'Het is mooi  geweest, het is goed zo'

interview | Nog eenmaal stelt hij zijn tuin open voor publiek. Ton ter Linden, een van Nederlands bekendste en meest vernieuwende tuinarchitecten, stopt ermee. 'Het werk wordt te zwaar, de tuin verslindt me.'

COKKY VAN LIMPT

Toen Lady Arabella Lennox-Boyd, bekend Engels ontwerpster van tuinen voor royals en beroemdheden, voor het eerst de poëtische tuinen van Ton ter Linden zag, was zij tot tranen geroerd. Ze zei: 'Ik zou willen dat ik zulke tuinen kon maken. Maar dit kan alleen een kunstenaar.' Toen ze hoorde dat hij in 1999 ging stoppen met zijn tuinencomplex in Ruinen, kwam ze terug en bracht ditmaal haar oude schoolvriendin uit Rome mee. Paola moest, nu het nog kon, beslist deze tuinen zien, vond ze. De koningin van België was er stil van.

Een mooie anekdote uit het leven van schilder en tuinkunstenaar Ton ter Linden (79), die na zondag voor de tweede en laatste keer zijn tuinhek sluit voor het publiek. Huis en paradijselijk hof in het Friese dorpje De Veenhoop, waar hij met zijn partner, fotograaf Gert Tabak, in 2008 neerstreek, staan te koop. Het intensieve dagelijkse werk op de knieën in de borders wordt hem fysiek te zwaar, zijn rug is kapot, de jaren gaan tellen.

Maar nog eenmaal zullen de auto's en bussen met fans en tuinliefhebbers toestromen en hun laatste kans grijpen om de sfeer van een échte Ter Linden-tuin te proeven. Ze zullen de rozen bewonderen, de zonnige zomertuin waar het geel en oranje nog vanaf spat. Ze zullen genieten van het weidse uitzicht vanaf het terras, en lopend langs de vijver zich verliezen in het geraffineerde, transparante weefsel en kleurenspel van planten, bloemen en siergrassen, die de hand van de meester-hovenier in de najaarsborders heeft gecreëerd.

Het afscheid, zowel van zijn creaties als van de mensen, is moeilijk maar onvermijdelijk. "De vergankelijkheid hoort nu eenmaal ook bij het leven," zegt hij, vanaf zijn bankje in de rozentuin, met het najaarszonnetje op zijn hoed. Rondom hem zuigen zoemende bijen zich vol nectar. Talloze vlinders fladderen rond. "Het is net als de natuur, die toewerkt naar een climax en dan los moet laten. Vijftig jaar heb ik toegewerkt naar deze climax en nu moet ook ik er afscheid van nemen, want ik heb de energie er niet meer voor. Ik heb de kans gekregen mooie dingen te creëren en andere mensen daarmee te inspireren. Het is mooi geweest, het is goed zo."

Ton ter Linden is volledig autodidact. Zowel het aquarelleren en pastelleren als het schilderen met bloemen in zijn borders, heeft hij zich zonder opleiding eigen gemaakt. "Ik groeide op in Amsterdam. Nee, een tuin hadden we niet, driehoog achter. Op de Montessori-mulo hield ik het niet vol. Ik wilde naar Artis, voor de dieren zorgen. Als vijftienjarig jongetje werd ik meteen voor de beren gegooid. Vijf jaar heb ik daar gewerkt, met dieren en met planten. In de kas bij het reptielenhuis heb ik veel ervaring opgedaan met het zelf kweken en verzorgen van planten."

Ook in het J.P. Thijssepark in Amstelveen deed de jonge Ter Linden inspiratie op in de omgang met planten. Wilde planten die in dit heempark de boventoon voeren, nam hij later ook in zijn eigen tuinontwerpen op. En vooral aan de manier van tuinieren die hij er zag, nam hij een voorbeeld. Hier werd niet geschoffeld en gespit, maar voorzichtig en selectief gewied, met een aspergesteker, om het bodemleven zo min mogelijk te verstoren. Daarom was en is dit park zo mooi, de natuur kan er ongestoord haar gang gaan. De aspergesteker hield Ter Linden erin; dit tuingereedschap staat nu bekend als 'Tons wiedstok'.

Op zijn twintigste moest hij weg uit Artis. "Ik zag teveel misère achter de tralies van de dierenhokken." Hij meldde zich aan bij het Nederlandse Opera Ballet. "Dat was makkelijk, ze hadden een tekort aan mannen in die tijd." Twee jaar lang stond hij aan de barre. "Maar ik was niet groot genoeg en de danstraining was veel te zwaar voor me. Ik kreeg problemen met mijn knieën, was fysiek zwaar overbelast geraakt. Ik doe altijd alles voor duizend procent."

Weg bij het ballet liep hij met zijn ziel onder zijn arm. Maar in de grootste ellende is de redding vaak nabij, heeft Ter Linden meermalen in zijn leven ervaren. "Ik ontmoette Anne van Dalen, mijn eerste levenspartner. Hij heeft mij uit de prut gehaald en dertig jaar achter mij gestaan. Ik wist niet dat ik talent had, maar hij zag het en heeft ervoor gezorgd dat ik dat in vrijheid kon ontplooien."

In hun bungalow in Maarn begon Ter Linden met aquarelleren en pastelleren. "We hadden geen grote tuin. Ik kocht bloemen bij een kwekerij, maakte er boeketten van en schilderde die. Het liefste wilde ik al die bloemen ook om mij heen hebben. We zochten een boerderijtje in de Achterhoek, maar dat was te duur. In Drenthe vonden we in 1970 een bouwval, maar die lag wel op anderhalve hectare grond! Waar begin je aan, zei Anne. Maar we hebben het gekocht. Ik was ijzersterk, ik ging het doen. Puin ruimen, weer opbouwen en toen de tuin inrichten. Eén oude Vlaamse hoogstam appelboom stond er. Van daaruit ben ik begonnen. Vak voor vak, eerst een rozentuin en een iristuin, daarna steeds verder."

Dit project, waaraan Ter Linden dertig jaar van zijn leven heeft gegeven, groeide uit tot zijn beroemde tuinen in Ruinen, die het laatste decennium van de vorige eeuw, met 19.000 bezoekers per jaar, hun hoogtepunt beleefden. Tot ver over de landsgrenzen kreeg Ter Linden bekendheid met zijn kunstzinnige manier van tuinieren. Het natuurlijke karakter van de tuinen en de hoog oprijzende borders op kleur waren een nieuw fenomeen in de tuinkunst. De Nederlandse Monet werd hij wel genoemd, vanwege zijn impressionistische borderarrangementen. Ook de bekende tuinarchitect Mien Ruys was onder de indruk. 'Als ik Beethoven ben', zei ze, 'dan ben jij Mozart'.

Zelf zegt hij over zijn tuinkunst: "Ik maak borders met plantencombinaties die als de branding van de zee over je heen spoelen en waarin je een ongebonden vrijheid beleeft. Planten die elkaar versterken, weef ik door elkaar heen tot een transparante, doorzichtige, niet massieve compositie. Door zo te tuinieren lijkt het net of hier niet wordt gewerkt, alsof het vanzelf gaat, de natuur het hier zo heeft neergelegd, terwijl er over iedere vierkante meter is nagedacht."

Vooral de Engelsen, met hun eigen roemrijke staat van dienst in de tuinarchitectuur, vonden dit een fantastische manier van tuinieren. The Dutch Wave noemden ze het, en wezen Ter Linden aan als The Leader of the New Garden Style. Ook wijlen Henk Gerritsen werkte op een vergelijkbare, natuurlijke manier, evenals nu nog Piet Oudolf, die internationaal furore maakt met zijn tuinontwerpen, "Maar ik ben er de grondlegger van geweest", zegt Ter Linden met bescheiden trots. "Ik was ook de eerste die met grassen ging werken, waarmee Oudolf zo succesvol is geworden. Als ik eerlijk ben, heeft hij wel veel bij mij afgekeken." Hij is te oud en te wijs geworden om zich er nog over op te winden. Bovendien had hij geen behoefte om zoals Oudolf naar buiten te treden. Hij kon overal lezingen geven en tuinen aanleggen, maar verkoos de luwte en intimiteit. In Nederland heeft hij wel ettelijke tuinen ontworpen, maar liefst zat hij in zijn eigen tuin met zijn handen in de aarde. "Want alleen door er elke dag in te werken, krijgt een tuin een ziel."

Na dertig jaar, zijn vriend Anne was inmiddels verdrietig genoeg overleden, werd het Ter Linden te druk en te veel in Ruinen. "Ik had geen privacy meer en fysiek en financieel werd het te zwaar." Inmiddels gelukkig met zijn nieuwe partner Gert Tabak, vertrok hij uit Ruinen. Acht jaar genoten ze van het Limburgse heuvelland en het Bourgondische leven, maar Ter Linden miste de stilte en de ruimte. Op het weidse Friese platteland kochten ze het huis in De Veenhoop. "Ik wilde nog één keer het spelletje spelen", zegt de kunstenaar, die de 3000 vierkante meter gras omtoverde tot een tuinparadijs. Zijn laatste.

Zaterdag en zondag 13 en 14 september van 10 tot 17 uur houdt Ton ter Linden voor het laatst open dag in zijn privétuin en atelier aan de Krûswei 14 in De Veenhoop. Entree 6,50 euro, vrij parkeren. Vanaf de afslag Nij Beets op de A7 wijzen gele routeborden met de letter T de weg naar de tuin.

De najaarsborders langs de vijver, met grassen en vaste planten. Rechts: Ter Linden aan het pastelleren in de zonnige zomertuin.

undefined

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden