Het brons van de Nederlandse handbalvrouwen voelt toch een beetje als goud

Lois Abbingh (L) en Estavana Polman vieren hun winst. Beeld AFP

Na een moeizaam toernooi hebben de handbalsters toch een prijs veroverd. Met vechtlust, teamwork en het geloof in elkaar als belangrijkste pijlers. ‘Ik ben blij dat ik voor dit team kan en mag spelen.’

Snel, dynamisch, verrassend en effectief. Aan deze vier aspecten van het handbal zoals Nederland het graag wil spelen, kan nog een kwaliteit worden toegevoegd: vechtlust. Puur op wilskracht slaagden de Nederlandse vrouwen er opnieuw in het WK-podium te beklimmen. Niet zo hoog als twee jaar geleden, toen in Denemarken zilver werd veroverd, maar het brons van Hamburg voelde een beetje als goud.

Nederland sloot de 23ste editie van het WK op een bizarre manier af. Het duel om de derde plaats met Zweden stond symbool voor het wisselvallige optreden van de ploeg tijdens deze titelstrijd. De voorsprong van 16-9 vlak na de rust werd zomaar weggegeven: 16-18. Angela Malestein maakte een einde aan de periode van achttien minuten zonder doelpunt. De eindsprint die volgde stopte bij 24-21.

“Ik weet ook niet meer wat we aan het doen waren in de tweede helft”, zei Malestein, die zich wel wist te herinneren dat zij een keer met haar club Bietigheim tegen Leipzig een achterstand van acht doelpunten had weggewerkt. “Misschien hebben we niet zo goed gespeeld, maar vind maar eens zo’n team dat met elkaar en voor elkaar blijft vechten.”

Vechtlust

Vechtlust, teamwork en het geloof in elkaar. Dat waren de afgelopen zestien dagen de pijlers onder het bronzen WK-succes van de handbalsters. Dat het spel niet altijd even goed was, dat de flow van de voorgaande titeltoernooien ontbrak, maakte de prestatie voor de speelsters alleen maar mooier. “We konden elkaar het gehele toernooi recht in de ogen kijken, niemand heeft verzaakt”, zei Lois Abbingh.

De opbouwspeelster van het Franse Issy Paris noemde het verloop van de wedstrijd tegen Zweden bizar. Al was ze ook weer niet helemaal verrast. “Wedstrijden om brons zijn altijd raar”, zei Abbingh, die met haar acht treffers van gisteren op een totaal van 58 kwam. “Iedereen is teleurgesteld over het verlies in de halve finale, iedereen is moe, het is de laatste wedstrijd en er zit veel druk op. Dan gaat het erom wie er nog het meest in gelooft.”

Abbingh roemde de teamgeest van de ploeg, al was ze ook blij met de vaak beslissende rol die ze zelf speelde. Van de opbouwspeelsters haalde zij als enige wel voortdurend een hoog niveau. “Het ging goed en ik ben blij dat ik het op deze manier kan afsluiten”, zei Abbingh. “Als het even niet loopt, is het de beste speelster die de verantwoordelijkheid neemt. Blij dat ik die persoon was. Ik heb ook vaak genoeg meegemaakt dat de ballen er niet in gingen.”

Bijzonder

De laatste keer dat Nederland op een titeltoernooi tegen Zweden speelde zat Abbingh zestig minuten op de bank. In de openingswedstrijd van het EK van 2016 in Zweden was zij derde keus achter Estavana Polman en Maura Visser. In Duitsland vervulde zij de rol die Nycke Groot niet kon vervullen. De sterspeelster van Györi uit Hongarije was niet fit, miste wedstrijdritme en kon niet de motor zijn die zij normaal altijd is.

“Deze medaille is heel bijzonder”, zei Abbingh. “Teams gaan zich instellen op ons. Vroeger dachten ze: oh, van Nederland winnen we wel. Natuurlijk kon het spel beter, maar het kan niet altijd perfect zijn.” Abbingh wees op de korte tijd dat Nederland aan de top van het mondiale handbal staat. “Vóór 2010 waren we niet eens elk jaar op een EK of WK. In 2015 werden we tweede, terwijl we op het WK daarvoor dertiende waren.”

Door haar optreden verdiende Abbingh als beste linkeropbouwer een plaats in het sterrenteam van het WK. Ook cirkelloopster Yvette Broch (in totaal 32 treffers) vond haar naam terug in het team met de beste zeven speelsters. Het duel met Zweden eindigde voortijdig voor Broch, die na drie tijdstraffen moest vertrekken. Het was het derde WK op rij dat Broch een rode kaart zag.

Broch, die ook op het EK van vorig jaar in het sterrenteam werd gekozen, keek met een gemengd gevoel terug op het WK. “We hebben niet de kleur gewonnen die je als topsporter wilt hebben”, zei Broch, die tegen Zweden uit vier pogingen vier keer scoorde. “Maar aan de andere kant ben ik supertrots op het karakter dat we hebben getoond. Het maakte niet hoe iemand speelde, we deden het met z’n allen. Ik ben blij dat ik voor dit team kan en mag spelen.”

Franse vrouwen verrassen Noorwegen in finale

De Franse handbalsters hebben zich verrassend verzekerd van de wereldtitel. In de Barclaycard Arena in Hamburg, gevuld met 11.261 toeschouwers, wonnen zij van titelverdediger Noorwegen: 23-21. Het was het tweede mondiale succes voor het Franse handbal dit jaar. Eerder pakten ook de mannen de wereldtitel. In de finale in Parijs waren zij eveneens te sterk voor Noorwegen. Het is voor het eerst sinds 1982 dat de vrouwen en mannen uit één land wereldkampioen worden. Destijds lukte dat de Sowjet-Unie.

De Franse vrouwen waren voor het laatst in 2003 de besten van de wereld. Vorig jaar werden ze tweede op de Olympische Spelen in Rio en derde op het Europees kampioenschap in Zweden. Het EK van volgend jaar wordt in eigen land gehouden. De ploeg van coach Olivier Krumbholz, die met een onderbreking van twee jaar de Franse vrouwen sinds 1998 onder zijn hoede heeft, had in keepster Amandine Leynaud de uitblinker. De sluitpost van Vardar Skopje stopte 10 van de 28 op haar afgevuurde schoten.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden