Het laatste stukje wildernis

Greenpeace dropte gisteren voor de tweede keer zwerfkeien in de Noordzee. Om het bedreigde zeeleven op de Klaverbank een handje te helpen.

Rubberbootjes brengen de duikers naar de plek waar de steen zou moeten liggen. Het zeeoppervlak is groen en kalm. Zeven duikers plonzen in de amorfe soep. Een half uur later komen ze één voor één weer boven. "De steen! Ik heb hem gezien!", klinkt het dan opeens. Nog voor de duiker terug is aan boord, is iedereen op de hoogte. Het rubberbootje sleept hem naar het grote schip. Daar wordt hij aan boord getakeld. Duik nummer vijf zit erop.

Terug aan boord geeft Peter van Bragt alle bemanningsleden een high five. De bioloog en amateurduiker heeft zojuist gezien waar het deze week allemaal om te doen is: de 27 stenen die Greenpeace vier jaar geleden naar de bodem van de Klaverbank in de Noordzee liet afzinken. De zwerfkeien moesten vissers, die met hun vangsttechnieken de bodem omwoelen, het werk beletten. Afgelopen week onderzocht de milieuorganisatie met duikers, wetenschappers, onderwatercamera's en sonar of de zeebodem zich sinds 2011 heeft hersteld. Het resultaat is veelbelovend.

Greenpeace liet gisteren opnieuw een aantal grote stenen op de zeebodem achter. De actievoerders willen zo een bijzonder stukje Nederland opnieuw onder de aandacht brengen. De Klaverbank ligt op 110 zeemijl (160 kilometer) uit de kust en is 1200 vierkante kilometer groot, ongeveer twee procent van het Nederlandse continentaal plat. Het grindgebied is een eindmorene van een voormalige gletsjer en heeft een voor Nederland unieke bodemsamenstelling. Het gebied herbergt meer dan tweehonderd diersoorten.

"De Oostvaardersplassen worden dan wel de nieuwe wildernis genoemd, maar hier ligt nog een stukje echte wildernis. Er zitten hier tientallen vissoorten die uniek zijn voor deze regio. Veel van de plant- en vissoorten horen hier thuis. Dat zie je tegenwoordig nergens meer. In de Westerschelde is nog maar vijf procent van de soorten autochtoon. We moeten meer doen om dit gebied te beschermen."

Ondertussen keren de duikers tevreden terug aan boord. De onaangetaste stukken Klaverbank tonen een kleurige, bijna exotische onderwaterwereld. Zo is een tapijt van het koudwaterkoraal dodemansduim te zien en zijn unieke slakken- en kreeftensoorten in overvloed aanwezig. "Veel van het koraal is vier, hooguit vijf jaar oud", aldus Van Bragt. "De bodem is al veel rijker dan tijdens eerdere duiken, maar het duurt nog zeker tientallen jaren voordat hij helemaal hersteld is."

Reservaten

Om het herstel te bespoedigen wil Greenpeace dat op verschillende plekken in de Noordzee zeereservaten worden ingevoerd. Op die plekken zou niet of beperkt mogen worden gevist. Ook zandwinning of het bouwen van windmolenparken is er niet toegestaan.

Bij staatssecretaris Sharon Dijksma (economische zaken) vond de milieuorganisatie afgelopen jaar gehoor. In augustus wees Dijksma, op aandringen van de Europese Commissie, de Klaverbank, de Doggersbank en het Friese Front aan als beschermd Natura 2000-gebied. De bescherming geldt alleen voor een deel van de gebieden. Maatregelen volgen later dit jaar.

Hoog tijd, vindt hoogleraar mariene ecologie Han Lindeboom. Hij bestudeert de natuurgebieden op de Noordzee. "Het zijn allemaal belangrijke ecologische gebieden, vanwege hun verschillende bodems, temperatuur, stromingen en diersoorten. De Doggersbank is een ondiepe zandbank waarin schol en kabeljauw goed gedijen. Het voedselrijke Friese Front wordt jaarlijks door tienduizenden zeekoeten bezocht. Ze brengen er hun jongen groot."

Nu er nog over de hele Noordzee gevist mag worden, is de biodiversiteit van gebieden als de Klaverbank, de Doggersbank en het Friese Front in gevaar. Voor sommige dieren en planten komen de maatregelen te laat. "Er is al ontzettend veel verdwenen. De grindbanken bij de kust zijn al voor een groot deel geoogst en de oesterbanken zijn zelfs bijna helemaal verdwenen, terwijl ze een belangrijke ondergrond zijn voor anemonen en koralen. Met veel haaien gaat het niet goed. Roggen zijn in het Nederlandse kustgebied bijna allemaal weg."

Lindeboom wil daarom dat nu eindelijk wordt doorgepakt. "Ik ben voor de invoering van drie of vier grote zeereservaten. In totaal zou je een kwart van de Noordzee moeten beschermen. De geplande zeereservaten zijn veel te versnipperd. Ze zijn ook nauwelijks te controleren. Je kunt er immers geen hek omheen zetten zoals op land."

Streng

In het Australische Great Barrier Reef bleken halve maatregelen niet te werken: als in een gebied hengelvisserij nog is toegestaan, herstelt het niet genoeg, zegt Lindeboom. "Alleen als we streng zijn kunnen we het hele ecosysteem herstellen, inclusief grote roofdieren zoals roggen en haaien."

Zover zal het voorlopig niet komen. Omdat de visserij dwars blijft liggen, is het oppervlak dat beschermd gaat worden, veel kleiner dan natuurorganisaties willen. Volgens Pim Visser van visserijorganisatie VisNed zijn zeereservaten in de Noordzee helemaal niet nodig. Er wordt steeds vaker op duurzame wijze gevist, zegt hij. "De boomkor wordt bijna niet meer gebruikt, de kottervloot is de laatste jaren gehalveerd en sommige visstanden zijn nog nooit zo hoog geweest. De vissen die we vangen zijn ook een stuk groter dan een paar jaar geleden."

De Internationale Raad voor Onderzoek der Zee (ICES) geeft Visser deels gelijk. Een aantal vissoorten in de Noordzee is in de afgelopen jaren toegenomen. De stand van de volwassen schol is met 670.400 ton in 2014 het hoogst sinds 1957, toen die voor het eerst gemeten werd. Ook de haring en de tong nemen in aantal toe. De Europese Commissie scherpte bovendien de regels voor het vissen aan. Vangstquota werden omlaag geschroefd en jonge vissen moeten vaker met rust worden gelaten.

"Er is helemaal geen bewijs dat zeereservaten nut hebben in de Noordzee", gaat Visser verder. "In Noorwegen en Australië heeft het misschien geholpen, maar dat wil niet zeggen dat het in de Noordzee ook werkt. We moeten de Noordzee meer als een geheel gaan zien. Wat maakt het uit als bruinvissen van de Nederlandse wateren naar de Engelse zwemmen?"

Van Bragt moet er niet aan denken. Hij geniet op het dek na van het resultaat van zijn laatste duik. Zijn draagbare aquarium is inmiddels gevuld met zee-egels, kreeftjes en - zijn favoriet - piepkleine naaktslakjes.

Vangsttechnieken als de boomkor en de pulswing vormen een bedreiging voor de natuur

De visserij vormt op twee manieren een bedreiging voor de natuur. Er wordt zoveel vis gevangen, dat soorten uitsterven. Met vangstquota moet dat probleem worden opgelost.

Het tweede probleem is dat sommige vangsttechnieken de bodem aantasten. Dat geldt met name voor de boomkor. Dat is een stalen balk met kettingen die over de bodem wordt gesleept en de bodem omploegt. Het net hangt daarachter. De kettingen doen de vissen opspringen; het net schuift eronder.

Steeds vaker wordt de pulswing gebruikt: het net hangt achter een vleugel die iets boven de bodem scheert. De vis wordt opgeschrikt met stroomstootjes. De pulswing wordt door de Europese Commissie alleen toegestaan als 'experiment'. Inmiddels gebruikt tachtig procent van de Nederlandse vissers de pulswing. Bewijs dat elektrisch vissen niet schadelijk is, ontbreekt nog.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden