Het Brabants Orkest eert Wagemans met hele en halve premières

EINDHOVEN - Met een première-coëfficiënt van 2,5 mocht Het Brabants Orkest niet mopperen. Afgelopen week zette dit orkest de Dordtse componist Peter-Jan Wagemans in het zonnetje met een zogeheten 'componistenportret'. In het Muziekcentrum Frits Philips klonken op donderdagavond niet minder dan vier orkestwerken van Wagemans. Op zondagavond volgde nog een viertal kamermuziekwerken uitgevoerd door leden van Het Brabants Orkest en gasten.

In antwoord op dit gebaar beloofde Wagemans het orkest de première van een nieuw orkestwerk. Bovendien bracht hij de eerste uitvoering van een nieuw strijkkwartet in de programmering in. Tenslotte liet hij ook de verkapte première van het orkestwerk 'de stad en de engel' aan Eindhoven. Het Concertgebouworkest speelde deze compositie verleden jaar voor het eerst, maar toen kwam het werk nog niet helemaal uit de verf.

Wagemans besloot het werk te reviseren. Voorzien van een geheel nieuw slot bleek 'de stad en de engel' donderdagavond de meest geslaagde compositie. Ontspannen en geconcentreerd musiceerde het orkest onder leiding van Jac van Steen, die de Mozart-achtige toets die Wagemans voor ogen stond, van begin tot eind wist te bewaren.

Problematischer was de première van het speciaal voor Het Brabants Orkest geschreven 'Nachtvlucht'. Niet in de laatste plaats omdat sopraan Ingrid Kapelle slechts twee dagen de tijd had om de veeleisende partij in te studeren. Op deze zeer korte termijn moest zij voor haar plotseling verhinderde collega Marjorie Patterson invallen. Een formidabele prestatie, die niettemin het zicht op de werkelijke hoedanigheid van de compositie belemmerde.

De meest interessante wereldpremière vond daardoor zondagavond plaats, toen het Doelenkwartet het nieuwe strijkkwartet van Wagemans ten doop hield. In het slotdeel komt de componist pas echt op dreef. Aan ideeën ontbreekt het hem hier geen moment. Het ene spelletje na het andere laat Wagemans de kwartetleden spelen, met boeiende momenten als gevolg. Het imposante en monolothische karakter van deze finale komt niettemin in gevaar door een te grote verbrokkeling.

Naast deze hele en halve premières die hun vervolmaking wellicht in de toekomst vinden, zag het 'Componistenportret' ook om. Oudere werken zoals 'Rosebud' uit 1988 en 'Romance' uit 1983 lieten zien, dat Wagemans een componist is, die al jaren met liefde en vakmanschap voor orkest schrijft. Michael Erxleben was de trefzekere, 'romantische' solist in het vioolconcert en de dames van het kamerkoor van het Brabants Conservatorium kleurden in 'Rosebud' het wat onzeker beginnende orkest bij.

Een redelijk goed gevulde zaal wist deze inspanningen donderdagavond ook zeker te waarderen. Maar het meest overtuigende onderdeel van dit Brabantse eerbetoon misten de meesten. Dat vond zondagavond plaats in de kleine zaal van het Eindhovense Muziekcentrum voor een handvol publiek. Pianist Paul Hermsen en slagwerker Albert Straten realiseerden 'Ewig', een compositie uit 1993, op voorbeeldige wijze. Volstrekt eenparig in ritme en balans creëerden zij zachte, eenstemmige melodieën, alsof ze nooit anders hadden gedaan en ook nooit anders zouden doen. Een vleugje eeuwigheid dat snel verdampte, maar niettemin in de herinnering achterbleef.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden