Het eeuwige gelijk van Dokter Punto

Dokter Eric Rijckaert zat in juli 1998 een paar dagen in de gevangenis, toen er nieuws over systematisch Epo-gebruik door wielrenners van Festina naar buiten sijpelde. Voor de aanschaf van de verboden synthetische bloeddoping, in Spanje en Portugal 'gewoon' in de apotheek verkrijgbaar, was een apart fonds gevormd. Renners stortten daar, zwart, hun premiegelden in.

Johan Woldendorp

Een week eerder, tijdens het eerste weekeinde van de Tour de France, had ploegleider Roussel alle geruchten over de (toen nog vermeende) dopingzaak glashard ontkend:

,,We zijn niet per toeval de beste ploeg ter wereld.'' Met als ondertoon: een strak georganiseerde formatie als Festina zou het zich vanwege zijn goede reputatie niet kunnen veroorloven verstrikt te raken in schandalen.

Twee boeken van nauw betrokkenen verder (van de op illegaal drugstransport betrapte verzorger Willy Voet en arts Eric Rijckaert) weet iedereen beter. Voet liet het door zijn ghostwriter geëmotioneerd en tot in detail optekenen, Rijckaert laat het achterste van zijn tong niet zien. Als de tijd van leven hem nog vergund is (Rijckaert lijdt aan longkanker), moet hij in het najaar getuigen in het Festina-proces. Zo niet, zo schrijft hij, ,,voer ik geen discussies in de tuin van het Eeuwige Gelijk.'' Bij de presentatie van zijn boek 'De zaak Festina' mocht en wilde hij op een aantal vragen geen antwoord geven.

Rijckaert schrijft dat er bij die ploeg niets bijzonders aan de hand was. Niets bijzonders in die zin, dat alle andere topploegen op dezelfde manier met het fenomeen 'verboden stimulerende middelen' omging als Festina. Wie Rijckaert leest en hoort praten kan zich niet voorstellen dat hij het ongeveer een kwart eeuw in een door en door verrot milieu heeft volgehouden. Vooral in de jaren zeventig, toen de macht nog aan de soigneurs was, keek hij noodgedwongen aan de zijlijn toe hoe renners hun lichaam verpestten. Het gebruik van (toen nog niet traceerbare) corticosteroïden nam zo'n grote vlucht dat Rijckaert vaders van nieuwelingen op bezoek kreeg met het smekende verzoek hem ook een ampul te verstrekken.

,,De vader zei: Geef mij de spuit die Freddy Maertens (een Belgische coureur die in die tijd de ene koers na de andere won en daarna fysiek en psychisch aan lager wal raakte - red) krijgt, dan mag je voor je vrouw een diamanten ring kopen op mijn kosten'', vertrouwt Rijckaert het Vlaamse blad Humo toe.

Tussen soigneurs en artsen heerste puur wantrouwen. Op zijn minst één verzorger had de stellige overtuiging dat met de komst van ploegartsen (in de jaren tachtig) ook de dood zijn intrede in het peloton zou doen. Enig oorzakelijk verband tussen dat laatste en de plotse dood door hartstilstand is nooit aangetoond, maar Rijckaert weet dat de verleiding om iets 'extra's' te doen voor renners vaak zo groot is, dat je bijna een Oscar verdient als je er niet aan bezwijkt.

De arts, die zichzelf uiteraard verdedigt in zijn 'recht op antwoord', was in het peloton met de bijnaam Dokter Punto getooid, naar het kleinste model Fiat. Voor hem gold niet het adagium: Men vraagt en wij draaien. In zijn boek worstelt Rijckaert voortdurend met de vraag in hoeverre hij trouw moet zweren aan de wetten van wat hij de socio-economie noemt. Hij citeert de Duitse filosoof Nietzsche: ,,Er bestaan helemaal geen morele verschijnselen, er is alleen maar een morele uitleg van verschijnselen.''

Nadat Roussel in 1993 de Nederlandse inbreng uit de Festina-clan (ploegleider Gisbers en enkele renners) had verwijderd, streefde de Fransman maar één doel na: zijn ploeg moest de beste ter wereld worden. Dat jaar reeds verscheen Epo op het menu, als voorbereiding op de Tour de France.

Rijckaert, die Epo niet als puur slecht beschouwt, dacht de zaken redelijk onder controle te hebben, niet wetende dat toprenners achter zijn rug naar andere doktoren liepen die nimmer de bijnaam Dokter Punto zullen krijgen. Hij zegt zich nooit van enig kwaad bewust te zijn geweest; ook niet toen hij op 15 juli 1998 in een politiebusje werd afgevoerd. ,,Ik dacht: ze horen mij en laten me dan naar huis gaan.'' Wie denkt dat er twee jaar na dato veel is veranderd, gelooft in sprookjes. Rijckaert: ,,Als ik hoor dat twee procent van alle budgetten voor de Olympische Spelen van Sydney voor dopingcontrole is bestemd, moeten we niet roepen dat we dat probleem zo goed aanpakken.''

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden