Reizen

Het mysterie van de verdwenen Griekse stad

Beeld Johan Nebbeling

Verborgen onder meters lava op het toeristeneiland Santorini ligt een van de grootste raadsels van de vroege Europese geschiedenis: de ruïnes van het Griekse Pompeï.

Van een aardbevinkje meer of minder lagen de bewoners van het vulkaaneiland niet wakker. Hun stad schudde wel vaker op haar grondvesten. Dan gingen ze gewoon de zee op en wachtten af tot de aarde bedaarde.

Zo ook op die dag in 1630 voor Christus. Na de laatste beving waren de stedelingen druk bezig de schade te herstellen toen de vulkaan begon te roken. Niets aan de hand: ze hadden nog tijd om scheep te gaan en naar het westen te zeilen.

Maar de uitbarsting was heviger dan iemand ooit had meegemaakt. De schepen werden ingehaald door giftige gassen; iedereen aan boord kwam om. In één klap kwam er een einde aan een bloeiende beschaving, de stad raakte voor 35 eeuwen verborgen onder metersdikke lagen lava, haar bestaan werd uit het collectieve geheugen gewist.

Of het precies zo is gegaan, weet professor Christos Doumas (83) niet zeker. Hij is er niet bij geweest. “Maar”, zegt hij, “we kunnen het afleiden uit wat we wel en vooral wat we níét hebben gevonden. Geen lichamen, wat duidt op een tijdige evacuatie. Wel veel huisraad en andere spullen in de straten. Kennelijk waren de mensen druk aan het opruimen toen de uitbarsting zich aandiende.”

Grijze ruïnes onder een afdak. Gebouwen met meer verdiepingen en - revolutionair voor die tijd - vensters. Straten en steegjes vol kruiken, gereedschap, meubels en keurige stapels stenen; een 3500 jaar oud toilet in een muur, ooit aangesloten op een rioleringssysteem van aardewerken pijpen die qua vorm exact lijken op moderne rioolbuizen.

Beperkte kennis

Al meer dan veertig jaar geeft Doumas, een vieve oude baas met pretoogjes, leiding aan de opgravingen van Akrotiri. Niemand weet meer van deze onbekende archeologische goudmijn dan hij. Maar ook zijn kennis is beperkt, geeft hij grif toe. “We weten eigenlijk amper iets. Niet hoe deze mensen zichzelf noemden, welke taal ze spraken, hoe hun stad heette, wie hun goden waren en hoe hun dagelijks leven eruitzag. Deze stad is één groot raadsel.”

Wat archeologen wel uit vondsten hebben kunnen afleiden, is dat de bewoners zeevarende kooplieden waren, vooral actief in de koperhandel. Eerst koper van Kreta, destijds het centrum van de minoïsche beschaving, en toen de mijnen daar uitgeput raakten koper van Cyprus.

Ze bezeilden de Middellandse Zee en dreven handel met de Egyptenaren, toentertijd hét wereldrijk. Doumas: “De enige geschreven bronnen die naar deze mensen verwijzen zijn Egyptische. Die spreken over ‘de varende handelaren van het eiland midden in de zee’.”

De handelaren hadden een eigen schrift, blijkt uit twee kleitabletten die in een van de ruïnes zijn gevonden. Het zijn vermoedelijk voorraadstaten, maar het schrift is nog niet ontcijferd.

Het onderzoek naar de stad is als tasten in het duister. “We hebben geen flauw idee van de omvang van de stad”, zegt de professor. “De dikke lavalaag is ondoordringbaar voor radar. We vermoeden dat we bij toeval het centrum hebben ontdekt, omdat we vooral grote gebouwen hebben gevonden en geen werkplaatsen, smederijen of potten-bakkerijen. Toch moeten die er geweest zijn, net als een bijvoorbeeld een haven. We kunnen alleen meer te weten komen door te graven.”

En dat kost kapitalen - die er niet zijn. Geldgebrek was er zelfs de oorzaak van dat de opgravingen jarenlang stil hebben gelegen. Dankzij een financiële injectie van de Russische internetmiljardair Eugene Kaspersky, die bij een bezoek aan Akrotiri gefascineerd raakte door de ruïnes, kan er weer een tijd verder worden gewerkt.

Maar graven is voorlopig niet aan de orde, zegt Doumas. “Elke opgraving is per definitie destructief. Onze prioriteit is nu om dat wat we de afgelopen decennia hebben blootgelegd te behoeden voor verval.” Om te beginnen wordt daarom met Kaspersky’s geld onderzocht hoe de broze muren van de bestaande ruïnes kunnen worden verstevigd.

Een ander deel van het geld gaat naar de restauratie van wat waarschijnlijk de grootste schatten van de stad zijn: de fresco’s. Tientallen zijn er gevonden. Dat wil zeggen: hun overblijfselen. De fresco’s zijn van de muren losgekomen en verpulverd op de vloeren beland.

Monnikenwerk

De restauratie is een verbijsterend monnikenwerk. In een laboratorium bij het opgravingsterrein passen restaurateurs al die miljoenen kleine stukjes en steentjes nauwgezet aaneen. “Het is alsof je een enorme puzzel aan het maken bent zonder te weten van welke afbeelding”, zegt Doumas.

De restauratie is ook een werkgelegenheidsproject voor jongeren van het eiland. “We bieden ze een baan en een gedegen opleiding waarmee ze overal in hun levensonderhoud kunnen voorzien”, vertelt Douma. “Inmiddels is de vierde generatie aan de slag. In de loop der jaren hebben ze een onbetaalbare hoeveelheid kennis en vaardigheden opgebouwd.”

Een aantal grotendeels gerestaureerde muurfresco’s is te zien in het museum van de hoofdstad Fira en in het depot bij de opgravingen, waar ze op grote stalen frames hangen. De fresco’s zijn van een adembenemende schoonheid en gratie, met klare, subtiele lijnen en heldere, levendige kleuren, dankzij het gebruik van kleurvaste minerale kleurstoffen. Doumas: “Nergens anders ter wereld vind je dit soort afbeeldingen. Kijk maar eens naar de figuren; dit zijn Europeanen met een blanke huid en steil haar. De bewoners van de stad beeldden zichzelf af. Zó zagen ze eruit.”

De meeste taferelen zijn uit het dagelijks leven gegrepen: schepen op zee met volle zeilen, roeiers, mensenmassa’s die vanaf de gebouwen de aankomst van de vloot gadeslaan, vissers, planten, dieren, jonge vrouwen met sieraden, soldaten met speren, onderhandelaars in gesprek.

Op een afbeelding brengen twee naakte en kaalhoofdige tieners een oudere man eten en drinken, wat mogelijk een verwijzing is naar een initiatieritueel.

(Tekst gaat verder onder de afbeelding) 

Beeld Johan Nebbeling

Het topstuk is ‘de grote godin’, een forse vrouw, geflankeerd door een griffioen, die op een verhoging korenaren aanneemt die een aap uit de mand van een andere vrouw heeft gepakt. “Dat zijn allemaal sterke aanwijzingen dat deze vrouw een godin voorstelt”, zegt Doumas. “Mogelijk verwijst de afbeelding naar een samenleving waarin de vrouwen superieur of minstens gelijkwaardig waren aan de mannen. Maar omdat dit het enige fresco is dat we tot nu toe hebben gevonden met vermoedelijk een religieus motief, weten we ook dit niet zeker.”

En met een ontwapenende lach: “Het zal nog tientallen, misschien wel honderden jaren duren voor we het raadsel van Akrotiri hebben ontsluierd - als dat al ooit lukt. Zelf zal ik dat niet meer meemaken. Jammer? Welnee, zo gaat dat in mijn beroep. En ik heb hier een fantastische tijd gehad.”

Akrotiri

De ruïnes van Akrotiri liggen in het zuiden van het eiland Santorini, door de oude Grieken Thera genoemd. De stad behoorde tot de minoïsche beschaving, die zich van circa 3000 tot 1400 voor Christus vanaf Kreta over grote delen van de Middellandse Zee verspreidde. Bij een grote vulkaanuitbarsting in 1615 voor Christus - volgens berekeningen vier keer krachtiger dan die van de Indonesische Krakatau in 1883 - werd de stad bedolven onder een dikke laag lava en as. Dat is de reden dat de gebouwen en gebruiksvoorwerpen in zo’n uitzonderlijk goede staat verkeren.

Het bestaan van de stad was onbekend totdat de Franse ingenieur De Lesseps halverwege de 19de eeuw de vulkanische as van Santorini ging gebruiken voor de versterking van de oevers van het Suezkanaal. Eind 19de eeuw legden Franse archeologen meer ruïnes bloot, maar pas vanaf 1967 kwam het graafwerk echt goed op gang. Vijftig jaar later is nog slechts een klein deel opgegraven. Maar zelfs die beperkte excavaties laten zien dat hier een uitzonderlijk hoge beschaving wortelde, die in veel opzichten waarschijnlijk niet onderdeed voor die van de Egyptenaren. De stad is nog altijd met veel raadselen omgeven, maar het verhaal dat dit de mythische stad Atlantis zou zijn, kan naar het rijk der fabelen worden verwezen.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden