Het is hoogzomer, dus er wordt weer gegraven in Amsterdamse bodem

Van een onzer verslaggevers AMSTERDAM - Het is hoogzomer, dus de Amsterdamse stadsarcheoloog Jan Baart graaft weer in de hoofdstedelijke bodem. En dat resulteert soms in leuke vondsten. Zo lanceerde hij een jaar of drie terug na graafwerk op de Nieuwezijds Kolk nog de opzienbarende stelling dat het kasteel van de Heren van Aemstel aan de Nieuwezijds Voorburgwal heeft gestaan. Na weerwerk van collega's moest Baart wat terugkrabbelen, maar hij zint op revanche.

Gisterochtend stond de stadsarcheoloog als vanouds in hemdsmouwen aan de rand van een opgravingsput. Ditmaal mag de stadsarcheologische dienst graven aan het Oudekerksplein, zowat het oudste stukje Amsterdam, en het hartje van de Wallen. Sinds jaar en dag ligt daar een stuk grond braak tussen de monumentenpandjes, waar prostituées achter de ramen zitten. Het perceel ter grootte van drie huizen bleef zo lang leeg, omdat het de speelbal was van een hoogoplopende tweestrijd tussen stadsvernieuwers en stadsherstellers.

De stadsvernieuwers hadden vooral oog voor de leefbaarheid van de buurt en wilden een crèche met postmoderne appartementen erboven. De stadsherstellers pleitten voor de herbouw van de verloren gegane monumentenpandjes. De monumentenminnaars trokken aan het kortste eind. Volgende week begint de bouw van de kinderspeelplaats.

Wijselijk onthield Baart zich gisterochtend van commentaar op de afloop. Als uitvoerend ambtenaar kent hij zijn plaats. Ondertussen prijst hij zich gelukkig dat zijn dienst vlak voor het einde van de bouwvak nog de gelegenheid krijgt in de klei te spitten.

Want het heeft enkele interessante vondsten opgeleverd. Trots showde hij een gevelsteen uit 1565 met een pauw erop. Naar alle waarschijnlijkheid is het de gevelsteen van het huis 'De Gulden Pauw' van de bekende Amsterdamse koopman, geldwisselaar en vroede vader Pieter Bicker. Of die zelf nog heeft kunnen genieten van de steen, is zeer de vraag. In hetzelfde jaar verkocht Bicker het huis aan zijn schoonzoon.

Zulke gevelstenen vervulden dezelfde functie als de hedendaagse huisnummers. Ze worden echter steeds zeldzamer. Eind vorige eeuw zaten er nog zo'n elfhonderd oude gevelstenen op Amsterdamse huizen. Dat aantal is intussen door liefdeloze sloop geslonken tot drie à vierhonderd. “Loop maar door de Warmoesstraat, een van de belangrijkste straten van oud Amsterdam. Ik denk niet dat je de tien haalt”, constateert Baart bedroefd.

In dezelfde bouwput groeven Baarts medewerkers ook een tegelvloer op, gemaakt in het Spaanse Sevilla. Voor zover de stadsarcheoloog zich uit z'n blote hoofd herinneren kan, is alleen in Zierikzee ooit iets soortgelijks opgedolven. “Zo'n vloer met prachtige zestiende-eeuwse plavuizen met Moorse- en renaissancenvormen geeft aan hoe rijk de straat was.”

Ook de inpandige, gemetselde toiletten van de huizen aan het Oudekerksplein wijzen op de rijkdom van de buurt. Al kunnen die heel goed ook met respect voor de naburige Oude kerk te maken hebben, vermoedt Baart. Want het was toen nog gebruikelijk om buiten te poepen en plassen.

De buitenlandse hoeren en toeristen die deze week door de afrastering het graafwerk volgen, valt een gemetselde muur het meeste op. Eind veertiende eeuw fungeerde die als afscheiding tussen het kerkhof op het plein en de omliggende huizen. Daarvoor liep om de Oude kerk een 'kerkhofssloot' heen, die de archeologen deze dagen ook hebben blootgelegd. Op de muur zijn later dus huizen gebouwd.

Voor leken zijn dit soort ontdekkingen misschien minder spectaculair, maar Baart is ermee in zijn nopjes. Het bevestigt zijn vermoeden dat er een kerkhof op het huidige Oudekerksplein is geweest. De archeologen zijn geen sporen van een twaalfde-eeuws houten kapelletje tegengekomen, dat mogelijk bij het kerkhof heeft gestaan.

Oude brug

Net zomin kwamen ze de oude brug tegen die bij het vroege begin van Amsterdam over de Amstel naar de eerste huizen voerde. “Die oude brug naar de stad moet hier tien, twintig, dertig meter verderop verschijnen”, gebaart Baart in de blakerende zon richting Warmoesstraat, die ooit aan de oostelijke Amsteloever lag. De kans dat hij daar ooit kan graven, lijkt naar de mens gesproken nihil. Al zegt de stadsarcheoloog nooit nooit. “Dan zit ik in de tram en zie ik een grote brand en dan denk ik: hé, daar moet ik naar toe!”

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden