Het lege midden van de politiek

de kloof De mondialisering creëert winnaars en verliezers, zet Joop van Holsteyn uiteen. Deel vijf in een serie over de groeiende kloof tussen bevolkingsgroepen.

Enkele weken kalmte en vervolgens het spel op de wagen. Na de zomerperiode zullen politici in hun opstelling en gedrag steeds vaker het oog op maart 2017 richten. En anders zullen de media hun doen en laten wel in dat verkiezingslicht plaatsen. Het electoraat, ten slotte, ziet dat schouwspel in de politieke arena aan om op de dag van de Kamerverkiezingen het rode potlood te hanteren en aan te geven wie als het ware mag blijven en wie beter kan gaan.

Wat de uitkomst van die beslissing van het Nederlandse electoraat zal zijn, staat nog lang niet vast. Opiniepeilingen geven weliswaar een indruk, maar gepeilde voorkeuren zijn geen daadwerkelijk stemgedrag. Maart 2017 is in de politieke tijdsrekening daarenboven nog heel ver weg.

Dat nog weinig vaststaat over wat we gaan beleven op de avond van 15 maart 2017, heeft uiteraard te maken met enkele voor kiezers en kiesgedrag relevante ontwikkelingen van de afgelopen decennia. Kort en (te) bondig: de stabiele verzuilde kiezer heeft plaatsgemaakt voor de van groepsdruk verloste ontzuilde burger. Het electoraal uitdrukking geven aan groepsidentiteit heeft voor de meeste kiesgerechtigden plaatsgemaakt voor een overwogen keuze. Stemmen is kiezen geworden. Wat overigens iets anders is dan zeggen dat kiezers maar wat doen en met alle winden meewaaien.

In de eerste periode na de (electorale) verzuiling was duiding van kiesgedrag in termen van links en rechts informatief. Links versus rechts zou staan voor de gewenste mate van overheids- of staatsoptreden in het sociaal-economisch leven. Partijen konden worden gepositioneerd op een dominante denkbeeldige links-rechtsdimensie. Kiezers zouden stemmen op die partij die het meest nabij de eigen plek op die dimensie was. En omdat maar weinig kiezers een extreme positie in termen van links en rechts innamen en velen naar het centrum tendeerden, bleef dat politieke midden drukbezet.

undefined

Nieuwe scheidslijnen

Echter, hierin is verandering gekomen. Maatschappelijke en politieke ontwikkelingen brachten nieuwe scheidslijnen, ook in Nederland. Denk daarbij aan mondialisering en Europeanisering. De populaire mondialiseringsthese stelt dat de groeiende verwevenheid en onderlinge afhankelijkheid van landen op economisch, cultureel en politiek gebied vergaande gevolgen heeft voor politiek en bestuur op nationaal niveau. En voor burgers en hun kiesgedrag.

Op de gevolgen van mondialisering wordt door partijen op uiteenlopende manieren gereageerd. Die gevolgen pakken voor diverse groepen burgers anders uit. Open grenzen nemen nemen voor sommigen obstakels weg. Mensen met een hogere opleiding en ook overigens in het bezit van voldoende (sociaal) kapitaal, profiteren van nieuwe mogelijkheden. Voor anderen is diezelfde toegenomen internationale verwevenheid een bedreiging, bijvoorbeeld in de vorm van toegenomen concurrentie op de woning- en arbeidsmarkt. Bij deze groep 'verliezers' gaat het vaak om burgers met een zwakkere sociaal-economische positie.

Er zijn, kortom, winnaars en verliezers van mondialisering. In Nederland manifesteert de nieuwe kloof zich rondom Europese integratie en de komst en integratie van immigranten en etnische minderheden, zeker als het om moslims gaat. Meningen over deze twee vraagstukken clusteren bovendien samen. Waarbij het lastig lijkt om in genuanceerde tinten grijs te denken, waardoor het politieke midden het extra moeilijk heeft.

Met het CDA heeft daar last van. In links-rechtstermen nam die partij, die inhoudelijk een gematigd rechtse positie innam, tussen PvdA en VVD welhaast per definitie een middenpositie in. Met de veranderingen in de politieke ruimte is die positie zo goed als verloren gegaan - er valt bij het bestaan van nieuwe scheidslijnen minder dan vroeger te buigen naar links dan wel rechts. Het gaat veeleer om de tegenstelling tussen gene en deze zijde van de door mondialisering geslagen kloof.

undefined

Ironisch scenario

De afgelopen jaren was het met name de PVV die zich opwierp als politieke pleitbezorger van de verliezers van het proces van mondialisering. De PVV versus de rest, veelal. Niet altijd met electoraal succes trouwens, bijvoorbeeld omdat conventioneel 'links versus rechts' in een tijd van financieel-economische crisis een zwaar stempel op kiezers en verkiezingen zette.

Als de huidige coalitie van VVD en PvdA slaagt in haar opzet en Nederland er economisch bovenop weet te krijgen, dient zich een bitter ironisch scenario aan. Dan zakken, als in 2002, de links-rechts-problemen verder weg op het lijstje van aan te pakken problemen. Dan winnen vraagstukken rondom EU, minderheden en islam aan urgentie, en zal blijken hoe diep de nieuwe kloof reeds is. Een kloof die een nieuwe constellatie laat zien, waarin voor een politiek midden van enige omvang geen ruimte is en die traditionele middenpartijen noodzaakt de eigen positionering te heroverwegen.

undefined

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden