Het gedicht als laatste kontje naar God

De dichter en de eenzame dode zijn tot elkaar veroordeeld, merkt F. Starik, de stadsdichter van Amsterdam. In 'Een steek diep' beschrijft hij eenzame uitvaarten in de hoofdstad, waarbij Starik en andere dichters bij toerbeurt poëzie voordragen als laatste eer aan overledenen zonder nabestaanden.

Schrijvers zijn observanten. Wie met F. Starik spreekt, maakt het mee in de praktijk. Op een terras in de Amsterdamse Staatsliedenbuurt gaat het gesprek over de dunne scheidslijn tussen een 'normaal sociaal leven' en een teruggetrokken bestaan. En dat het iedereen misschien wel kan overkomen: alleen overblijven.

De schrijver scant met geoefende blik het pleintje en zegt dan: "Kijk maar eens naar die man daar in dat keurige pak. Ja, die daar een toespraak staat te houden voor zichzelf."

Wordt dat een eenzame dode, wil de verslaggever weten. Mogelijk, zegt Starik.

Je ziet ze dus bij leven al aankomen, de eenzame doden, en het is een grootsteeds verschijnsel.

Amsterdam telt jaarlijks tussen de vijftien en twintig mensen die als eenling de dood vinden. Te veel voor Starik alleen.

Hij richtte daarom een Poule des Doods op, zodat verschillende dichters (o.a. Neeltje Maria Min, Eva Gerlach, Menno Wigman, Wim Brands) afwisselend begrafenisdiensten kunnen draaien.

Hun woorden zorgen zo voor een waardig afscheid van de eenzame. Starik: "Maar wij willen wel graag weten wie de dode was."

Zou de dode ook willen weten wie u bent? Ik bedoel: Zitten eenzame doden wel te wachten op een gedicht?
"Het is best mogelijk dat een dode het misschien niet gewild had. Maar daar staat tegenover dat bijna alle mensen bij alle grote gebeurtenissen toch dichtregels kiezen op kaartjes en in advertenties. Bij geboortes, als ze gaan trouwen en dus ook op begrafenissen. Bij de gemeentelijke dienst die de eenzame uitvaarten regelt, is het streven om de begrafenissen zo gewoon mogelijk te laten zijn. En op een gewone uitvaart wordt nu eenmaal gesproken, iets voorgedragen. We oordelen er daarbij niet over of het leven van de dode nou zielig is geweest of niet."

Maar of het op prijs wordt gesteld weet u nooit
"Soms komt er toch nog onverwacht bezoek op een begrafenis. Die mensen zijn er altijd blij mee, ik heb het nog nooit anders meegemaakt. Het gaat uiteindelijk om de aandacht die de dode krijgt. Het verhaal dat ze is afgenomen - of dat is uitgestorven - geef je ze als dichter weer een klein beetje terug. Met het gedicht geef je ze het laatste kontje naar God."

Hoe gaat u te werk? U krijgt bericht dat er een teruggetrokken persoon is overleden, en dan?
"Dan begint dat mannetje in mijn hoofd te denken voor mij. En ik ga informatie inwinnen: die persoon googelen, naar de plek des onheils fietsen. Soms spreek je buurtgenoten of weet je wat voor kleren iemand aanhad. Of je ziet een rare sticker op de deur. Tegen de tijd dat de deadline nadert - je hebt gemiddeld vijf dagen de tijd - heeft dat mannetje in mijn hoofd dat gedicht klaar."

De dode blijft een onbekende. Is het moeilijk om te dichten over iemand waar u niets van weet?
"Het paradoxale is: soms weet je juist teveel van een dode. Dan heeft alles al uitgebreid in de krant gestaan. Dat komt het gedicht niet altijd ten goede."

Maar te weinig weten is ook niet goed.
"Niets weten heeft een curieus aspect. Het leidt er soms in een gedicht juist toe dat je de werkelijkheid benadert. Je hoort dat de dode onderhuurder was en daar bedenk je dan een leven bij dat later blijkt te kloppen. Toch moet je altijd iets weten van de dode. Neem het verhaal van die overleden baby. Een pasgeboren baby die in het Noordhollands Kanaal was gevonden. Omdat de politie hoop had dat de moeder zich nog zou melden, en ook om te voorkomen dat er valse meldingen zouden binnenkomen, wilde zij niet bekend maken of het babylijkje een jongetje of een meisje was. Maar Neel (Neeltje Maria Min, JvV) was de dichter van dienst en zij wilde weten of de baby een jongen of een meisje was. Daar ben ik toen achteraan gegaan. Met succes, gelukkig; als je zoiets cruciaals niet weet kun je geen goed gedicht maken, dan blijft het een soort pop. Dan weet je ook niet of je een roze of blauwe hortensia moet meenemen."

Waar moet het eenzame uitvaartgedicht aan voldoen?
"Ik ben in de eerste plaats dichter dus ik vind het belangrijk dat de gedichten die worden voorgedragen goed zijn. Wat precies goed is? Daar kun je niks algemeens over zeggen. Ik ben er in ieder geval erg streng in. Ik wil geen gerommel aan het graf. Wat de dichter wellicht helpt, dat is: zorg dat je eerst een 'goede dood' hebt meegemaakt. De dood van mijn opa - van wie ik zielsveel hield - was voor mij een goede dood. Ik was twaalf. We hielden elkaars hand vast, er waren tranen maar er was ook berusting. Het was goed zo."

Geeft het onderwerp dit genre een literaire meerwaarde?
"Veel van de voorgedragen gedichten staan ook in de bundel van de dichters. Dat zegt wel iets. De laatste woorden voor iemand dichten, dat is een aangrijpende en eervolle opdracht. En er is weinig tijd; de dichter moet dus alles geven wat ie in zich heeft. Je moet bovendien bedenken dat iemand bij die laatste woorden voor het laatst met 'jij' wordt aangesproken. Daarna wordt het hij of zij."

"Ik ga ermee door tot ik zelf doodga."

VOOR JOU

Die altijd door water omgeven

altijd gedreven heeft

maar even geleefd

Wie heeft in jouw ogen gekeken

jouw trekken gelezen

vergeving gesmeekt

Wie heeft zich naar buiten begeven

het plasticzak-scheepje

een zetje gegeven

Wie heeft één, twee, drie,

in godsnaam! gezegd

Dat je ontstaan was, bestaan wou

was niet jouw fout

Naamloos, onschuldig

dood in de Buiksloot

nul dagen oud.

In godsnaam rust zacht

rust zacht zacht zacht zacht

In de naam van je vader

en je moedertje:

rust zacht

(Neeltje Maria Min)

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden