Het dictaat der kilo's is heilig

Ze schrok niet. Welnee. Laatst kreeg Deborah Gravenstijn een publicatie van de sportkoepel NOC-NSF onder ogen, waarin gedrukt stond dat de psychische aandoeningen anorexia en bulimia nervosa veel voorkomen onder vechtsporters.

Zelf hanteert de judoka ook de weegschaal als maatstaf. Het dictaat der kilo's is heilig. Toch wilde ze 'in opstand komen' bij het lezen van die folder. ,,Goede begeleiding maakt ieder verschil.''

Haar gevecht met haar lichaam is legitiem. Zegt ze. Haar gewicht is een logische obsessie. Denkt ze. Gravenstijn is een vrolijke kwebbel, die nuchter over de voor- en nadelen van een streng dieet praat. ,,Ik ben gewoon een idioot.''

Ze is 25 jaar en goedlachs. Slank, maar niet mager. Waarom zou zij zich druk maken? ,,Ik ben eigenwijs. Ik weet dat ik mentaal sterk genoeg ben om dit afzien aan te kunnen.''

A woman's gotta do what a woman's gotta do. Gravenstijn wil het leven niet ingewikkelder maken dan noodzakelijk. Tegenslagen zijn er om overwonnen te worden. Toch? Zeker, en haar doorzettingsvermogen wekt bewondering. Maar de vraag blijft hoe hoog de prijs mag zijn die betaald moet worden voor een olympische medaille.

Ooit was de kleine judoka uit Spijkenisse jeugdwereldkampioene in de klasse tot 61 kilogram. Thans moet ze haar volwassen lijf onder de 52 kilo's zien te houden. Noodgedwongen. De jaren tussen de vrouwen lichter dan 57 kilo waren weinig succesvol geweest. De schaduw van landgenote Jessica Gal verdween nooit.

In 1999 besloot Gravenstijn over te stappen naar de gewichtsklasse tot 52 kilo. Anders kon ze de Olympische Spelen wel vergeten. Iedere natie mag immers per categorie slechts één vertegenwoordiger naar Sydney sturen.

Velen verklaarden haar voor gek. Maar Gravenstijn lacht het laatst. Ze kwalificeerde zich. ,,De stap was groot. Niemand had het aangedurfd mij dit te adviseren. Liefst 99 procent van de mensen om mij heen zeiden dat het niet haalbaar zou zijn. Als fysiotherapeut heb ik zelf een medische achtergrond. Ik wist wat er van mij verwacht zou worden.''

Haar normale gewicht schommelt zo rond de 58 kilo, hetgeen betekent dat Gravenstijn voor iedere wedstrijd zes kilo moet zien kwijt te raken. Een hele klus. ,,Ik kan van bepaalde producten het aantal calorieën dromen. De laatste twee dagen valt er qua vetpercentage echter geen winst meer te boeken. Dan wordt het lijnen extremer en ben ik niet meer aanspreekbaar. Eigenlijk sloop ik in die uren mijn vochthuishouding. Ik ren met twee truien en drie broeken aan in het rond. Slaap onder vier dekens. Alles om te zweten.''

Het moment van de waarheid is keer op keer zenuwslopend. Is ze genoeg afgevallen? Een aantal uren voor aanvang van een toernooi, meestal in de vroege ochtend, wordt ze onder het toeziend oog van een controleur gewogen. De tijd daarna benut ze om er zo snel mogelijk weer twee kilo bij te eten en drinken.

,,Het is niet gezond. Dat weet ik. De juiste balans is moeilijk te vinden. Natuurlijk gaat het lijnen met pieken en dalen, net als mijn gevoel. Details kunnen me soms uit evenwicht brengen. Als ik in de auto zit en een training niet haal doordat ik in een file beland, zeg ik weleens tegen mezelf: waar ben je nou mee bezig? In zo'n stemming kan ik de trek in een ijsje niet altijd negeren.''

,,Af en toe zondigen is goed. Anders wankel je op het randje van de eetstoornissen. Ik heb ze wel gezien hoor, vooral bij de jeugd. Kinderen weten niet waar ze mee bezig zijn en hun ouders ook niet. Ze hebben te weinig informatie. Dat is een belangrijk verschil met mij. Ik heb het geluk gehad dat veel mensen met me wilden meedenken.''

De voorbije twee jaar stonden twee diëtistes, twee sportartsen en bondscoach Marjolein van Unen Gravenstijn terzijde met raad en daad. ,,Ik heb hun 06-nummer en mag ze dag en nacht bellen als ik me onverhoopt niet lekker voel. In het begin waren ze bang dat mijn nierfunctie achteruit zou gaan. Dat ik te weinig mineralen en vitamines in mijn lijf zou overhouden. Daarom wordt mijn bloed om de maand gecontroleerd.''

Gravenstijn spreekt de zinnen als vanzelfsprekend uit. Maar het blijft een wonderlijke combinatie, weet ze, een lichaam prepareren op het leveren van topprestaties door het uit te hongeren en uit te drogen. ,,Ik moet in de voorbereiding veel duurtraining doen om vet te verbranden, terwijl judo juist een zeer explosieve en snelle sport is. Dat botst weleens.''

,,Toch heeft dit alles ook voordelen'', haast de bronzen medaillewinnares van het laatste EK zich te zeggen. ,,Aziaten overheersen onder de lichtgewichten. Ik ben bijna een kop groter dan al die gekke Chinezen en Japanners. Heel mijn judo-techniek heb ik moeten aanpassen. Iedere klasse heeft immers een eigen stijl: hoe zwaarder, hoe krachtiger en langzamer. Ik heb er zo veel voor moeten doen om in Australië te komen. Nu wil ik ook de prijzen. Het lijnen heeft me gretiger en gedrevener gemaakt.''

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden