'Het gevoel er niet te mogen zijn'

interview | In de film 'Violette' beschrijft regisseur Martin Provost de vriendschap tussen de schrijfsters Simone de Beauvoir en Violette Leduc.

Op de vraag of Simone de Beauvoir er nog toe doet, voor jonge vrouwen, anno 2014, grijpt regisseur Martin Provost lachend naar zijn mobiel. "Ik zal je eens wat laten zien. Ik bezocht haar graf een paar weken terug." De sobere witte grafsteen met naam, geboortedatum en sterfdatum van de filosofe, grande dame van het feminisme, vriendin van Jean-Paul Sartre, blijkt bezaaid met verse rode afdrukken van de lippen van bewonderaarsters.

Nog niet helemaal vergeten dus, Simone de Beauvoir, al roept haar naam een voorbije wereld op. De tijd van filosofen en schrijvers in Café de Flore jaren vijftig en zestig in Parijs: boeken, affaires, existentialisme, 'de tweede sekse', in vrijheid leven, niet trouwen. Die tijd komt opnieuw tot leven in de nieuwste speelfilm van de Franse schrijver en regisseur Martin Provost: 'Violette', via een figuur die zich in de periferie van dat intellectuele leven bevond: Violette Leduc (1907-1972), schrijfster, vriendin en protegee van De Beauvoir.

Een kleine vrouw met een hele grote neus die in 1942 bij uitgeverij Gallimard onopgemerkt debuteerde met het autobiografische 'L'asphyxie' (Verstikking). Twintig jaar van geploeter en slechte verkoopcijfers verder behaalde Leduc pas in 1964 haar eerste publiekssucces met het openhartige, autobiografische 'La Batârde'. 'De bastaard' werd bij verschijning in Frankrijk een bestseller, en is sindsdien ook in Nederland ieder decennium opnieuw uitgebracht om vervolgens weer vergeten te worden.

Lees je deze 'bekentenisroman' nu, dan snap je niet waarom Leduc nooit een groter publiek heeft verworven. Anno 2014 leest ze als een licht manische, vrouwelijke versie van de hier zo gretig gelezen Noorse schrijver Knausgard, net zo geobsedeerd door zichzelf, door haar worsteling met het (samen)leven en schrijven, met moeder, man, minnaars en minnaressen; vol zelfhaat en rancune soms en toch zeer opkikkerend in zinnelijkheid en gedrevenheid. Het feit dat het decor van haar jeugd bestaat uit de gesneuvelde soldaten uit de Eerste Wereldoorlog, die ze als kind in de berm ziet liggen, en dat van haar volwassenheid uit de naoorlogse zwarte markt (waar ze zelf grif handelt) en later de culturele elite in Parijs, maakt dit autobiografische werk nog interessanter.

Provost concentreert zich in 'Violette' op Leducs relatie met haar schrijversvrienden in de jaren veertig en vijftig, met name haar vriendschap met Simone de Beauvoir (Sandrine Kiberlain) die Leduc (Emmanuelle Devos) ondersteunt, later zelfs onderhoudt. Dat is niet makkelijk. Violette is veeleisend, jaloers, ziekelijk en bovendien bezeten van haar beroemdere, sterkere, mooiere vriendin die ze steeds weer de liefde verklaart, wat de Simone de Beauvoir in de film stoïcijns doorstaat.

Schrijver en regisseur Martin Provost verwierf eerder bekendheid met zijn film 'Seraphine', waarin hij een andere vergeten vrouwelijke kunstenares over het voetlicht haalde: de schilderes Seraphine (1864-1942). Bij de voorbereiding van die film stuitte hij op het werk van Violette Leduc die een artikel schreef over Seraphine's schilderijen. "Haar taal was zo machtig, zo bijzonder, dat inspireerde me", vertelt hij in Amsterdam waar hij afgelopen weekend zijn film presenteerde.

Dit is uw tweede film over een vergeten kunstenares. Bent u feminist?

(Provost kijkt bedenkelijk). "Feminist, dat weet ik niet. Ik ben me wel altijd bewust geweest van de economische macht van mannen. Ik herinner me dat ik voor het eerst het visitekaartje zag van mijn vader met daarop meneer en mevrouw, en dan alleen de voornaam en achternaam van mijn vader. Dat maakte indruk. Maar wat me aantrok in het verhaal van Violette en eerder dat van Seraphine is dat ze kunstenaressen werden ondanks hun afkomst en vrouw-zijn. Kunst is nu nog steeds, en zeker toen, een zaak van de elite. Seraphine was een meid die vloeren boende en toch ging schilderen. Violette was een bastaard, ze had geen geld, ze genoot weinig onderwijs. En toch ging ze schrijven."

In uw film zien we Simone de Beauvoir als de geduldige mentor. In haar brieven aan anderen schreef ze nogal vals over Leduc.

"Ja, dat is waar. Ze schrijft consequent over 'de lelijke vrouw', niet zo aardig. En ze klaagt over het zeuren, het stalken. Violette was ook verschrikkelijk! (lacht) Maar De Beauvoir heeft haar nooit in de steek gelaten. Zonder haar denk ik niet dat Violette ooit was gaan schrijven. En daar ging het mij om. De Beauvoir is vaak veroordeeld, maar ik wilde nu eens die formidabele kant van haar laten zien; hoe ze een andere vrouw min of meer geschapen heeft. Buitengewoon is het. Violette was heel erg alleen. 'Ik ben een woestijn die in monologen spreekt', zei ze zelf. Die eenzaamheid zocht ze ook deels, maar als ze echt alleen was gelaten, was ze nooit tot schrijven in staat geweest, denk ik. Ik denk dat De Beauvoir voor Violette als een vader was. Ze hield precies de juiste afstand. Ze bleef haar stimuleren. Niemand doet dat meer nu. Terwijl zo'n mentor voor een kunstenaar heel belangrijk is; de uitgever, de verzamelaar. En over die relatie wordt zelden gesproken. Dat wilde ik laten zien."

De film opent met een citaat van Leduc over haar lelijkheid. Zo lelijk was ze toch niet?

"Zo zat het wel in haar hoofd. Ze schreef en sprak er voortdurend over. Die neus symboliseerde haar minderwaardigheidscomplex. Mannen en vrouwen werden verliefd op haar, maar ze was zeer negatief over zichzelf, wat te maken had met het niet erkend worden door de vader; het niet legitiem zijn. Mijn film gaat ook over dat gevoel er niet te mogen zijn."

U maakt van het schrijven een zeer lichamelijke activiteit. De pen die op het papier krast. Het proeven van een tomaat. De lange wandelingen.

"Ja, schrijven is lopen. Als ik schrijf, wandel ik ook heel veel. Henry Miller liep twintig kilometer per dag. Je moet zuurstof innemen, je spieren trainen. Violette was ook geen intellectueel zoals Simone de Beauvoir. Ze schreef met haar zintuigen, zei ze zelf. Met haar hele zijn, meer als een dichter dan als een filosoof."

Heeft u niet getwijfeld of er wel een filmpubliek is voor zo'n lastige vrouw?

"Andere mensen betwijfelden dat, maar ik helemaal niet. Je l'aime! Ik hou van haar. Maar toen ik mijn moeder vertelde dat ik een film over Violette Leduc ging maken, haalde ze haar neus op: ah, Leduc, die lesbische schrijfster, dat las ik toen ik veertig was. Ik herinner me een vergadering bij Canal Plus waar deze twijfels werden geuit. Maar de cinema stroomt over van kerels. Plus, ik denk dat het belangrijk is om moeilijke karakters in beeld te brengen."

Heeft u een idee waarom haar werk toch marginaal is gebleven?

"Ze was haar tijd vooruit. Toen haar boeken verschenen, was het de tijd van de 'nouveau roman', het modernisme. Zelf denk ik dat bijvoorbeeld Marguerite Duras door Leduc is beïnvloed (de korte zinnen) maar ze kreeg nooit zo'n groot publiek als Duras. Duras was een romancier, schreef over alles bedekt, Leduc niet. Haar openhartigheid was een schandaal. Maar ze kan werkelijk hallucinerend over haar directe omgeving schrijven, over de Mont Ventoux, over de jacht, over Parijs. Dat deden maar weinig mensen toen. Nu wordt er meer belang gehecht aan de waarheid. Aan de veerkracht ook, aan literatuur als redding."

undefined

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden