Het corps beknibbelt

Bestuurders van een studenten- vereniging ’runnen een bedrijf in een speeltuin’. Hun werk is leuk en leerzaam en ’goed voor je cv’. Toch is het steeds lastiger om er studenten voor te vinden. Zo’n bestuursjaar is te duur.

Keurig gekleed –de mannen in driedelig pak met das– zitten de bestuursleden van het Eindhovens Studenten Corps achter hun computers. Hun outfit contrasteert met het aftandse decor: studentenkamer meets kantoor, in een krappe, donkere ruimte. De vloer is bezaaid met proppen, koffielepeltjes en stof, maar dat is, zegt de senaat, de schuld van de verenigingskatten: „Die halen de prullenbakken overhoop.”

De verzorging van de twee katten, Bras Koning Mike en Ilius genaamd, is één van de taken van het bestuur. Die bestaan verder uit sociale activiteiten, zoals het begeleiden van commissies en het aanwezig zijn op ledenavonden, borrels en feesten. Maar ook uit ’grotemensenwerk’: de kroeg exploiteren, de boekhouding doen en de verbouwing leiden van het nieuwe pand dat het corps volgend jaar hoopt te betrekken.

„Wij runnen een echt bedrijf, maar dan in een speeltuin,” zegt secretaris Anne Berben (20). En dat is leuk, leerzaam en ’goed voor je cv’. Het is ook heel intensief: de zes senaatsleden maken geregeld werkdagen van tien uur ’s ochtends tot diep in de nacht. „Ik ben alleen in het weekend thuis,” zegt president Simeon van der Steen (24). „Om te wassen en te slapen.”

Nederland telt ruim 700 studentbestuurders, verspreid over 140 verenigingen en organisaties. Zij vervullen functies die ooit felbegeerd waren. Berben kent de verhalen van vroeger: „Toen waren er echte sollicitatieprocedures, met verschillende rondes. Dan was het van: die wordt het wel, die niet.” Tegenwoordig is het in Eindhoven lastiger om leden voor de senaat te porren: „Ons bestuur was pas vijf dagen voor de installatie compleet.”

Ook elders in het land neemt de belangstelling voor fulltime bestuursfuncties sterk af, zegt Anne Muyres, praeses van de Landelijke Kamer van Verenigingen (LKvV). Daarbij speelt geld een belangrijke rol, zo bleek uit een bescheiden enquête van de LKvV vorig jaar. Op de vraag: ’Waarom wil jij geen senaatswerk doen?’ antwoordde 46 procent van de ondervraagde studenten ’om financiële redenen’. Daarnaast gaf 39 procent aan op te zien tegen de studievertraging als gevolg van bestuurswerk.

Bestuurders krijgen wel enige compensatie voor het ’verloren’ studiejaar van hun eigen universiteit of hogeschool: meestal een beurs van 3000 euro, dus evenveel als één jaar studiefinanciering. Maar aan die beurs zitten vaak voorwaarden vast. Zo moeten studenten van de Technische Universiteit in Eindhoven tenminste hun propedeuse hebben gehaald en 65 procent van de vakken in de jaren daarna.

Twee van de senaatsleden van het Eindhovens Studenten Corps voldoen niet aan die eisen, en kunnen dus naar het extra geld fluiten. Daarom krijgen ze van de vier collega’s een stukje van hún beurs, uit solidariteit, zegt Berben: „Anders is het voor hen helemaal niet te doen.”

Er zit echter nog een adder onder het gras: studentbestuurders moeten gewoon collegegeld (1600 euro) betalen. Terwijl ze in hun bestuursjaar naar eigen zeggen helemaal geen tijd hebben om te studeren. „Ik kan uit alle voorgaande jaren maar één bestuurslid noemen dat heel veel studiepunten heeft gehaald”, aldus Willem Bongers (21), vicepresident van het corps: „De rest doet hooguit één vakje.”

Na aftrek van het collegegeld blijft er dus maar 1400 euro van de bestuursbeurs over. Dat is, zegt Bongers „niet eens genoeg om een kamer van te huren.” Daarom gaat hij straks, na de senaat, weer werken in een kroeg. Ook de andere senaatsleden hebben al bijbanen op het oog om een extra studiejaar te bekostigen.

Maar Muyres van de LKvV vindt dat de overheid de studentbestuurders ook best wat meer zou mogen helpen. Daarom pleitte zij vorig jaar bij minister Plasterk van onderwijs voor ’collegegeldvrij besturen’, waarbij studentbestuurders een jaar lang gratis bij de universiteit of hogeschool staan ingeschreven. Plasterk voelt echter niks voor zo’n landelijke regeling, ook omdat die te duur is. „Hij vindt, denk ik, dat je dit werk gewoon naast je studie moet kunnen doen,’’ zegt Muyres.

Dat vindt ook de universiteit van Nijmegen, die overweegt om alleen nog parttime bestuursbeurzen te verstrekken. Muyres hoopt niet dat andere universiteiten dit ’zeer kwalijke’ voorbeeld gaan volgen: „Deze functies zijn gewoon niet in deeltijd te doen, daarvoor komt er te veel bij kijken.” Bongers uit Eindhoven is het met haar eens: „Je kunt dan misschien je standaardtaken uitvoeren, maar als bestuurder wil je ook extra’s organiseren voor je vereniging.”

De zes senaatsleden van het Eindhovens Studenten Corps lijken vooralsnog niet te lijden onder financiële zorgen van morgen. Dit jaar levert ze namelijk ook heel veel óp. „We leren bijvoorbeeld structureel werken,’’ zegt Robert Schrama (22), chef kattenverzorging en commissaris huisvesting. Dat betekent ’niet in je bed blijven stinken’ en ’een stukje timemanagement’. Minder nuttig maar wel leuk zijn de ritjes in de glimmende senaatscadillac, die pal voor de deur van de vereniging staat geparkeerd. En dan is er ook nog de jaarlijkse ’verre’ senaatsvakantie, dit jaar naar Kaapverdië. „Maar we gaan wel in het voorseizoen hoor,’’ aldus penningmeester Merel de Bruijn (21). „Dan is het veel goedkoper.”

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden