Het Doelen-orgel mist de wierookgeur

Ben van Oosten, orgel
Gehoord: 16/5 in De Doelen, Rotterdam.

De Rotterdamse Doelen is een van de weinige Nederlandse concertgebouwen met een groot orgel. Buiten het orkestrepertoire wordt het met enige regelmaat solistisch gebruikt, hetgeen in drukbezette concertzalen allesbehalve vanzelfsprekend is. Dit seizoen kent Rotterdam de serie Orgel Centraal. Daarin gaf Ben van Oosten woensdag een recital met romantisch en vroeg-twintigste-eeuws, Frans repertoire.

Ondanks de populariteit en de internationale reputatie van Van Oosten als vertolker van Frans-symfonische orgelmuziek, was zijn concert matig bezocht. Ergens is dat begrijpelijk, want een kaartje voor De Doelen is nu eenmaal veel duurder dan dat voor een doorsnee orgelconcert in een kerk. En hoewel het Flentrop-orgel van De Doelen naar Nederlandse begrippen zeer groot is, heeft het minder aantrekkingskracht dan veel historische orgels in grote stadskerken.

De afgelopen jaren is er flink gesleuteld om de klank van het in 1968 naar de toenmalige esthetiek gebouwde orgel krachtiger en voller te maken, opdat het beter samen met orkest kan spelen. Het instrument bezit alle registers om er het Franse repertoire op te kunnen spelen. Een symfonisch Frans orgel is het echter niet en zal het op grond van de bouwwijze ook nooit worden. Desalniettemin wist Van Oosten te boeien. Hij kent de negentiende-eeuwse Franse orgels door en door na de talrijke cd's die hij op diverse Cavaillé-Coll-orgels in Frankrijk heeft opgenomen. Aldus wist hij door uitgekiende registraties de Franse klank op het Rotterdamse orgel te benaderen. Alleen één aspect kon hij niet veranderen: in de Doelen hangt nu eenmaal niet de muzikale 'wierookgeur' die de Franse orgels uit de tijd van Guilmant hun specifieke karakter geeft, met enerzijds mystieke en anderzijds mondaine, wufte aspecten. Vooral in Viernes 'Clair de lune' werd die Franse klank node gemist.

Het recital begon met enkele stukken die daar minder om vragen, omdat het romantische transcripties van barokke werken (Bach en Händel) betrof. Daarin kwam de heldere, concertante klank juist van pas. Toch overtuigden deze werken, behoudens de lyrische 'Sicilienne' naar Bachs fluitsonate en bewerkt door Dupré, minder dan de originele orgelwerken. Händels 'Orgelconcert' in d, bewerkt door Guilmant, bleek een curiositeit die door de romantische uitvoeringsvoorschriften en registraties wel erg ver van het origineel afstaat.

Buitengewoon fraai zette Van Oosten het 'Choral nr. 3' van César Franck neer, poëtisch, maar allerminst sentimenteel. Indrukwekkend was ook zijn vertolking van delen uit 'Sept pièces' van Marcel Dupré. Deze componist schreef zijn orgelmuziek vaak meer voor de concertzaal dan voor de kerk. Vandaar dat diens 'Canon', 'Carillon', 'Légende' en 'Final' het meest toegesneden bleken voor het orgel in De Doelen.

undefined

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden