Het lot van de chemiepoot van AkzoNobel is ongewis bij koper Carlyle

Het hoofdkantoor van The Carlyle Group in Washington. Beeld EPA

Akzo verkoopt zijn chemiepoot aan de Amerikaanse investeringsmaatschappij Carlyle. Doorgaans verkoopt Carlyle zijn aankopen snel weer door met een forse winst.

Als een groot Nederlands bedrijf(sonderdeel) wordt verkocht aan een buitenlandse partij kan dat tot een hoop reuring leiden. Maar er viel geen onvertogen woord toen AkzoNobel zijn chemiedivisie verkocht aan een Amerikaanse investeerder. Eigenlijk is dat vreemd. En wat gaat die investeerder met die chemiepoot doen?

Hoezo vreemd? Wie interesseert het wie de eigenaar is van een chemiebedrijf?

Chemie is niet sexy. Bovendien maakt de chemiepoot vooral producten voor andere bedrijven: die hebben Akzo’s chemicaliën nodig voor de fabricage van, bijvoorbeeld, papier, voedingsmiddelen en beton. Aaibaar is het allemaal niet. Maar er is een andere kant. Er werken in Nederland zo’n 2400 mensen voor AkzoNobel Special Chemicals. De chloorfabrieken in de Botlek en Delfzijl, en de zoutfabriek in Hengelo – een begrip toch – vallen eronder. De chemiepoot maakt wegenzout en Jozo-zout. Jozo is in vrijwel alle Nederlandse keukenkastjes te vinden.

Nederlandse keukenkastjes staan vol met artikelen van bedrijven met buitenlandse eigenaren.

Klopt. Toch is hier wat bijzonders aan de hand. Toen de Amerikaanse verffabrikant PPG een bod op AkzoNobel deed, verzette de Akzo-top zich hevig. Toenmalig topman Büchner en president-commissaris Burgmans zetten PPG neer als een typisch Amerikaans bedrijf dat alleen oog heeft voor zijn aandeelhouders. Terwijl AkzoNobel, naar hun zeggen, ook pal stond voor zijn werknemers, klanten, leveranciers en de maatschappij als geheel. Zo appelleerden ze aan de nationale en de sociale gevoelens van de Nederlander. In hun kielzog deden politici en vakbonden dat ook.

De overname door PPG ging niet door. Maar om Akzo’s aandeelhouders te plezieren werd de chemiedivisie in de etalage gezet. De opbrengst van de verkoop wordt grotendeels aan aandeelhouders uitbetaald. En de koper is geen Nederlands of Europees bedrijf met veel gevoel voor werknemers, klanten, leveranciers en de maatschappij als geheel. Het is een grote Amerikaanse investeringsfirma, Carlyle, die handelt in bedrijven.

Dat riekt naar...

Opportunisme, ja. Maar het gekke is dat niemand daarover is gevallen. Al heerst er bij de vakbonden wel enige vrees. Amerikaanse investeringsfirma ’s staan niet bekend om hun werknemersvriendelijkheid.

Is die vrees terecht?

Volgens  de nieuw Akzo-topman Thierry Vanlancker, de opvolger van Büchner, niet. Het bod van Carlyle was het beste voor iedereen, zei hij. Garanties over de werkgelegenheid heeft Carlyle niet gegeven en Carlyle heeft ook niet beloofd dat het de chemiepoot intact laat. Maar Vanlancker zei sterk de indruk te hebben dat het Carlyle om de hele chemiepoot gaat, dat Carlyle streeft naar groei en ‘lang’ eigenaar zal blijven.

Hoe lang is lang?

Dat zei Vanlancker niet. Maar veel langer dan een jaar of vijf zal het niet zijn. Carlyle is een investeringsbedrijf. Zo eens in de zoveel tijd opent het een fonds. Beleggers - rijke particulieren en pensioenfondsen – stoppen daar geld in. Met dat geld gaat Carlyle aan de slag. Het koopt (belangen in) bedrijven om die later door te verkopen.

Vaak heeft zo’n fonds een looptijd van tien jaar. Dat wil zeggen dat beleggers binnen tien jaar hun geld terugkrijgen. Bedrijven die zijn gekocht met het geld uit dat fonds moeten dus binnen tien jaar zijn doorverkocht. Akzo’s chemiepoot is gekocht met geld uit twee Carlyle-fondsen. Het ene bestaat pas, het andere sinds 2014. Overigens is er ook een Singaporese investeerder die met Carlyle meedoet.

Een tijdelijke eigenaar dus?

Dat is zeker. Met het geld uit het fonds dat in 2014 van start ging, kocht Carlyle in 2015 een Italiaanse producent van liften en lift-onderdelen. Snel daarna fuseerde die met een Duits bedrijf en in 2017 werd het geheel verkocht. Winkelketen Hunkemöller, bekend van zijn lingerie, werd in 2016 gekocht. Geruchten gaan dat Carlyle Hunkemöller binnenkort naar de beurs brengt.

Carlyle gaat voor de hele korte termijn?

Soms wel. In 2013 kocht het Beats Electronics, het koptelefoonbedrijf van rapper Dr. Dre. Negen maanden later werd dat doorverkocht aan Apple, naar verluidt met forse winst. HES, een Nederlands bedrijf dat overslag van kolen en olieproducten verzorgt, is onlangs verkocht. Carlyle had het nog geen vier jaar in bezit. Ook Axalta, de Amerikaanse verffabrikant waarmee AkzoNobel vorig jaar nog wilde samengaan, was maar kort van Carlyle. Het werd gekocht in 2013, ging een jaar later naar de beurs en daarna bouwde Carlyle zijn belang af. Naar verluidt ook met een forse winst. Uit Carlyle’s website blijkt dat 26 bedrijven die na 2012 zijn gekocht al weer verkocht zijn. Maar er zijn ook bedrijven waar Carlyle langer dan vijf jaar (mede-)eigenaar van is.

Wat staat de chemietak te wachten?

Optie 1 is dat Carlyle de chemietak in delen gaat verkopen. Optie 2 is de liftbedrijf-optie: samengaan met een andere chemieproducent en dan doorverkopen. Maar Carlyle kan de chemiepoot ook zelfstandig laten doorgroeien, zoals Vanlancker suggereerde. Ongetwijfeld heeft Carlyle zijn plannen al klaar. Maar de investeerder heeft die niet met de buitenwacht gedeeld. Het kan zijn dat Carlyle probeert zo veel mogelijk geld uit het bedrijf te wringen. Maar een scenario als bij Axalta is ook denkbaar. Daar werden, beschreef persbureau Bloomberg, 80 van de 120 topmanagers de laan uit gestuurd, kreeg het management opdracht nieuwe markten aan te boren met een forse groei van omzet en winst als gevolg.

Moeten AkzoNobels (ex-)werknemers meeprofiteren van de verkoop van AkzoNobels chemiepoot? Ja, vinden de vakbonden. Ze eisen dat AkzoNobel 400 miljoen euro stort in de kas van het pensioenfonds. Volgens de bonden heeft het fonds onvoldoende vermogen en is van indexering al jaren geen sprake: de pensioenen houden de inflatie niet bij, waardoor de koopkracht van de deelnemers is gedaald.  De verkoop van de chemiepoot levert Akzo zo'n 7,5 miljard euro op.

AkzoNobel stelt dat het om boekhoudkundige reden niet kan bijstorten. Sinds 2005 staat het pensioenfonds los van AkzoNobel. Als Akzo geld in het fonds zou storten, zou het die verzelfstandiging in wezen ongedaan maken. Met een hoop financiële consequenties als gevolg. De bonden laken die uitleg. “Akzo beroept zich op een of andere geheimzinnige accountantsverklaring. Een verkeerde grap”, stelt CNV-bestuurder Arthur Bot.

AkzoNobel kwam deze week wel met nieuwe cao-voorstellen. Werknemers van de verfpoot krijgen er in 2018 en 2019 2,5 procent loon bij, plus een extraatje van 2000 euro. Werknemers van de chemiepoot krijgen twee loonsverhogingen van 3 procent plus een extraatje van 2500 euro. De bonden accepteren de voorstellen niet. Bot: “Akzo speelt op de korte termijn en draait zijn werknemers een rad voor de ogen. Akzo moet zich niet alleen om zijn aandeelhouders bekommeren."

Lees ook: Na een roerig jaar wil AkzoNobel nu vooral terug naar normaal

AkzoNobel lijkt weer rustige tijden tegemoet te gaan. Na een roerig 2017 kan de (nieuwe) leiding zich weer richten op zijn normale taken: meer verven en lakken verkopen.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden