Het lijkt er meer op dat God schiep

Het 'scheppen' uit Genesis moet 'scheiden' zijn, zegt Ellen van Wolde. Maar is haar vondst wel zo nieuw?

Nieuwe vondsten in de wetenschap zijn altijd van groot belang. Zij bevorderen een toegenomen kennis en een beter begrip van de wereld. Trouw maakte op 8 oktober melding van een vondst van professor Van Wolde uit Nijmegen. Volgens haar zou het Hebreeuwse werkwoord bara dat onder meer in Genesis 1:1 wordt gebruikt, niet ’scheppen’ maar ’scheiden’ betekenen. Haar vertaalvoorstel heeft ook gevolgen voor de Bijbelse visie op het begin van de wereld. Maar: is dit wel zo nieuw? En kan wat Ellen van Wolde laat zien wel een vondst worden genoemd?

Reeds in 1817 opperde de beroemde hebraïst Wilhelm Gesenius dat ’scheiden’ de oorspronkelijke betekenis van het werkwoord bara zou kunnen zijn. Voor die opvatting heeft hij sporadisch enkele navolgers gekregen. Er is echter een onderscheid tussen oorspronkelijke en actuele betekenis. (Het Nederlandse woord ’tuin’ bijvoorbeeld. is afgeleid van een woord dat oorspronkelijk ’omheining’ betekent – zie het Duitse ’Zaun’.) Volgens Gesenius kan de oorspronkelijke betekenis ’scheiden’ zijn geweest, maar was de toenmalige actuele betekenis ’scheppen, iets nieuws maken’.

Dit sluit niet uit, dat bara ’scheiden’ als actuele betekenis zou kunnen hebben. Maar dat moet je dan wel aannemelijk maken. Daarin schiet Van Wolde tekort. Hier zijn drie opmerkingen te maken. Ten eerste ziet zij voorbij aan een vergelijkend aspect. In talen die nauw aan het Hebreeuws verwant zijn, betekent bara ’bouwen, maken’. Er zijn talloze oud-oosterse teksten aan te voeren waarin de schepping als ’bouwen’ beschreven wordt. Van Wolde gaat daar niet op in.

Anders gezegd: zij omzeilt gegevens die tegen haar these ingaan.

Ten tweede is het van groot belang, dat de optekening van Genesis 1 van later datum is dan veel van de profetische boeken van de Hebreeuwse Bijbel. Van Wolde deelt deze visie ook, maar ziet voorbij aan de consequenties. Bij de profeten komt bara niet voor in de betekenis ’scheiden’. Bij de profeten staat bara namelijk steeds parallel aan werkwoorden voor ’vormen’, ’maken’, ’uitspannen van een meetlint’, etc. Die parallellie geeft aan dat de woorden synoniem zijn. Nu zijn er in het Hebreeuws ook woorden voor ’scheiden’. Eén daarvan is het werkwoord badal. Dit werkwoord wordt in Genesis 1 gebruikt, wanneer God scheiding maakt tussen licht en donker (1:4) en tussen de wateren onder en boven het firmament (1:7). Nergens komt bara in parallellie met badal voor. Kortom, voor de schrijver(s) van Genesis 1 lag er geen woord bara ’scheiden’ op de leesplank.

Een derde punt is een belangrijke spelregel in de taalkundige betekenisleer. Die komt hierop neer: Wil je dat in taal A een woord W betekenis Y heeft, ook als iedereen vindt dat W met X moet worden vertaald? Dan moet je een voorbeeld vinden in een andere tekst in dezelfde taal A. In die tekst moet het woord W betekenis Y hebben. Van Wolde doet een poging daartoe. Haar voorbeelden van teksten buiten Genesis 1 waar bara ’scheiden’ zou kunnen betekenen, zijn echter geenszins overtuigend. De onderbouwing van die bewering vergt een technisch betoog, dat we graag in een wetenschappelijk tijdschrift willen leveren. Eén voorbeeld: in Jesaja 45:18 staat „Dit zegt de HEER, die de hemel geschapen heeft” (NBV). Bij Van Wolde wordt dat: „Degene die de hemel scheidde (van de aarde)”. Om tot een vertaling met ’‘scheiden’ te kunnen komen, voegt zij een tweede voorwerp - de aarde - toe. Dat heet datamassage.

Kortom, haar betoog mist wetenschappelijke degelijkheid. De argumenten rechtvaardigen niet haar conclusie dat het Hebreeuwse werkwoord bara in Genesis 1 ’scheiden’ betekent.

Een korte opmerking over scheppingstheologie. Ook hier is weinig nieuws onder de zon. Van Wolde komt vanuit haar vertaling tot de idee dat Gods handelen aan het begin gezien moet worden als een strijd tegen de machten van het kwaad. Die gedachte bestaat echter al heel lang. Reeds Augustinus rekte de gedachte van een schepping-uit-het-niets zover op, dat de strijd tegen de machten van het kwaad onderdeel is van de schepping. Deze gedachte is door Karl Barth overgenomen en uitgewerkt in zijn leer over ’‘Das Nichtige’. Oudtestamentici spreken al meer dan 100 jaar over creatio contra nihilum als typering van Genesis 1.

De beweringen van Ellen van Wolde zijn dus niet nieuw en kunnen zeker niet als vondst worden aangeduid.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden