zouden we opnieuw aanknopen bij die andere grote doorbraken die Europa sterk maakten.

Politici kunnen dat natuurlijk nooit in de plaats van ons allen waarmaken, maar zij zouden de economie opnieuw zodanig moeten inrichten dat zij een bouwplaats wordt voor een betere samenleving in plaats van de economie te grabbel te gooien aan de meestbiedende, en in plaats van interessante initiatieven te marginaliseren.

Vroeger durfde Nederland in Europa dit soort discussies tenminste nog aan te zwengelen, maar nu is ieder spoor daarvan zoek. Dat zo'n sterk land het zelfs niet aandurft om met wat hoop en verbeelding naar onze toekomst te kijken stemt mij somber.

Europa heeft nu even geen pragmatisme nodig. Die zakelijke houding is de ultieme rechtvaardiging van stilstand geworden en stilstand in deze wereld is achteruitgang.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden