'Het is best te doen met mij'

Op het podium leerde Brigitte Kaandorp haar sociale onhandigheid uit te buiten. Maar dat podium is ook een vlucht. 'Ik kom er nu achter dat ik ontzettend veel gemist heb.'

Les 1

Je kunt niet bestaan zonder contact

"Een tijdje terug heb ik een groot feest georganiseerd voor al mijn collega-cabaretiers, het Stuiterbal. We hebben nogal wat dingen gemeen.

Punt één: we hebben een grote bek en een heel klein hartje en we zijn eigenlijk niet zo goed in sociale contacten. Twee: we gaan van tijd tot tijd met de dood in het hart met onze zelfgemaakte grapjes het toneel op. Drie: we denken van tijd tot tijd: het is ook niks wat we doen. We vallen door de mand, we kunnen het niet, het is gebakken lucht. Vier: we moeten allemaal goochelen met onze tijd, onze relaties, onze kinderen en sociale contacten.

Het was eigenlijk een verlaat verjaardagsfeestje, want ik ben afgelopen maart vijftig geworden. Ik liep al langer met het idee rond, en mijn man Jan zei: dit is een goed moment. Hij is een sociaal beest en hij vindt het belangrijk om contact te maken. Hij is op feestjes altijd bezig met: valt er niemand buiten de boot? Hoe kan het nog gezelliger? Dat vind ik zo'n leuke eigenschap.

Zelf was ik heel lang een mol. Maar ik kom er steeds meer achter dat je zonder contact niet kunt bestaan. Je bent onderdeel van de groep. Dan moet je een relatie met elkaar onderhouden, daar heeft Jan groot gelijk in. Maar ik was daar nooit goed in, dacht: ik ben toch in mijn eentje, wat zou ik nou aansluiting zoeken?

Het echte leven speelt zich natuurlijk niet af op het podium. Terwijl ik dat in het begin van mijn carrière wel zo gedaan heb. Ik heb toch contact met de mensen? Ze zitten voor mijn neus! Maar dat is geen contact, dat is éénrichtingsverkeer."

Les 2

Geef jezelf bloot

"In het begin van mijn relatie met Jan had ik een 'existentieel moment'. Het was midden in de nacht en ik had twijfels. Paniek. Ik dacht: als ik hem niet vertel over deze twijfels, dan is die relatie niks waard. Maar als ik het wel vertel, is hij misschien weg.

Ik lag te shaken in bed. Het was een moment dat ik iets van mezelf moest blootgeven, wat ik doodeng vind. Maar ik heb midden in de nacht alles eruit gegooid, en het enige wat hij zei, was: 'Hmm, daar moet ik even over nadenken, we praten morgenochtend verder'.

De volgende ochtend kreeg ik bijna de slappe lach. Dat ik daar zó tegenop had gezien. Natuurlijk hebben wij ook gelazer, dat is onvermijdelijk in een relatie. Maar in plaats van dat er dan dingen kapotgaan, lossen we het op. En dan ben je allebei weer een stap verder. Wij voegen iets toe aan elkaar. Ik weet zeker dat hij degene is met wie ik oud wil worden, dat is heel prettig. Hij vroeg net nog: 'Heb je het niet te veel over mij?' Ik schijn het in interviews altijd maar over Jan te hebben."

Les 3

Breek uit je veilige wereld

"Wij gingen vroeger altijd op vakantie in Nederland. Lekker kneuterig met zijn zessen in het Kevertje met een imperiaal op het dak. Met mijn ouders leefde ik in een zekere, veilige wereld. Ik ben dol op mijn ouders, maar ik moest daar los van komen. Anders was ik nooit het toneel opgelopen.

Dat was niet tegen te houden. Ik zat op de universiteit, maar ik vond het daar vreselijk.

's Avonds stond ik in cafés te zingen op het biljart met mijn ukelele. Ik was sociaal heel onhandig. Je moest natuurlijk lid worden van een studentenvereniging en feestend meedoen met de meute. Maar dat kon ik niet. Ik volgde mijn intuïtie en belandde op het podium. Ik begrijp ook niet precies hoe het ging, maar dat werkte al snel heel goed. Ik hoefde maar op die tafel te gaan staan en mensen moesten lachen. Ik wist kennelijk hoe ik zo'n heel café aan mijn lippen kon laten hangen. Langzaam herkende ik mijn talent. En die sociale onhandigheid buitte ik uit. Bovendien was het een fantastische ontsnapping uit de veilige setting waar ik vandaan kwam."

Les 4

Maak vlieguren

"In de tijd dat ik begon, was er een soort open markt. Het cabaret was doodverklaard en toen kwam ik, samen met onder anderen Herman Finkers en Bert Visscher. Wij brachten lol. Onzin. We deden gewoon maar wat. Er waren ook weinig vrouwen die dit deden. En er was nog heel veel ruimte om te spelen. In jeugdhonken, kleine theatertjes, bij het studentencorps. Je kon in alle rust klooien, je potlood slijpen en groeien. Dáár heb ik geleerd ad rem te zijn. Als ik weer eens op een buitendag van het corps optrad, was dat altijd een soort gevecht met het publiek: kom maar op. Maar ik stond op dat podium en ik had de microfoon. Dus het was zaak om de grootste schreeuwlelijk eruit te plukken en dan iets heel naars over hem te zeggen waar iedereen om moest lachen.

Inmiddels heb ik zo veel vlieguren gemaakt, je kunt mij niet veel meer maken."

Les 5

Vlucht niet voor

verantwoordelijkheden

"Op het podium ben ik in ieder geval iemand. En ik heb succes, dus hee, wat wil ik nog meer? Als ik ergens binnenkom, kent iedereen me al, ik verdien lekker geld, een heleboel dingen lijken goed te gaan, maar op microniveau - in mijn relatie of met de kinderen - ben ik niet heel vaardig, kan ik weinig, want daar ben ik te lang voor weggelopen. Het podium is een vlucht en zorgde dat ik me aan heel veel verantwoordelijkheden kon onttrekken. Ik kan het niet goed uitleggen, maar ik kom er nu wel achter dat ik ontzettend veel gemist heb. Daar kan ik achteraf wel eens verdrietig over zijn. Ik ben mooi ontsnapt, denk ik dan, maar waar ben ik nou precies aan ontsnapt? Aan te veel eigenlijk.

In het begin lijkt het een lot uit de loterij, je lacht je rot: jeetje dat ik dit kan, dit talent heb! Dat ik met een paar stomme liedjes en wat bijdehante opmerkingen mijn geld verdien. Ik weet niet wat de rest doet, maar ploeter lekker verder. Later realiseerde ik me pas hoeveel het echt gekost heeft. Je bent veel weg. Het is altijd belangrijk wat mama aan het doen is. Maar wie zegt dat dat het belangrijkste is?"

Les 6

Geniet van de kracht van ontroeren

"Ik kom er langzaam achter dat die liedjes van mij wel wat zijn. Bij 'Kom dan bij mij', mijn eerste serieuze nummer, hield ik tijdens het zingen steeds een blaadje voor mijn neus. Alsof ik de tekst nog niet goed kende. Ik wist niet hoe en waar ik moest kijken. Ik was begonnen als 'lang leve de lol' en 'als er maar gelachen wordt'. Elke tien seconden een lach, bij wijze van spreken, anders werd ik zenuwachtig. En dit was gewoon drie, vier minuten... en iedereen zat doodstil in de zaal. De eerste keer denk je: wat? Wat gebeurt er? Er is dan helemaal geen contact meer, lijkt het. Je weet niet of mensen nou beleefd stil zijn of dat ze het echt mooi vinden. Later bleek gelukkig dat ze het mooi vonden.

Het wordt op begrafenissen gedraaid. Die kracht, de kracht van ontroeren, heb ik moeten ontdekken. Het komt misschien ook door het ouder worden. Je raakt zelf mensen kwijt, je zit zelf te janken, dus er komen niet meer alleen lollige liedjes. Ik ben kennelijk een rechtgeaard liedjesschrijfster, want de zinnen komen en ik schrijf het op zoals het is. Zoals bijvoorbeeld 'Zeewind' over mijn regisseur en goede vriend Bert Klunder die doodging. Ik zat aan zijn ziekenhuisbed en zag de zon nog letterlijk in zijn gezicht. Alsof hij zo kon opstaan. Je pakt zijn hand, die is nog warm. Maar hij reageert niet zoals je gewend bent. Ik zei: 'Bertje, hé Bert'.

Niks. En toen dacht ik: hij is weg. Hij is er nog, maar je weet dat hij gevlogen is, een grens voorbij. Dat heb ik letterlijk zo opgeschreven. Toen het af was, dacht ik: dit is te privé. Maar toen ik het ging spelen, bleek het juist heel universeel. Iedereen ziet daar zijn eigen moeder, vader, kind, hond in. Het gaat over afscheid nemen, dat had ik me nooit gerealiseerd. Dat weet je niet als je het schrijft. Het komt langs waaien en het is zaak om het op het goede moment uit de lucht te plukken. Ik weet niet waarom het ontroert, waarom ik grappig gevonden word. Eigenlijk weet ik niks. Dat is weer die rare intuïtie."

Les 7

Neem tijd voor jezelf

"Ik ben zelfstandig ondernemer, dus ik kan in principe mijn eigen tijd indelen. Maar het is heel lastig om die agenda leeg te houden. Ik heb soms het gevoel dat het zich maar opstapelt en boven mijn hoofd uitgroeit. Als mijn schouders verstijfd zijn en ik krijg een huilbui moet ik onmiddellijk maatregelen nemen. Al is het maar meteen in bad gaan liggen.

Eén keer in de week doe ik yoga, dat heb ik heilig verklaard. En ik probeer elke ochtend te mediteren. Maar als het druk is, lukt dat niet meer. Het blijft lastig om prioriteiten te stellen en de tijd te bevechten die daarvoor nodig is. Om voor mezelf op te komen. Dat zijn altijd de sluitposten, terwijl je daar eigenlijk mee moet beginnen.

Ik kreeg op een gegeven moment een huisstofmijtallergie, een situatie die mij dwong om een oplossing te zoeken. Ik werd gewoon uitgeschakeld. Zat ik 's nachts buiten, in de winter, in een slaapzak, omdat ik gek werd van de jeuk en het niezen. Ik ging naar een acupuncturist die zei: 'Tegen jou valt niet op te prikken, jij leeft zo destructief'.

Kennelijk raakte ik mijn energie kwijt aan allerlei patronen in mijn leven. Maar waar was ik dan de hele tijd zo druk mee bezig? Het bleek heel simpel, ik dacht steeds: ik ben niet goed genoeg. Waar ik dat vandaan haal, geen idee.

Of: wie ik echt ben, dat mag niemand zien. Dus ik ga bewijzen dat ik heel erg leuk ben, of maskeren dat ik niet leuk ben. Daar ben ik dan druk mee. Met rookgordijnen optrekken die nergens op slaan. Maar voordat ik dáár achter was!

Nu denk ik: er zitten haken en ogen aan mij, natuurlijk, maar niet erger dan bij iemand anders. Het is wel te doen met mij. Had ik dat maar geweten toen ik achttien was. Aan de andere kant denk ik eerlijk gezegd dat ik dan nooit deze carrière had gehad. Mijn gevecht heeft dus wel de energie en de drive opgeleverd om er iets van te maken."

Brigitte Kaandorp
Brigitte Kaandorp (Haarlem, 1962) maakt haar studie Nederlands niet af omdat ze in 1983 het cabaretfestival Cameretten wint. Daarna volgen tien soloprogramma's, waaronder 'Kouwe drukte', 'Badwater', 'Zó' en 'Cabaret voor beginners', dat ze nu speelt.

In 2006 krijgt ze een Gouden Harp, in 2009 wordt ze benoemd tot Officier in de Orde van Oranje-Nassau en in 2011 wordt ze onderscheiden met de Annie M.G. Schmidtprijs voor haar lied 'Lente'.

Ze heeft twee broers en een zus, is getrouwd met Jan en heeft twee kinderen uit een vorige relatie: Jan (19) en Olga (15). Recent verscheen 'Dit is een meezinger' (uitgeverij Nijgh & Van Ditmar), een liedboek vol teksten, bladmuziek en persoonlijke anekdotes.

undefined

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden