’Het is mooi dat wij de eersten waren die het aandurfden’

De introductie zorgde tien jaar geleden voor een storm van opwinding en snelle tijden. Op de klapschaats werden inmiddels 93 wereldrecords gereden.

Nooit had Tonny de Jong kunnen bevroeden dat haar overstap, in de zomer van 1996 op de klapschaats, een revolutie zou ontketenen in de schaatssport die nog altijd niet ten einde lijkt. Sijtje van der Lende, destijds trainster van de vrouwenkernploeg, moedigde haar aan.

De Jong: „De jongens van het Friese gewest reden er al op en zij waren met sprongen vooruit gegaan. Maar voor junioren is dat vrij normaal. Toch hebben wij het toen ook gewaagd. Ik reed een trainingswedstrijdje in Hamar en het beviel me wel. De beweging is veel natuurlijker en de afzet is gemakkelijker. Net als bij normaal lopen zet je ook af op je hakken. Schaatsen werd ineens veel eenvoudiger.”

De Jong schaatst al een tijdje niet meer. Ze werkt als makelaar in het Canadese Calgary en is moeder van twee kinderen. Maar haar naam zal altijd verbonden blijven met de klapschaats. Want dankzij het nieuwe mechanisme liet ze in november 1996 de schaatswereld versteld staan door de onaantastbaar geachte Gunda Niemann in Berlijn te vernederen op de drie kilometer. Begin 1997 werd De Jong ook Europees kampioene. De opmars van De Jong en haar teamgenotes zorgde destijds voor verwarring, scepsis en woede.

De Duitse schaatsbond diende die winter een protest in bij de internationale schaatsunie ISU. De klapschaats moest verboden worden omdat het oneerlijke concurrentie was. Later sloot de Amerikaanse bond zich daarbij aan. Gerard Kemkers, destijds bondscoach in Amerika, wilde een verbod van vijf jaar, zodat eerst alle landen de tijd kregen om kennis en materiaal te verzamelen. Bonnie Blair was bang dat ze haar wereldrecords snel kwijt zou raken aan minder getalenteerde rijdsters. Zelfs de Nederlandse mannen zagen niets in de rare klapschaats. „Ik heb hem twee jaar geleden getest maar vond het niks. Mannen zijn sterker dan vrouwen, wij trappen die boel zo scheef”, sprak Romme precies tien jaar geleden. Een halfjaar later was hij om.

De klapschaats had het effect van een dijkdoorbraak. Geen wereldrecord was veilig. Wie de historische recordranglijsten naloopt, ziet drie opvallende factoren. Tot de jaren tachtig was het rijden op de Medeo-baan van Alma Ata, op 1600 meter hoogte, een garantie voor records. In 1987, toen Thialf als eerste baan in de wereld werd overkapt, begon het tijdperk van het indoorschaatsen. Ook dat zorgde voor een recordregen. De klapschaats leverde vanaf 1997 op de courante afstanden liefst 93 wereldrecords op. Dat proces is nog niet afgelopen, zo bleek ook dit seizoen. Sven Kramer behoort nu tot de eerste generatie schaatsers die van jongs af aan op de klapschaats heeft gereden. Een groot voordeel, zei oud-coach Henk Gemser recent in NRC Handelsblad.

„De generatie van Kramer en Wüst is simpelweg jonger begonnen met het aanleren van de juiste beweging voor de klapschaats. Deze jongens en meisjes profiteren van de wet van de 160.000 herhalingen. Hoe meer herhalingen, hoe beter. Zo ontstaat vanuit hun eigen gevoel een via het ruggenmerg ingeslepen, motorisch stereotype beweging.”

Tonny de Jong zag vorige week met eigen ogen hoe Kramer wéér een wereldrecord reed. Ze volgt het nog altijd. „Ik heb veel aan de klapschaats te danken. In het begin verdiende ik niks maar juist toen ik doorbrak kwamen de commerciële ploegen. Het is wel mooi dat wij de eerste waren die het aandurfden. Dan heb je toch een beetje geschiedenis geschreven.”

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden