Column

Het CDA neemt geen afscheid van de polder, maar twijfelt terecht

CDA-leider Sybrand Buma Haersma staat de pers te woord na een extra fractieoverleg. Beeld anp
CDA-leider Sybrand Buma Haersma staat de pers te woord na een extra fractieoverleg.Beeld anp

Het CDA verloochent zijn eigen kernwaarden. De partij van het maatschappelijk middenveld, van de zelforganisatie van burgers in maatschappelijke verbanden, zou de oorlog hebben verklaard aan de overlegeconomie. Partijleider Sybrand van Haersma Buma deed hoogstpersoonlijk een poging de dijken die zijn voorgangers opwierpen door te steken en de polder onder water te laten lopen. Commentatoren en columnisten kwamen nauwelijks over hun verbazing en, soms, verontwaardiging heen.

De conclusie dat het CDA de meerwaarde van de overlegeconomie inmiddels ontkent, is echter zwaar overtrokken. Van Haersma Buma drong inderdaad aan op een versnelde invoering van een aantal afspraken rond de hervorming van de arbeidsmarkt, maar daar lag niet het zwaartepunt van de inzet van Buma in de onderhandelingen met de coalitie. Die lag bij zijn verzet tegen het uitgangspunt van de coalitie dat een deel van de bezuinigingen uit belastingverhogingen dient te worden gefinancierd, en bij zijn stelling dat verkleining van inkomensverschillen op de schaal die het kabinet voorstelt, uiteindelijk werkgelegenheid zal gaan kosten.

Het pleidooi van Buma om met werkgevers en werknemers te praten over aanpassing van het sociaal akkoord zou het CDA bij wijze van spreken zo hebben laten vallen als met het kabinet te praten zou zijn geweest over schrappen van voorgenomen belastingverhogingen. Een volstrekt andere positie dan die van bijvoorbeeld D66. De echte tegenstanders van de overlegorganen zitten bij de democraten (en de VVD, als er geen regeringsverantwoordelijkheid is).

Dat wil echter nog niet zeggen dat het vertrouwen van het CDA in de overlegeconomie nog immer ongeschonden is.

Twee werelden
Buma gaf op een bijeenkomst vorige week in Den Haag vrijelijk lucht aan zijn twijfels rond de vitaliteit van het maatschappelijk middenveld. De vertrouwenscrisis raakt volgens hem niet alleen de politiek, maar ook maatschappelijke organisaties zoals de vakbeweging of de organisaties van werkgevers. Akkoorden tussen twee werelden die allebei grote moeite hebben nog namens de kiezer of namens de werknemer of werkgever te praten, leiden per definitie weer tot een versterking van het wantrouwen.

Het is een sombere analyse van Buma, maar daarmee nog niet waardeloos. Traditionele organisaties als de vakbeweging en de werkgeversorganisaties waren en zijn veel meer dan louter en alleen directe belangenbehartiging. De brede vakbeweging, zoals dat dan heet, was altijd een typisch Nederlands fenomeen, dat door de vertrouwenscrisis zwaar onder druk staat.

Begrip
In hoeverre deze analyse van het CDA mede de houding van de christen-democraten in de mislukte onderhandelingen van de afgelopen dagen bepaalde, is niet uit te maken. Ook het CDA is nog niet verder dan een analyse van de huidige situatie. Een oplossing is daarmee niet voorhanden.

Maar alles begint met een goed begrip van eventuele grote veranderingen. En daar hebben Buma en het CDA een belangrijk punt. De overlegeconomie kan door gebrek aan draagvlak wel eens zijn belangrijkste tijd gehad hebben. De politiek heeft er het grootste belang bij dat daarvoor dan toch in ieder geval iets in de plaats komt. Maar hoe dient zelforganisatie van burgers en behartiging van belangen tot stand te komen als de vertrouwenscrisis voortwoekert?

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden