Het festival is een megaklus

Sietse Bakker, event supervisor van het Eurovisiesongfestival, is al in gesprek met kanshebbers over het volgende festival. 'Een jaar is te kort.'

In Stockholm loopt een Chinese cameraploeg rond, Justin Timberlake komt morgenavond het pauzenummer verzorgen, en in de Verenigde Staten wordt het Eurovisiesongfestival voor het eerst live uitgezonden. Een van de grootste mediafeestjes ter wereld wordt groter en groter. Dat een strakgeplande liveuitzending waarin 26 landen hun spektakelshows moeten opvoeren enig logistiek talent vergt, is een understatement.

Niet zo gek dus dat de organiserende omroepen van de favorietenlanden licht zenuwachtig worden. Al voordat morgenavond bekend wordt wie het songfestival wint en volgend jaar dit festijn mag organiseren, zit de Europese koepelomroep EBU met hen om tafel. "Want iedereen beseft dat een jaar nogal kort is om dit allemaal te organiseren", zegt Sietse Bakker.

De 32-jarige Amsterdammer werkt al z'n halve leven voor het Eurovisiesongfestival. Het begon met een meisje, op de middelbare school. Ze was gek van het songfestival en om indruk op haar te maken bouwde Bakker maar een website. Dat meisje werd geen succes, de website wel. Dat vond ook de EBU, en inmiddels is Bakker er event supervisor. Hij is zo'n beetje de tweede man op het Eurovisiesongfestival, na productiehoofd Jon Ola Sand, de Noor die altijd zo mooi 'We have the votes' zegt.

Bakker is in Stockholm vooral druk met het wegwerken van problemen. En praten, veel praten. "Veel landen willen weten wat er gebeurt als ze winnen. Wat kost het, aan wat voor inkomsten moeten we denken, wat voor locaties hebben we nodig. Wij hebben een soort Wikipedia van hoe-organiseer-je-een-songfestival voor ze klaarliggen." Want zeker landen die al een tijdje niet gewonnen hebben, hebben geen idee.

Nee, dan Zweden. De Zweedse omroep SVT organiseert het liedjesfestijn nu voor de tweede keer in drie jaar. Zo'n feestje slaat een behoorlijk gat in hun begroting, maar dat is het waard, vinden ze. Wederom behoort Zweden tot de favorieten. Wíl de SVT eigenlijk wel winnen? "Hun financiële afdeling kijkt daar ietsje anders naar dan het productieteam", grijnst Bakker, terwijl we vanuit de pershal richting de catacomben onder Globen wandelen, het ijshockeystadion in Stockholm waar de show plaatsvindt.

"Net als in Malmö maakt de SVT 125 miljoen Zweedse kronen vrij, zo'n 14 miljoen euro. De SVT heeft een soort oorlogskas voor dit soort projecten. Daar komt nog kaartverkoop bij, een paar miljoen van de gemeente Stockholm, sponsorgeld. Daarnaast betalen de deelnemende omroepen mee naar draagkracht." Reken op dik 20 miljoen euro. De EBU heeft een plan klaarliggen waarbij het voor veel minder kan, maar dan heb je een vrij karig Eurovisie. Denk: geen Zweedse cakejes om 16:00 uur in de perszaal.

Een regiewagen reserve

Vanuit de catacomben onder de Globe kom je bij de achterkant van het podium. Er is een trapje, waarover de artiesten opkomen, ervoor staat een spiegel voor een laatste kledingcheck. Tijdens de liveshow zijn er 30 seconden voor de changeover, alles moet vlekkeloos verlopen. Met tape zijn er drie vakken op de linoleum vloer gemarkeerd. "Hier staan de eerstvolgende drie landen klaar, in volgorde van opkomst. Achter dat gordijntje krijgen ze de zangmicrofoon omgegespt."

Een golfkarretje met productiemensen schiet langs. "Zeker tijdens de uitzending is het hier een nogal georganiseerde chaos, vandaar de verkeersregels", zegt Bakker, wijzend op een zebrapad dat met tape is aangebracht.

Langs de rand van het podium - in feite een gigantisch ledscherm onder dik plexiglas, voor de visuele effecten - zitten de mondingen van de vlammenwerpers. "En hier wordt het vuurwerk ingestopt. Per optreden, we mogen niet al het vuurwerk van alle deelnemers onder het podium bewaren. Ook voor die wissel is dertig seconden. Langs het podium, uit het zicht, worden alle 21 camera's met joysticks bestuurd.

Door de gang lopen een kleine honderd dikke zwarte kabels over houten stellages naar buiten. Genoeg om een lijntje naar Amsterdam te knopen, zegt Bakker. Eenmaal buiten, achter Globen staan twee straalwagens die het televisiesignaal naar Genève sturen, van waaruit het verspreid wordt over alle omroepen. Ook staat een flink aantal noodaggregaten klaar, naast de regieruimtes vol schermen, gevestigd in twee vrachtwagens. Twee: mocht er iets misgaan, is er altijd een back-up.

Hans Pannecoucke, regisseur van Douwe Bob, komt hier niet binnen. Hij overlegt met de twee Zweedse regisseurs, die weer met de precieze aanwijzingen van Pannecoucke aan de slag gaan. Die samenwerking gaat in Zweden vrij vlot, omdat Malmö nog vers in het geheugen ligt. "Je ziet veel dezelfde mensen, met een honger om ideeën waar ze toen niet aan zijn toegekomen in de praktijk te brengen."

In totaal werken zo'n achtduizend mensen mee aan het Eurovisiesongfestival. Sietse Bakker is daar voor de laatste keer een van. Hij vindt het na zestien jaar tijd voor een nieuwe uitdaging, hoewel hij nog wel een tijdje bij het festival betrokken zal blijven. Morgenavond kijkt hij voor de laatste keer vanuit zijn kantoortje achter het podium naar de uitzending. "Met de benen op tafel - als alles goed gaat."

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden