Het ideaal: de burger lost het op

In het Filosofisch Elftal analyseren twee denkers een actuele vraag. De participatiesamenleving lijkt een typisch liberaal ideaal. Maar klopt dat ook?

Thuiszorg wordt beperkt, verzorgingshuizen en bibliotheken moeten sluiten. Onder de noemer 'participatiesamenleving' worden veel anti-participatiemaatregelen genomen, stelde socioloog Evelien Tonkens onlangs in haar Socrateslezing.

Overheden zijn in dit beleid de boosdoeners, burgers zijn de weldoeners. Formele instituties worden gewantrouwd, informele initiatieven worden omarmd. Het klinkt misschien mooi, maar volgens Tonkens blijkt in de praktijk dat werkelijk vernieuwende 'participatie' enkel kan ontstaan als (semi)overheden en burgerinitiatieven samenwerken. Formele instituties blijven in haar ogen cruciaal.

Waar komt de drang tot het terugdringen van overheidsbemoeienis eigenlijk vandaan? Is kritiek op de participatiesamenleving gelijk aan kritiek op het liberalisme?

Frank Ankersmit, emeritus-hoogleraar intellectuele geschiedenis aan de Rijksuniversiteit Groningen: "Ogenschijnlijk heeft de hele discussie veel te maken met klassieke liberale idealen, zoals die voor het eerst verwoord werden door de Franse politiek filosoof Alexis de Tocqueville (1805-1859). Zijn tweedelige boek over zijn reis door de jonge democratie van de Verenigde Staten van Amerika, bevat beroemde voorbeelden over burgerparticipatie. Zo beschrijft hij vol verbazing dat wanneer in Amerika een boom op de weg beland is na een storm, de omwonenden direct samen de schouders eronder zetten en die boom wegtillen. Terwijl de burgers in Frankrijk naar het gemeentehuis zouden gaan om te vragen of er een stormschadeploeg kan worden gestuurd om de boom weg te laten takelen."

Sabine Roeser, hoogleraar ethiek en techniek aan de TU Delft: "Wanneer bent u voor het laatst in Amerika geweest? Er liggen daar heel wat bomen op de weg, letterlijk en figuurlijk. Toen ik door de eindeloze buitenwijken van Chicago reed, was ik net zo verbaasd als Tocqueville, maar dan in negatieve zin. Ik zag verwaarloosde slums, met grotendeels onverharde wegen. Als je het mij vraagt laat het hedendaagse, sterk verarmde Amerika juist pijnlijk zien wat er gebeurt als een overheid weinig kan doen: het algemeen belang wordt verwaarloosd. Burgers kunnen niet op eigen initiatief stoepen aanleggen."

Ankersmit: "Uiteraard was de situatie in Tocqueville's Amerika wel heel anders dan die van vandaag de dag. Het land werd toen nog bevolkt door kolonisten, die gewend waren om alles met eigen handen op te bouwen en te verdedigen. Dat maakt hun onafhankelijke opstelling ook iets minder tot een verdienste: er was simpelweg geen overheid om naartoe te gaan met klachten over die omgevallen boom.

"Toch nemen de enorme historische verschillen de relevantie van het voorbeeld niet weg: wij zijn een beetje als de half verdoofden die Tocqueville omschrijft als toekomstige burgers die leven onder 'een mild democratisch despotisme'. Geen despotisme dat tiranniek of agressief is, maar juist vriendelijk en verzorgend. En dat maakt burgers afwachtend en verwend. Heel comfortabel, maar funest voor de onafhankelijkheid. Daaruit gewekt worden, voelt als een koude douche. Wij zijn gewend aan een overheid die al onze bomen wegtakelt, en nu moeten we het ineens zelf doen. Dat idee vinden we misschien best aardig, maar als we zelf in actie moeten komen, staan we niet te juichen."

Roeser: "Het is te veel eer voor dit kabinet als je het beleid op deze wijze omschrijft. De participatiesamenleving is niet meer dan een eufemisme voor neoliberalisme. We laten de unieke verworvenheden van de Europese verzorgingsstaat afbreken, zonder dat er een doordacht alternatief is. Vooralsnog hebben we in Europa de meest gelijke, gelukkige en welvarende mensen ter wereld, waarbij welvaart verhoudingsgewijs gelijkwaardig over de samenleving is verdeeld. De kloof tussen arm en rijk is hier veel minder diep dan in landen die minder overheidsregulering hebben.

"Hegel zei dat instituties nodig zijn om tussen het algemene belang en het individuele belang te bemiddelen. Zoals Evelien Tonkens terecht samenvat: nu wantrouwen we de overheid en vertrouwen we burgers, maar we zien aan de VS dat dit willekeur in de hand werkt. Er zijn gulle gevers maar er heerst ook keihard kapitalisme met onvoorstelbare rijkdom voor een kleine elite en bittere armoede voor een brede laag van de bevolking."

Ankersmit: "Geheel mee eens, ik wil ook niet beweren dat Rutte-II de agenda van Tocqueville aan het realiseren is, of iets dergelijks. Het mag er dan in uiterlijke zin iets van weg hebben - Tocqueville was voor deregulering en decentralisering - maar om deze ideeën te belichamen is het regeringsbeleid te ondoordacht.

"Rutte heeft niet ten doel om van ons weer echt onafhankelijke burgers te maken. Hij wil er enkel voor zorgen dat de overheid, en dan vooral het Rijk, wat kleiner wordt. Om dat te bereiken, gooit hij alle zaken waar hij in Den Haag van af wil, over de schutting bij de gemeentes. Zonder daar ook het geld voor beschikbaar te stellen. En noemt dat 'participatiesamenleving'. Terwijl het beleid in wezen een heel ander karakter heeft: decentralisering. En bij decentralisering komt als je het goed wilt doen wel wat meer kijken, daarvoor moet je de hele politiek op een andere manier organiseren. Ook dat heeft Tocqueville beschreven. Maar ook dat zie ik niet gebeuren."

Roeser: "De zogenaamde zegeningen van deregulering en decentralisatie hebben we de afgelopen tijd weer in allerlei rapporten kunnen lezen. Elke sector waarin deregulering heeft plaatsgevonden, werd vervolgens geteisterd door schandalen en corruptie. In reactie op al die schandalen zijn keurig commissies ingesteld en elke commissie kwam met de aanbeveling om een toezichthoudende instantie in het leven te roepen, waarmee de cirkel weer rond is.

"We zouden van meet af aan beter toezicht moeten houden op (overheids)instanties, in plaats van ze af te breken. En ophouden onze Europese verworvenheden van bescherming van minima, welzijn en welvaart en redelijk gelijke verdeling ervan achteloos weg te gooien, gebaseerd op een ongefundeerd ideaal van 'de burger zal het wel oplossen'."

Ankersmit: "Het vreemdste is nog wel dat dit ideaal van 'de participatiesamenleving' geen liberale wortels heeft. Dus zelfs al zou het woord meer inhouden dan een bezuinigingsmaatregel in de vorm van decentralisatie, dan zou ik nog niet begrijpen wat het in de koers van een liberale partij te zoeken heeft. Het hoort thuis in het vocabulaire van de communitaristen.

"In de politieke filosofie sinds de Oudheid zijn er drie grote stromingen. Ten eerste het communitarisme, dat teruggaat tot Aristoteles. Het gaat uit van het idee dat de mens een politiek dier is dat zichzelf verwezenlijkt in zijn contact met zijn medemens. Daar kan je de participatiemaatschappij wel aan ophangen. Ten tweede het republikanisme: je moet naar jezelf als burger kijken vanuit het perspectief van het algemeen belang, de res publica. En ten derde het liberalisme. Dat spreekt van een individu enerzijds en een overheid anderzijds. Vanuit die spanning zoekt het naar een antwoord op de vraag hoe een rechtvaardige samenleving eruit moet zien.

"De christendemocratie komt uit de communitaristische hoek, de liberalen komen uit de hoek van de contracttheorie, ontwikkeld door denkers als Hobbes, Locke en Rousseau. Dat is een heel andere gedachtenwereld. De sociaaldemocraten komen voort uit het socialisme, dat een correctie wil bieden op het liberalisme. Als Rutte het heeft over de participatiesamenleving, vind ik dat curieus, want het hoort in de christen-democratische en sociaal-democratische hoek thuis. Maar de VVD heeft nu eenmaal geen wetenschappelijk bureau dat probeert te laten zien waar de partij staat in de geschiedenis van 2000 jaar politieke filosofie."

Ankersmit: 'Wij zijn gewend aan een overheid die al onze bomen wegtakelt, en nu moeten we het ineens zelf doen. Dat idee vinden we misschien best aardig, maar als we zelf in actie moeten komen, staan we niet te juichen.'

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden