Het mysterie van de zwevende gelovige

De kerken lopen leeg, maar bij tarotkaartleggers, centra voor stilteretraites en intuïtiecursussen wordt het steeds drukker. Tijd voor meer onderzoek naar deze 'nieuwe spirituelen'.

Het gordijntje gaat dicht, de wierook brandt al, en de kaarten liggen heel precies uitgespreid op het versleten tafelkleed. Melanie uit Oosterhout laat zich de toekomst voorspellen bij tarotkaartlegger Ton Bons. Geen alledaags gebeuren, op het eerste gezicht. Maar Melanie is bepaald niet de enige. Ze behoort tot wat sociologen en religiewetenschappers de 'ongebonden' of 'nieuwe' spirituelen noemen.

Misschien gaan niet alle 'nieuwe spirituelen' naar tarotkaartleggers, maar anders bezoeken ze wel een meditatiesessie, stilteretraite, of volgen ze een cursus over hun intuïtie. Uit het laatste rapport van de wetenschappelijke raad voor het regeringsbeleid (WRR) blijkt dat 26 procent van de Nederlanders behoort tot de zogeheten 'ongebonden spirituelen'. Dat zijn vier miljoen mensen. Meer dan christenen: die maken volgens de WRR 25 procent van de bevolking uit.

Die opkomst van de nieuwe spirituelen is zo fascinerend, omdat ze de seculariseringsmythe ontzenuwt. Ontkerkelijking zet door, maar mensen zoeken verder op de spirituele markt, en volgen daarbij hun eigen gevoel. Hoe interessant ook, religiewetenschappers houden zich evenwel nauwelijks met hen bezig. Van de meer dan honderd religiewetenschappers die de Nederlandse universiteiten tellen, houdt slechts een handvol zich bezig met spiritualiteit buiten het terrein van de gevestigde godsdiensten.

Er is veel wat we nog niet weten over deze groep 'zwevende gelovigen'. Naar hun ideeën en gebruiken wordt zeer beperkt onderzoek gedaan.

Op de Universiteit van Amsterdam buigen nog de meeste onderzoekers zich over spiritualiteit buiten de gevestigde godsdiensten. Maar zij richten zich veelal op stromingen uit vroeger tijden, of ze houden zich bezig met wat zich in het buitenland afspeelt. Verhoudingsgewijs houden onderzoekers zich veel bezig met de islam, al is die stroming met naar schatting 800.000 moslims in Nederland aanzienlijk kleiner dan nieuwe spirituelen.

Het Sociaal Cultureel Planbureau (SCP) dringt er bij de universiteiten al langer op aan dat er nieuwe gegevens verzameld worden. Dat zegt Joep de Hart, godsdienstsocioloog voor het SCP, die als eerste grootschalig empirisch onderzoek deed, en daarover onder andere het boek 'Zwevende gelovigen' schreef.

Hoe kan het dat religiewetenschappers zich zo weinig lijken te interesseren voor een aardverschuiving op hun vakgebied?
"Er is veel wat we niet weten over nieuwe vormen van spiritualiteit. Er zijn geen dogma's, geen heilige boeken die je er op na kunt slaan, er is geen hoofdkwartier dat je kunt bezoeken. Geïnstitutionaliseerde godsdiensten vertonen een veel duidelijker profiel. En dus zijn ze veel makkelijker te plaatsen en begrenzen. Zeker als het om kerkelijkheid of onkerkelijkheid gaat. Daarover zijn allerlei gegevens beschikbaar, die bovendien al sinds jaar en dag verzameld worden, wat vergelijkingen over een lange periode mogelijk maakt. De wereld van de alternatieve spiritualiteit is diffuser, niet zo gemakkelijk ergens aan op te hangen."

Eigenlijk moeten religiewetenschappers weer bij nul beginnen. Is het geen onbegonnen werk om de nieuwe spirituelen te onderzoeken? Wat ze doen en geloven is zeer uiteenlopend.
"Nee. Ook in een vlooientheater gaat het er ordelijk aan toe. De deskundigheid van religiewetenschappers speelt wel een rol. De geestelijke bagage van het universitair personeel blijft soms achter bij de nieuwste ontwikkelingen. Veel religiewetenschappers hebben tijdens hun opleiding weinig vernomen van die nieuwe spiritualiteit. En dus hebben ze ook vaak nog geen begrippenapparaat tot hun beschikking om haar te duiden. Misschien speelt een zekere gemakzucht ook mee. Waarom niet even gewacht op het SCP, tot die weer wat data verzameld hebben, en dat dan larderen met wat kleinschalig lokaal onderzoek dat men zelf nog in de kast heeft liggen? Ik vind de kwaliteit en de relevantie nogal wisselend. Er zijn vakgroepen waar heel interessante dingen worden gestart, maar er zijn er ook waar al tijden in net zo'n klein kringetje wordt rondgetold als bij een bloemkool in kokend water."

Gemakzucht?
"Dat religiewetenschappers geen onderzoeksgegevens hebben, is tot daar aan toe. Wat erger is: ze hebben er vaak wel heel stellige meningen over. Terwijl ze in feite rondtasten in een geblindeerd pakhuis vol exotische spullen. In de theologische of wijsgerige wereld is het de gewoonste zaak van de wereld om te stellen dat je ergens 'onderzoek' naar doet, terwijl het gaat om een beschouwing uit de vrije pols of een theoretische plaatsing. Zo kan het komen dat men bij allerlei faculteiten meent op brede schaal onderzoek te doen, terwijl al dat geschrijf je niets wijzer maakt over hoe Nederlanders nu precies omgaan met nieuwe spiritualiteit, waardoor dit komt en wat daarvan de gevolgen zijn."

Waarom is onderzoek eigenlijk nodig?
"Wat je er ook van vindt, het is een niet te onderschatten factor. Honderd jaar geleden kon je nog zeggen dat belangstelling voor esoterie, mystiek en oosterse wijsheidstradities iets was van een beperkte groep intellectuelen, kunstenaars en esoterische genootschappen. Maar dit is inmiddels gemeengoed in grote delen van de samenleving. In het bedrijfsleven hebben allerlei cursussen over intuïtie en zingeving hun entree gemaakt. In de gezondheidszorg idem dito - denk aan mindfulness in de psychologie. In de media en populaire cultuur ook: het nieuwste album van de Nederlandse rockband Kane is bijvoorbeeld geïnspireerd op een boek van Deepak Chopra."

Maar wat is eigenlijk het nut van bijhouden wat de levensbeschouwelijke ideeën van mensen zijn?
"Er is een beroemd citaat van een van de grondleggers van de moderne sociologie, Max Weber, dat zegt dat ons handelen voor een groot deel bepaald wordt door belangen, maar dat het wel heel vaak ons wereldbeeld is dat als een soort wisselwachter bepaalt in welke richting die belangen ons handelen voortstuwen. Als je ervan uitgaat dat je verstand de belangrijkste bron van kennis is, dan sta je anders in het leven dan wanneer je ervan overtuigd bent dat de Bijbel als richtsnoer dient te fungeren, of de verzamelde werken van Carl Gustav Jung. Wat ik als socioloog zie, is dat de mentaliteit van de nieuwe spirituelen vergezeld gaat met een andere houding ten opzichte van maatschappelijke instituties en organisaties. Dat een kerk hen niet trekt, heeft ermee te maken dat zij het veel minder vanzelfsprekend vinden dat je ergens bij hoort. Je moet zelf nagaan wat belangrijk is voor jou. Nu vinden we dat heel normaal, maar vijftig jaar geleden was het dat niet. Je zat nu eenmaal in een club - katholiek, gereformeerd of socialistisch - en daar bleef je bij tot je laatste snik. Er is een andere visie op komst over wat solidariteit is, en over hoe je je identificeert met een club. Nieuwe spirituelen zijn daar een soort prototype van. Geen gemeenschappen, maar losse netwerken. Als ze het één weer een beetje gezien hebben, switchen ze door naar een volgend interesseveld. Dat soort ontwikkelingen zijn ook interessant voor de politiek."

Wat moet de politiek daar dan mee?
"Goed, een kabinet hoeft niet te weten hoe spiritueel mensen precies zijn. Maar die veranderende houding ten opzichte van instituties speelt een rol in alle bastions van het moderne leven: onderwijs, bedrijfsleven, gezondheidszorg, media. Neem de authenticiteit van politici: daar zijn we in korte tijd erg aan gehecht geraakt. Hoe iemand, los van zijn politieke denkbeelden, in het leven staat, doet ertoe. Een oud-premier als Barend Biesheuvel moest autoriteit en ervaring uitstralen. Bovenal niet te jong en springerig zijn. Tegenwoordig is dat bijna het tegendeel van een aanbeveling. Dat een politicus vertelt over de hersenafwijking van zijn dochtertje, of vrijgezel is en met zijn moeder op vakantie gaat: het heeft met dezelfde cultuuromslag te maken."

Hoe precies?
"Een vraag die wij om de zoveel tijd in enquêtes stellen, is of je bij een belangrijke beslissing beter op je intuïtie kunt afgaan dan op je verstand. Het percentage van de bevolking die deze vraag met 'ja' beantwoordt is duidelijk gestegen. Zo'n 60 procent vindt dat inmiddels. Onder de gewone man is een bepaalde vorm van spiritualiteit heel normaal geworden. 'Iets een plaats geven', 'loslaten', 'ik heb er geen goed gevoel bij' - dat soort dingen zegt mijn kapster ook."

Wél onderzocht wordt:
1. De kracht van woorden in middeleeuws Ierland (Universiteit van Amsterdam)

2. Religieuze eenheid-speelse tweeheid. De mens en zijn werkelijkheid als referentiekader voor religie en spel (Vrije Universiteit)

3. Vergelijking van protestantse en katholieke uitvaartliturgieën (Radboud Universiteit Nijmegen)

4. Breuklijn 1700. Vroege gesprekken in de Verlichting over religie en staat (Universiteit Utrecht)

5. Reproduceren van 'Japanse' materiële religie in Kinshasa (Universiteit Utrecht)

6. Moslims en religieuze diversiteit (Universiteit van Tilburg)

7. Christelijke Kabbala in de late middeleeuwen (Universiteit van Amsterdam)

8. Fictieve religies: vorm en ontvangst van uitgevonden godsdiensten in fictie (Univ. Leiden)

undefined

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden