Het gebouw moest gewoon gered worden, als kerk of als moskee

NUWEIRA YOUSKINE

Iemand vond dat ik er hoognodig eens tussenuit moest met de Pinksterdagen. De uitnodiging om naar Manchester te komen volgde. Ik twijfelde. Engelse industrie, voetbal - meer wist ik niet van de stad en eigenlijk ontbrak de drang er wél meer over te weten te komen. Kom toch, werd er aangedrongen. Overal is wel iets moois te ontdekken. Deze laatste uitspraak getuigde van een zekere wijsheid, dus ging ik.

We streken neer op een plek die voor de een de hel, voor de ander de hemel op aarde vertegenwoordigt. Een buurt die lokaal bekendstaat als de Curry Mile. Volgens sommigen de grootste concentratie van Indiase restaurants buiten het subcontinent. De laatste jaren gevolgd door neringen vanuit alle windstreken in het Midden-Oosten. We aten urenlang Indiase curries, rookten een lome waterpijp en waren volmaakt tevreden. Totdat de lokale roddels onze oren bereikten. Ergens in deze grote stad was een islamitisch centrum. Het was gevestigd in een gedeelte van een voormalige kerk.

Ik voelde nattigheid.

De spanningen bleken de afgelopen jaren te zijn opgelopen. Het islamitisch centrum was gevestigd in een deel van een groots, oud en vervallen kerkgebouw. Er werd gebeden, en gestudeerd en samengekomen. Maar nu, zo fluisterden de dorpsgenoten van de Curry Mile, wilden christenen hun gebouw terug. Over en weer werd met petities gezwaaid. De een riep op tot behouden van het gebouw voor de islam en bredere gemeenschap. De tegenpartij, genaamd de Church Converts, wilde het veiligstellen voor een heel andere toekomst.

Dat was treurig om te horen. Beiden wilden het monumentale gebouw van algeheel verval redden. Alleen de vorm waarin zij dat wilden, verschilde.

Ik besloot de plek des aanstoots zelf te bezoeken. Bij een winkeltje gerund door een Indiër met henna-baard en een melkwitte bekeerling met vlassige stoppels, kocht ik snel een hoofddoek. Dat had niet gehoeven. Het islamitisch centrum had de deuren gesloten. Slechts een verroest bord herinnerde eraan dat het een islamitisch centrum was. Het regende nu, zoals het alleen in Engeland kan regenen.

Ik liep om het gebouw heen. Vanaf een hoek niet zichtbaar vanaf de straat, was pas te zien hoezeer het gebouw om redding smeekte. Een groot gedeelte had geen dak meer. Daarvoor in de plaats was weelderige plantengroei gekomen. Wonderlijk genoeg leek een rond, prachtig gebrandschilderd raam nog intact. Bij het zien van dat raam werd het om het even in wiens handen de kerk annex moskee zou komen. Het gebouw moest gewoon gered worden.

Dat zou het ook, leerde ik later vanuit andere bronnen. Het pleit was inmiddels al beslecht: de Church Converts hadden het toegewezen gekregen. Dit bleek een groep projectontwikkelaars. Zij zou het gebouw tot een heleboel nuttige appartementen ombouwen. Ik had het kunnen weten. Noch islam, noch christendom had gewonnen. Beide hadden verloren.

undefined

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden