Het kleinste afvalbergje roept het meest rumoer op

NIEUWDORP - Het zand is al gestort. Onder dat gewicht kan de Zeeuwse klei zich zetten, voordat de betonnen bunker voor de opslag van kernsplijtingsafval (KSA) er wordt gebouwd.

Die bunker, met buitenmuren van twee meter dik, moet bestand zijn tegen overstromingen, aardbevingen en neerstortende vliegtuigen. Opgewerkte brandstofstaven, verpakt in glas, worden in stalen kokers in de bunker opgestapeld. De kokers worden met het edelgas argon gevuld om roesten tegen te gaan.

Het is voor Covra-directeur dr. H. Codée nu nog wachten op een vergunning. Milieu-organisaties en de dorpsraad van Borssele zullen tot aan de Raad van State toe proberen de vergunning tegen te houden.

Sinds 1991 wordt op het industrieterrein Vlissingen-Oost laag- en middel-radioactief afval opgeslagen. Afval van ziekenhuizen, onderzoeksinstellingen, industrie en van de kerncentrales in Borsele en Dodewaard. De Centrale organisatie voor radioactief afval (Covra) slaat dit afval op in loodsen, tot er een definitieve oplossing voor het afvalprobleem is.

Over een paar jaar komt daar nog een afvalsoort bij. De kernbrandstof in Nederland is licht verrijkt uranium. De opwerking van opgebrande kernbrandstofstaven van Dodewaard gebeurt in Sellafield in Engeland; die uit Borssele in het Franse La Hague. Tijdens het opwerkingsproces wordenhet in de kerncentrale gevormde plutonium en het niet-gebruikte uranium gescheiden. Een deel van het resterende afval vormt het (hoog-radioactieve) KSA. Alle stoffen die bij de opwerking vrijkomen, zijn eigendom van de kerncentrales en moeten terug naar het land van herkomst. De eerste transporten uit Frankrijk worden in 2001 verwacht. Dan moet de Covra-bunker klaar zijn.

Er ligt nu bovendien een aanvraag om de vergunning zó te wijzigen dat Covra ook nu al KSA mag opslaan. De reden daarvan is een probleem met de opslag van opgewerkte brandstofstaven van de onderzoeksreactor in Petten. De opslagloodsen van deze reactor zijn vol en afvoer is dus noodzakelijk. Volgens de afspraken met de leverancier van het hoogverrijkte uranium voor Petten, de VS, moet dat afval ook weer terug naar dat land, maar in onderhandelingen over een nieuw verdrag, dat op 1 januari al had moeten ingaan, kwamen de VS met een nieuwe eis: het afval wordt alleen teruggenomen wanneer de reactor in Petten omschakelt van hoog- naar laagverrijkt uranium. Dit tegen de zin van de Europese Commissie, eigenaar van de kernreactor.

Ondertussen zit Petten met afval waarvoor het geen ruimte meer heeft en dat het daarom in 1998 bij Covra wil opslaan. De bunker is dan nog niet klaar en daarom zou het hoog-radioactieve afval moeten worden opgeslagen in de loodsen voor laag- en middelactief afval. De dorpsraad van Borssele en milieu-organisaties willen dit tegenhouden.

De Zeeuwse Milieufederatie (ZMF) vreest voor de veiligheid, wanneer het KSA in daarvoor niet bedoelde loodsen wordt opgeborgen. Covra-directeur H. Codée weerlegt dat: “Als je dit soort materialen gaat vervoeren, moet het tijdens het transport net zo veilig zijn als bij opslag. De veiligheid zit dus in de stalen transportverpakkingen en niet in het gebouw. We zouden het ook in die verpakkingen buiten kunnen laten staan. Dat vonden we niet zo netjes, dus kiezen we ervoor het afval in de verpakkingen in de loods neer te zetten. Als de bunker klaar is wordt het materiaal uit de verpakkingen gehaald en opgeslagen in de bunker.”

Greenpeace tekende bezwaar aan om de overheid onder druk te zetten. De milieu-organisatie vindt dat de regering bij de Europese Commissie moet pleiten voor omschakeling van hoog- naar laagverrijkt uranium in de kernreactor in Petten.

De bevolking van Borssele verzet zich meer op grond van emotionele bezwaren. Na de kerncentrale en het tevergeefse verzet tegen de vestiging van Covra in het Sloegebied is de bunker de laatste druppel.

Als bewaker van de kleinste maar het meest rumoer oproepende afvalberg in Nederland begrijpt Hans Codée de commotie rond zijn bedrijf niet. “Er spelen meer factoren mee dan alleen tegen Covra zijn. Altijd is er die angst voor die rare straling, het is mysterieus, je ziet het niet. Het wordt gekoppeld aan kanker en atoombommen. Iedereen weet nog van Tjernobil, daar wordt het probleem mee warm gehouden en dat vertroebelt de discussie. Feiten worden niet nuchter naast elkaar gelegd om tot een gewogen oordeel te komen.”

Met de stralingsmeter in de hand laat hij de opslagruimten zien. Ruim 16 000 stalen vaten met radioactief afval, verpakt in betonnen omhulsels, staan hier opgestapeld. En er is nog ruimte genoeg. Zoveel zelfs dat het vervallen materiaal, dat dus niet radioactief meer is, hier ook nog wordt opgeslagen. “We zouden het vervallen materiaal gewoon als regulier afval kunnen verwerken, maar de samenleving is daar nog niet aan toe. Dus houden we het nog maar even hier”, zegt Codée.

“De veiligheidsnormen die de politiek stelt, zijn niet gebaseerd op de feiten rond radioactieve straling, maar op de belevingswereld van de burger. Het is een wisselwerking tussen gevoelens in de maatschappij die schrikachtig reageert en dus stelt de politiek de normen heel hoog vast.” Codée laat de stralingsmeter zien, die 0,001 mSv aangeeft. Ter vergelijking: een röntgenfoto levert 0,2 millisievert op. “Als je van ons terrein afgaat en de weg van het havenschap op rijdt, gaat het stralingsniveau omhoog”, besluit Codée zijn rondleiding.

De opslag bij Covra is tijdelijk, tot er een definitieve berging, bij voorbeeld in ondergrondse zoutlagen, is gevonden. Daar mogen politiek en wetenschap zo'n 100 jaar over doen. Codée: “Voor de politiek is zo'n tussenoplossing heel plezierig. Je kunt er altijd op terugkomen. Met de Covra-oplossing doen we niets onomkeerbaars. Wel als je het onder de grond stopt en dichtstort met beton. Nu is die beslissing in Nederland ook niet echt nodig, want er is zo verschrikkelijk weinig afval, dat het veel te duur is om het nu al onder de grond te stoppen. Als men over 100 jaar zegt: 'tja, we zetten nieuwe loodsen neer en zien over 100 jaar wel weer', dan is dat de beslissing van die generatie. De huidige generatie is dan toch verantwoordelijk bezig geweest door het afval te verzamelen, te isoleren en te controleren.”

Covra, dat een acceptatieplicht heeft, moet kostendekkend opereren. Het bedrijf zit al jaren in financiële nood. Eigenlijk zouden de tarieven moeten worden verdubbeld, maar de overheid is bang dat bedrijven dan 'creatieve' oplossingen voor hun radioactieve goedjes verzinnen.

Volgens de ZMF zien leveranciers de nieuwe vergunning als een blanco cheque voor een ongelimiteerd aanbod. De milieugroep vindt dat de grondslag van de acceptatieplicht ter discussie moet komen als bedrijven onvoldoende werk maken van preventie van hun radioactieve afval. Zo zag Hoechst onlangs af van de bouw van een cottrellverwerkingsfabriek voor het reduceren van de hoeveelheid radioactief calcinaat. De hoeveelheid afval had daarmee kunnen worden verminderd van 1000 ton tot een rest van 20 ton. Het afval gaat nu naar Covra.

Codée erkent dat het bedrijf op twee gedachten hinkt. “Geen afval, geen inkomsten. Dat is duidelijk. Aan de andere kant moet er geen afval worden gemaakt om Covra overeind te houden.” Economische zaken verwacht eind deze maand de definitieve beschikking klaar te hebben.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden