Het Erbarme dich doet iets met je, maar wat precies?

Juni 1955, New York: Glenn Gould neemt Bachs ‘Goldbergvariaties’ op in de studio van Columbia Records in 30th Street.Beeld Getty Images

Wat maakt een hit? Helpt muziek bij pijn? Wat klinkt goed bij horrorfilms? Erik Scherder over muziek.

Erik Scherder
Singing in the brain
Over de unieke samenwerking tussen muziek en de hersenen.
Verschijnt woensdag 19 april bij uitgeverij Athenaeum;
432 blz. € 24,50

De Canadese meesterpianist Glenn Gould (1932-1982) was niet alleen vermaard om zijn vertolkingen van Bach, maar ook om zijn excentrieke spel. Hij hing met zijn neus op de toetsen, liet zijn linkerhand, als die vrij was, op de maat door de lucht bewegen, en hij neuriede de loopjes mee.

Dat kon niet iedereen waarderen, en zeker zijn managers niet, maar het neuriën kan een belangrijke functie hebben gehad, zegt hersenwetenschapper Erik Scherder. Neuriën gaat gepaard met activiteit in bepaalde hersendelen (voor liefhebbers: de premotorische schors, de sensomotorische schors en de pariëtale kwab). Precies diezelfde hersengebieden verzorgen de motoriek die je nodig hebt om een instrument als de piano te bespelen. Het neuriën heeft Gould dus geholpen bij het interpreteren en uitvoeren van Bachs muziek.

Aandoeningen en muziek

Gould is nooit officieel aangemerkt als autist, maar hij zou heel goed in het rijtje passen van grootheden met die aandoening. Hij figureert dan ook in het hoofdstuk over autisme in Scherders nieuwe boek ‘Singing in the brain’. De hersenexpert gaat in dit boek aanstekelijk enthousiast na wat muziek doet met het brein.

Het hoofdstuk over autisme is het fascinerendst. Scherder toont aan dat mensen met autisme die moeite hebben emoties bij zichzelf en anderen te herkennen, bij muziek daarmee geen enkel probleem hebben. Ook lichamelijke reacties op muziek, rillingen over je rug en kippenvel, worden door autisme niet gestoord. Scherder duikt in de werking van de betrokken hersendelen en laat zien hoe muziek kinderen met autisme zou kunnen helpen bij hun taalontwikkeling. Want in de hersenen zitten verbanden tussen die twee, muziek en taal.

Er komen nog veel meer aandoeningen voorbij, zoals pijn, angst, depressie, Parkinson en dementie, en de vraag wat muziek daarvoor kan doen. Maar Scherder behandelt ook heel andere vragen, zoals: welk onderscheid maken de hersenen tussen tonale en atonale muziek? 

Kort gezegd: de eerste muzieksoort levert een positieve reactie op, de tweede een negatieve. Logisch dus dat atonale muziek veel wordt gebruikt in horrorfilms. Andere vragen die voorbij komen: waarom houden we van treurige muziek? Wat maakt een hit? En hoe kan Jaap van Zweden een orkestpartituur lezen terwijl hij keihard Frank Sinatra op heeft staan?

Scherder geeft steeds een overzicht van wat er in de wetenschappelijke literatuur bekend is over die onderwerpen, ook als dat geen eenduidige conclusie oplevert. De overzichten worden ruim ondersteund door illustraties. Die kunnen echter niet verhelpen dat de tekst soms gebukt gaat onder hersendelen met Latijnse namen, en dus ingewikkeld wordt. Maar dat is nauwelijks te vermijden.

Relatie

De fundamentele ellende is dat de hersenen alles kunnen ‘zien’ behalve zichzelf. De hersenen ‘voelen’ hoe de zon je huid verwarmt, ze worden gewaar hoe eten de maag vult, maar merken niet hoe muziek de auditieve hersenschors kietelt. Hersenwetenschappers kunnen meten dat daar iets gebeurt, maar uit die metingen niet direct een causaal verband afleiden. Ze kunnen zien dat er een relatie is tussen muziek en hersenactiviteiten, maar kunnen niet altijd zien wat oorzaak en gevolg is. Vind je muziek mooi omdat die de activiteit in bepaalde hersendelen verhoogt, of gaat die hersenactiviteit omhoog omdat je de muziek mooi vindt?

Scherder waarschuwt hiervoor in zijn inleiding: “Om dat allemaal op te kunnen schrijven, heb ik in veel gevallen gebruikgemaakt van studies waarin beeldvormend onderzoek (Brain Imaging) is toegepast. Bekend is dat deze studies prachtig geschikt zijn om meer inzicht te krijgen in de werking van de hersenen, maar dat de resultaten ook (zeer) voorzichtig beoordeeld moeten worden. Lang niet altijd is er sprake van een causale relatie. Soms gaat het puur om ‘relaties’: het een houdt verband met het ander, niet meer en niet minder.”

Grenzen van zijn wetenschap

Maar dan nog blijft de lezer soms achter met de ongemakkelijke vraag wat nou oorzaak is en wat gevolg. Bijvoorbeeld na de bespreking van het verschil tussen liefhebbers van muziek en mensen die niet van muziek houden. Ja, die bestaan, en dat verschil is gemeten. En wat bleek? “Dat de activiteit in de nucleus accumbens veel lager is tijdens het luisteren naar muziek bij mensen die niet van muziek houden. De nucleus accumbens is hét gebied dat actief wordt als we dingen fijn vinden, naar dingen verlangen. En de verbinding tussen de rechter auditieve schors en de nucleus accumbens was veel minder sterk.”

Je kunt in de hersenen dus verschillen zien tussen muziekliefhebber en muziekonverschillige. Maar zijn die oorzaak of gevolg van hun beider muziekervaring? Dat blijft onduidelijk. Wat hier nog een beetje helpt, is onderzoek waaruit is gebleken dat die muziekonverschilligen geen structureel probleem hebben in hun nucleus accumbens. Want die werkt prima als ze eten, sporten of seks hebben. Van die activiteiten genieten ze. Maar muziek doet hun niks.

Je kunt in de hersenen zien dát muziek hun niets doet, maar je kunt in de hersenen niet zien waaróm dat zo is. Dat is de beperking van de hersenwetenschap nu eenmaal. Net zoals een cardioloog kan zien dat je hartslag omhoog gaat als de ‘Matthäus-Passion’ begint, en een chemicus kan zien dat er bepaalde stofjes door je bloed gaan stromen bij het ‘Erbarme dich’. Dát het gebeurt zien ze wel, maar waarom?... Scherder is zich zeer bewust van die grenzen van zijn wetenschap, gelukkig.

Erik Scherder

Erik Scherder (1951) is hoogleraar neuropsychologie aan de Vrije Universiteit in Amsterdam. Hij heeft veel onderzoek gedaan naar de invloed van lichamelijke activiteit en van pijn op de werking van de hersenen. Hij schreef daarover eerder ‘Laat je hersenen niet zitten’ (2014). Scherder verwierf bekendheid door zijn vele optredens op televisie en in het theater.

Beeld RV
Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden