Het einde van de derde wereld

Pudong, het zakencentrum van Shanghai was tot 1990 landbouwgrond. Beeld AFP
Pudong, het zakencentrum van Shanghai was tot 1990 landbouwgrond.Beeld AFP

Het was zo overzichtelijk: wij leefden in de eerste wereld, Afrika en Azië waren de derde. Als er amper een derde wereld meer is, hoe moet het dan met de eerste?

Ralf Bodelier studeerde theologie. Hij is schrijver en journalist en reist veel door Afrika. Bodelier promoveert deze zomer op een studie over kosmopolitisme.

Voor hoogopgeleide vrouwen is niet een westers land het mekka, maar Jamaica. Het hoogste aantal buitenshuis werkende vrouwen vind je in Burundi. Universiteiten in Katar worden vooral bevolkt door vrouwen. De meeste vrouwelijke taxichauffeurs kom je tegen in India.

Je kunt over zulke cijfers je schouders ophalen. Hoeveel van die Katarese studentes komen ook in hogere functies terecht? Wat stelt een topmanager in Jamaica nu voor? Zijn die Burundese vrouwen wel zo blij met hun zware werk? En zijn het niet vooral mánnen die zich door Indiase taxichauffeuses laten vervoeren?

De feiten
Toch liegen de feiten rond vrouwenemancipatie er niet om. Landen als Nederland krijgen stevige concurrentie. En nu eens niet van vooruitstrevende naties als Noorwegen of Luxemburg, maar vooral van derdewereldlanden als Burundi en Sri Lanka.

Het duurt niet lang meer of we moeten het hebben over 'voormalige derdewereldlanden'. Terwijl de eerste wereld worstelt met zijn stilstand, doen delen van de derde wereld het beter dan ooit. Nog steeds zijn de verschillen tussen Nederland en Namibië of Nepal immens. Maar het beeld van een rijk en rustig Europa versus een arm en angstig Afrika, Azië of Latijns-Amerika vertoont steeds meer scheuren.

In Hongkong en Santiago kijken ze met verbazing naar reportages uit Athene, waar hongerige gepensioneerden, werklozen en kinderen zich verdringen om afvalbakken. Berichten uit Boedapest, waar de Hongaarse regeringsleider Viktor Orbán een onversneden autocratie vestigt, herinneren krantenlezers uit Uruguay of Zuid-Afrika aan een grauw verleden. Volgens de Democracy Index 2011 behoren landen als Zuid-Korea, Costa Rica en Mauritius inmiddels tot de full democracies, terwijl landen als Frankrijk en Italië het vandaag niet verder schoppen dan flawed democracies -met een barst erin.

Verschillen vervagen
Gaandeweg vervagen de verschillen tussen de eerste en derde wereld. Maar de emoties waarmee dat in beide werelden gepaard gaat, staan haaks op elkaar. Terwijl in de eerste wereld de angst en de vertwijfeling lijken te groeien, gonst de derde wereld van onstuimig optimisme. Je moet als reiziger wel van ijs zijn om je in Kigali, Manila of Mumbai niet te laten raken door de hoop, de werklust en het vertrouwen die de inwoners uitstralen.

"Azië is het continent van de hoop."
"Kijk eens naar Pudong, een van de recent ontwikkelde districten van Shanghai", schrijft de Franse politicoloog Dominique Moïsi. "Waar nu die trotse torens verrijzen, lag voor 1990 hoofdzakelijk landbouwgrond. Tegenwoordig bruist deze plek van bedrijvigheid. De bouwstijl die de stadsplanners hebben gekozen, straalt moderniteit en vertrouwen uit, optimisme in de toekomst."

Moïsi ontwaart het optimisme en het vertrouwen niet alleen in Shanghai, maar ook in India, Cambodja, Brunei, Laos, Thailand, Maleisië, in Indonesië en op de Filippijnen.

Afrika is al even hoopvol gestemd. Zeven van de tien snelst groeiende economieën liggen op het Afrikaanse continent. Nicholas Kristof, Afrika-verslaggever voor de New York Times, valt het optimisme op. "Een van de best bewaarde geheimen in de wereld van vandaag, is dat hoop gedijt in hutten met daken van stro." Het optimisme is er zo groot, dat Kristof ook Afrika betitelt als 'het continent van de hoop'.

Niet alleen de groeicijfers van de Afrikaanse economieën voeden dit optimisme. Ook de verkiezing van de half-Keniaanse president Barack Obama geeft Afrikanen het gevoel dat zij nu eindelijk aan de beurt zijn. Van het bijzonder succesvol verlopen wereldkampioenschap voetbal in Zuid-Afrika leerden zij dat niet alleen de Britten of de Fransen zo'n groots evenement kunnen organiseren. Uit dramatische gebeurtenissen in de Verenigde Staten - op 11 september 2001 in New York en in 2005 tijdens orkaan Katrina in New Orleans ¿ leerden de bewoners van de derde wereld dat je voor vrede en veiligheid niet per se in de eerste wereld moet zijn.

Succesverhalen
Het aantal succesverhalen neemt snel toe. Neem Rwanda, het Afrikaanse minilandje dat in 1994 bijna ten onder ging aan de gruwelijke massamoord op 800.000 Tutsi. Wie achttien jaar later door Rwanda reist, leert hoe de Afrikaanse vooruitgang eruitziet in de dagelijkse praktijk. Niet alleen groeit de economie van het land met zeven procent en telt Rwanda het hoogste aantal vrouwelijke parlementariërs ter wereld, ook wist de regering van Paul Kagame de spanningen tussen Hutu en Tutsi terug te dringen.

De vooruitgang is overal zichtbaar, van de billboards in Kigali tot de golfplaten daken in de dorpen. En in de schone akkers op Rwanda's duizend heuvels. In 2008 besloot de Rwandese overheid dat winkels geen plastic zakken meer mogen uitdelen of verkopen, alleen papieren zakken zijn nog toegestaan. Met plastic versjteerde landbouwgronden zijn in Rwanda verleden tijd. In Brussel overweegt de Europese Commissie inmiddels een vergelijkbaar verbod. In Rwanda is iedereen verzekerd tegen ziektekosten. Voor twee dollar per jaar sluit de Rwandees een polis af, en wie deze twee dollar niet kan neertellen, krijgt een gratis verzekering. Voor state of the art chirurgie moet je nog steeds niet in Rwanda zijn. Maar ziektes waaraan Rwandezen vroeger massaal bezweken - diarree, ondervoeding, malaria en longontsteking - worden inmiddels met veel succes bestreden. De levensverwachting van de Rwandees is er met maar liefst vier jaar door gestegen. Een ziektekostenverzekering voor alle burgers: kom er eens om in de Verenigde Staten.

Wat nu nog de derde wereld heet, plukt de vruchten van de vooruitgang. De Amerikaanse organisatie Freedom House rekent landen als Ghana, Benin, Botswana en Mali tot de 'vrije landen', net als Nederland en Canada.

Welvaart
Toch is de kans klein dat de Malinees in alle vrijheid een krant kan kopen of via internet informatie kan zoeken. Met een koopkracht van rond de 500 euro per jaar is een krant voor de gemiddelde inwoner van Timbuktu of Bamako volstrekt onbetaalbaar. Nog geen drie op de honderd Malinezen maken gebruik van internet, terwijl meer dan negentig procent van de Nederlanders online is. Het voorbeeld van Mali toont bovendien aan hoe kwetsbaar de derde wereld nog steeds is. Twintig jaar lang was Mali een van de stabielste democratieën in het noordwestelijke deel van Afrika. Toch pleegden militairen er vorige maand een staatsgreep, gevolgd door de verovering van het noordelijke deel door opstandige Touaregs. Amnesty International meldt dat Mali ten prooi dreigt te vallen aan een humanitair drama, zeker nu hulporganisaties een groot deel van het land nog maar amper weten te bereiken.

De derde wereld is er nog lang niet. Zo zal de veelbelovende economische groei in landen als Bhutan (8 procent), Turkmenistan (10 procent) of Ghana (meer dan 13 procent) dit decennium nog geen einde maken aan de armoede. Zelfs met een economische krimp van een half procent, zoals in het Nederland van dit moment, genereert een doorsnee westers land nog altijd veel meer welvaart dan een voormalig derdewereldland met een groei van 10 procent. In de landen van de derde wereld leven nog steeds één miljard mensen die vandaag niet weten of ze morgen iets te eten hebben. In 2012 is één op zeven wereldburgers nog extreem arm.

Is ontwikkelingshulp nog wel nodig? Ja, dat is ze. Hoewel Nederlandse commentatoren op dit moment over elkaar heen buitelen met de bewering dat al die hulp weinig tot niets uithaalt, denken nogal wat deskundigen daar heel anders over. Zo stelt de Britse ontwikkelingseconoom Paul Collier dat dertig jaar hulp de economische groei van de armste landen duidelijk heeft gestimuleerd.

Het gezonde verstand zegt trouwens niets anders: wie zou flink willen korten op de Nederlandse gezondheidszorg, het onderwijs en de infrastructuur met het argument dat het directe effect op economische groei niet aantoonbaar is?

In de derde wereld groeien de hoop en het optimisme. Hoe anders is de emotiehuishouding in de eerste wereld. In West-Europa slinkt het optimisme - vanwege de eurocrisis en de bezuinigingen, leert 'Stemming onbestemd', een recent rapport van het Sociaal en Cultureel Planbureau.

Donkere toekomst
Twee derde van de Nederlanders is volgens dat onderzoek somber over de toekomst. Wel hebben ze meer vertrouwen in hun eigen leven en de economie dan veel andere Europeanen. "Men heeft enerzijds het gevoel dat het steeds slechter gaat in Nederland, maar prijst zich anderzijds internationaal vergelijkend gelukkig met het land." Onder bepaalde groepen Nederlanders - lageropgeleiden, Telegraaflezers, Limburgers en PVV-stemmers - heerst machteloosheid.

Voor een deel valt de somberheid te verklaren uit het feit dat veel westerse economieën weigeren om te groeien, terwijl de schuldenlasten maar blijven stijgen. De staatsschulden van veel rijke landen lopen inmiddels op tot meer dan 100 procent van het bruto nationaal product, terwijl de schulden van de meeste opkomende economieën keurig onder de 40 procent blijven. Kredietbeoordelaars deelden vorig jaar veel hogere cijfers uit aan Zuid-Afrika, Peru, Turkije en Brazilië, dan aan Griekenland, Portugal, Ierland en Spanje. Het gevolg is dat derdewereldlanden met de dag aantrekkelijker worden om in te investeren.

Daarmee worden ze met de dag ook aantrekkelijker voor werkzoekenden. En die komen niet alleen uit andere derdewereldlanden. Zo vond in de jaren zeventig nog bijna de helft van alle Filippijnse migranten een baan in Europa of de Verenigde Staten. Vandaag is dat percentage gedaald tot minder dan 10 procent. Negentig procent vindt inmiddels werk in een van de Aziatische groei-economieën.

Migratiecijfers
Interessanter nog zijn recente gegevens over toenemende migratie uit Amerika en Europa naar landen in Afrika en Zuid-Amerika. Meer dan 90.000 hoogopgeleide Portugezen vertrokken in 2010 naar oud-koloniën als Brazilië, Angola en Mozambique. Steeds meer Spanjaarden zoeken hun heil in Argentinië en Chili.

Brazilië, dat van 1991 tot 2011 jaarlijks meer dan 3 procent groeide, blijkt een van de populairste bestemmingen voor Europese migranten. In 2011 gaf het land 70 procent meer verblijfsvergunningen af dan in 2009.

De migratie van Zuid naar Noord krijgt concurrentie van die van Noord naar Zuid. Steeds meer jongeren zeggen weg te willen uit de somberheid en de ineenstortende economieën in het zuiden van Europa. Het Migration Policy Institute in Washington spreekt al over een Europese braindrain. En wat vertrekt uit Europa, jaagt van Doebai tot Zuid-Afrika de toch al fors groeiende economieën verder aan.

Het einde van de derde wereld is onomkeerbaar en dat geldt ook voor het einde van de eerste. Niet alleen Griekenland en Spanje, maar ook landen als Frankrijk en Nederland staan op een tweesprong. Wanneer de angst groeit, zakken onze economieën verder weg en wisselen we uiteindelijk stuivertje met die landen die we ooit de derde wereld noemden.

Maar lukt het ons om ons zelfvertrouwen te herwinnen en zetten we onze welvaart in voor een internationaal georiënteerde samenleving die ook duurzaam is, dan moet het mogelijk zijn om weer uit het dal te klimmen waarin we de afgelopen jaren zo diep zijn weggegleden. Waar het op aankomt is het lef om weer te hopen, the audacity of hope, zoals Obama het uitdrukte. Zeker op dit punt kunnen we nog veel van de derde wereld leren.

Ralf Bodelier leidt debatcentrum Wereldpodium in Theater de NWE Vorst in Tilburg.

Ralf Bodelier. Beeld
Ralf Bodelier.
Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden