Het Museum van Rijk

Ik hoef niet ver te lopen om het omstreden nieuwe logo te zien: RIJKS MUSEUM met spatie. Misschien is het nieuws voor de komkommertijd, terwijl het dat met de verkiezingen in het vizier natuurlijk in de verste verte niet is, maar ik ben het volstrekt eens met de tegenstanders: het is geen gezicht. En natuurlijk komt het vooral door die bespottelijke spatie. Wie vanaf het Museumplein aan komt lopen, krijgt te lezen dat hij het Museum van Rijk (de Gooyer?) nadert. De verklaring van de ontwerpster dat ze een toespeling heeft gemaakt op het koosnaampje van het Rijksmuseum, het Rijks, slaat natuurlijk nergens op. Koosnaampjes zijn er juist om liefkozend in de wandelgangen te worden uitgesproken, die plak je niet pontificaal op de gevel. Dat is net zoiets als in officiële akten te spreken van Prins Pils of de voornaam van premier Willem Drees te veranderen in Vadertje.

Over het Rijks gesproken, kennelijk kleeft dat soort afkortingen vooral musea aan, allicht om de ietwat plechtige en opvoedkundige uitstraling van zulke instituten wat te dempen: het Stedelijk, het Boymans. Ook voor scholen gaat het op: Het Marnix, het Vossius. Taalkundig morfoloog Marc Oostendorp merkt in een column op internet op dat we het bijvoorbeeld niet over de Rijks hebben als we de Rijksstraatweg bedoelen. En, voeg ik eraan toe, ook niet over het Rembrandt in plaats van het Rembrandtplein. Toch zeg ik wel eens 'ik woon in de Frans van Mieris', en dan bedoel ik dus niet een schilderij van Van Mieris. Zo stemt zo'n lelijk opschrift toch nog tot overpeinzing, dat wel. Wie wil provoceren krijgt zijn zin. Maar eerlijk gezegd stoort de uitvoering van het logo mij nog meer dan de vermaledijde spatie. Het witte vlak, alsof iemand een willekeurig plakkertje op het Rijks heeft geplakt, en vooral de schreefloze letter. Ik heb een hekel aan schreefloze letters. Schreefloze letters horen thuis in het wijkkrantje, in de folder van de Kiloknaller, maar niet op 's lands nationale schatkamer. Ik snap wel dat dit een onverdraaglijk conservatief standpunt is maar een negentiende-eeuws gebouw waarop talloze schildersnamen van bladgoud zijn verwerkt in fraaie lijsten verdient iets beters dan een schreefloze sticker op zijn voorhoofd, wat voor excuus je er ook voor bedenkt.

Eerlijk gezegd dacht ik aanvankelijk dat het bord er opgehangen was door de aannemer van de verbouwingen, om zijn werknemers en belangstellenden te vertellen waar hij precies mee bezig was. Maar nu dit het definitieve naambord blijkt te zijn, behorend bij het vernieuwde Rijksmuseum dat over een tijdje weer opengaat, wordt het tijd om de klachtenlijn te bellen en onze afschuw uit te spreken. De politieke partijen hebben zich er nog niet over uitgesproken maar me dunkt dat hier mooie winst valt te behalen met wat culturele behoudzucht.

Ik vrees intussen dat het op den duur gaat wennen. Zo gaat het nu eenmaal met dingen, ook lelijke dingen. Sla dus toe nu u nog niet gewend bent. Hang er uw Nachtwacht-behang voor, of plak er een fresco overheen. Straks is het te laat.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden