Het Centraal Planbureau

Naar de cijfers van het Centraal Planbureau over de Nederlandse economie werd reikhalzend uitgekeken. Toen CPB-directeur Coen Teulings eerder deze week waarschuwde tegen harder bezuinigen, had dat ook grote impact. Het bureau was al vanaf de oprichting in 1945 een gezaghebbend instituut.

Het mag een wonder heten dat het geloof in de maakbare samenleving na alle verwoestingen van de Tweede Wereldoorlog nog zo groot was, dat Nederland in 1945 een Centraal Planbureau (CPB) kreeg. De instelling kwam deels ook voort uit pure noodzaak. De bevrijde natie lag op haar gat. Er bestond gebrek aan zo ongeveer alles. Een wederopbouw kon slechts slagen onder gedegen leiding.

Bovendien bestond al voor mei 1940 breed behoefte aan gemeenschapszin. Ondernemers en politici hadden met de crisis en de oorlog hun onvermogen getoond. Wellicht konden technocraten, wetenschappers met een bestuurlijke roeping een complexe samenleving in goede en overzichtelijke banen leiden.

De oprichting van het CPB gaf ook aan dat sommigen wilden breken met de cultuur van ambtelijke eilandjes in het Haagse. "De regering acht het onvoldoende het opmaken van plannen uitsluitend aan de departementale ambtelijke instanties op te dragen, doch beschouwt het als een noodzakelijkheid voor het geven van leiding in grote lijnen over een dergelijk Planbureau te beschikken", legde Willem Schermerhorn, de eerste minister-president van na de oorlog, in een radiotoespraak uit.

Minister Hein Vos van Handel en Nijverheid gaf de econoom Jan Tinbergen in juni 1945 opdracht om een voorstel te doen voor de oprichting van een planbureau. De twee kenden elkaar goed. Ze waren in 1935 de geestelijke vaders van het Plan van de Arbeid. Namens de Sociaal-Democratische Arbeiderspartij (SDAP), de voorloper van de PvdA, presenteerden ze daarin alternatieve ideeën voor de bestrijding van de crisis en de werkloosheid, en de herstructurering van de economie. Het moest het falen van de aanpak van de rechtse coalities onder leiding van Colijn aantonen en tegelijkertijd de sociaal-democraten dichter bij de regeringsmacht brengen. Dat laatste lukte. Het plan, deels geïnspireerd door het Belgische voorbeeld van Hendrik de Man, combineerde nieuwe inzichten met het wegpoetsen van de allerradicaalste SDAP-programmapunten. In 1939, vier jaar na de presentatie van het werkstuk van Vos en Tinbergen, traden de sociaal-democraten voor het eerst toe tot een kabinet.

Tinbergen voerde in 1946 de opdracht van Vos snel uit. Al op 3 september besloot het kabinet naar aanleiding van zijn bevindingen tot oprichting van het Centraal Planbureau. Minder dan twee weken later opende de instelling haar deuren. Tinbergen zelf werd de eerste directeur. Hij zou in 1969 wegens zijn pionierswerk voor de econometrie worden onderscheiden met de Nobelprijs voor Economie. Tegelijkertijd had hij er altijd voor gewaakt om slechts een kamergeleerde te zijn. Hij wilde ruiken aan de praktijk, bijvoorbeeld via het CPB. Volgens hem waren veel briljante econometristen 'optimaal getrainde atleten die nooit een wedstrijd lopen'.

Tinbergen, directeur tot 1955, was een grootheid op het gebied van economische modellen. Daarmee konden redelijke voorspellingen worden gedaan voor de korte en langere termijn. Ze boden bovendien de mogelijkheid om de effecten van beleidsvoorstellen in te schatten. Tegenwoordig doet het CPB nog veel meer: zo maakt het kosten-batenanalyses van grote infrastructurele projecten, en het rekent de verkiezingsprogramma's van politieke partijen door.

De directeur van het CPB is een ambtenaar en wordt dus niet geacht zich in de dagelijkse politiek te mengen. Teulings' ingezonden brief in de Financial Times eerder deze week, waarin hij waarschuwde voor verdere bezuinigingen, kan daardoor vreemd aandoen. Aan de andere kant is het CPB een gezaghebbend instituut en raakt vrijwel elke uitspraak over economie aan politiek. In 1952 zette Tinbergen in zijn 'Theory of economic policy' de basisprincipes van economisch beleid op een rijtje: een rechtvaardige verdeling van inkomens en andere welvaartsbronnen, een stabiel prijsniveau, volledige werkgelegenheid, een behoorlijke groei en evenwicht op de betalingsbalans. Over wat dat precies betekent, denkt elke partij ook weer anders.

undefined

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden