HET BOS ONTWAAKT

Om half zes is het in het Amsterdamse Bos nog donker. De laaghangende bewolking in het zuidwesten gloeit dof oranje. Daar ligt Schiphol. Meer naar het oosten zijn de straatlichten van Amstelveen en Buitenveldert. Daar zingen de vogels al: merels, zanglijsters, winterkoningen, roodborsten en koolmezen.

In het donkere bos zwijgen de vogels nog. Alleen de scholeksters boven de polder Meerzicht zijn in de verte te horen. Maar stil is het niet, integendeel. Op de vroege zaterdagmorgen vertrekken de vliegtuigen aan de lopende band. En aan de andere kant is er de voortdurende dreun van zware vrachtwagens op de Haagweg.

Tien mensen zijn vroeg hun bed uit gekomen voor de jaarlijkse vogelexcursie van de vereniging voor veldbiologie KNNV. Het is niet koud, een graad of zes, en er is geen wind.

Eenden vliegen op uit de sloot langs de rietlanden van het Nieuwe Meer. Af en toe klinkt de roep van meerkoeten. Het rauwe 'karrrr' van een fuut doet haastig naar de kijkers grijpen. In het duister is een vage witte vlek te zien, de borst van de duikvogel. De futen zijn zo aan wandelaars gewend dat je ze overdag van een paar meter afstand kunt gadeslaan.

Uit het riet klinkt een krijsend geluid als van een speenvarken: de alarmroep van een waterral. Deze schuwe moerasvogel zit hier al zo lang als ik me kan herinneren, maar hij laat zich zelden zien.

Om zes uur begint de eerste merel in het bos te orgelen, een uur later dan in de bebouwde kom. Meteen volgen de andere: zanglijster, roodborst, winterkoning, fitis, tjiftjaf, kool- en pimpelmees. In het rietland kraait een fazantehaan en beginnen twee rietgorzen met hun monotone liedje, dat bestaat uit een paar onbeduidende stamelende 'sie'-geluidjes.

Hemelgeitje

Kokmeeuwen lawaaien boven het Nieuwe Meer. Zwarte kraaien roepen boven het bos. Een uil vliegt onhoorbaar in een wijde boog laag over de rietpluimen en verdwijnt in het duistere bos. Even later klinkt van tussen de bomen het 'ke-wiek...' van een vrouwtjesbosuil, meteen door het mannetje beantwoord met een hoge bibberende roep. Het geluid wordt bijna overstemd door het brullen van vliegtuigmotoren en het kost enige moeite het van dat 'achtergrondlawaai' te scheiden. Toch mogen we van geluk spreken, want deze luidruchtigste inheemse uil laat zich in het Amsterdamse Bos nauwelijks horen, volgens sommigen vanwege het voortdurende verkeerslawaai.

De oostelijke hemel wordt haast onmerkbaar lichter als we aan de rand van de polder Meerzicht staan. Hier en daar is iets blauw te zien tussen de grijze wolken. Er komt wat spetterregen neer. Hoog boven ons klinkt een blatend geluid. Tegen de grijze lucht is een snel vliegend figuurtje zichtbaar, een baltsende watersnip. Hij duikt met grote snelheid naar beneden, waarbij de lucht zijn buitenste staartpennen in trilling brengt, wat het geitachtige mekkeren teweegbrengt. De watersnip is een zeldzame broedvogel van drasland. De polder Meerzicht wordt al een paar jaar beheerd als weidevogelreservaat, ook met het oog op deze kritische soort. Tot nog toe hebben zich geen watersnippen gevestigd. Het is gebleven bij de tureluren, grutto's, kieviten en scholeksters, die er altijd al broedden.

In de grauwende morgen begint een matkop te zingen in de hoek van het rietland, waar hoge schietwilgen de bocht in de Kleine Meerdijk markeren. Hier begint tussen dijk en Nieuwe Meer een smalle strook rietland met halfbolvormige struiken van grauwe en geoorde wilg en goudgeel bloeiende dotters. Uit een van de wilgen klinkt een snelle opeenvolging van lichte, trillende toontjes, af en toe lijkend op het sjirpen van een krekel. We wachten een tijdje, maar de zanger laat alleen even zijn silhouet zien tegen de snel lichter wordende lucht en duikt dan weg in de dichte ondergroei van het wilgenbosje. Het is een familielid van roodborst en nachtegaal, de blauwborst, een kleine zanger met een glanzend kobaltblauwe borst, omzoomd met zwart en roodbruin en in het midden met een witte vlek. Bij een nestkist in een hoge wilg zit een torenvalk. 'Ki-kiki-ki-ki...' klinkt het over de weiden. Het mannetje nadert het vrouwtje en zonder veel plichtplegingen vooraf vindt een paring plaats.

Wilde kriek

Een van de beste plekken om futen ongestoord te bekijken is het Eiland van Bakker, een gevarieerd oeverland langs het deel van de ringvaart van de Haarlemmermeer dat in het Nieuwe Meer uitmondt. Via een brugje of een pad bij de boerderij Meerzicht kun je het betreden. Naast het brugje komt net een wilde kriek in bloei. Zo vroeg in de morgen vliegen al dikke aardhommelkoninginnen op de bloesems. Fitis, tjiftjaf, zwartkopje en matkop zingen in het bos van elzen, berken, grauwe, geoorde, kraak-, amandel- en schietwilgen, waarin de stekelvarens hun veren beginnen te ontrollen.

Een reiger beent door het drasland tussen de bomen, waar de dotters volop bloeien en de eerste pinksterbloemen beginnen te kleuren. Langs de paden komen moerasspirea, valeriaan, klis, brandnetel en engelwortel op en bloeien hondsdraf en de eerste smeerwortel tussen gras en dikkopmos. Op het platgetreden gras staat een fazantehen haar veren te ordenen. Hoog in een wilg kwelen twee Vlaamse gaaien verliefd. Een paartje staartmezen buitelt vlakbij om de takken. De nachtegaal moet al terug zijn uit Afrika, maar we hebben hem niet gehoord.

Zonsopgang

De zon komt tegen zevenen uit de wolken omhoog. Gloeiend staat hij achter de nog kale staketsels van de knotwilgen langs de dijk. Uit het bos bij de boerderij klinkt het knerpende geluid dat een grote bonte specht veroorzaakt door met zijn snavel een dode tak in een boomtop te laten trillen. Van verder weg klinkt het lachen van een tweede spechtesoort die in het Amsterdamse Bos voorkomt, de groene specht.

Speenkruid bloeit massaal in de berm van de Kleine Meerdijk. De holle, vermolmde koppen van de knotwilgen dragen hele hangende tuinen van stekelvarens, witbol en kruipend struisgras met de rode scheuten van veldzuring en wilgeroosje, met bloeiende paardebloemen en hondsdraf, snel opkomende brandnetels en fluitekruid en bomen zoals berk, vlier en lijsterbes. Dikkopmos groeit er vanzelfsprekend, want dat vind je ook op stobben, maar grote pollen gele lis zou je toch niet zo gauw verwachten.

De grutto's, drie mannetjes, jagen in pijlsnelle vlucht achter elkaar aan. Een tureluur baltst: met schuin neerwaarts gehouden vleugels daalt hij naar de slootkant, waar zijn nest zal komen. 'Keloeje-keloeje-keloeje...' klinkt het uit zijn snavel. 'Grut-to-grut-to-grut-to-grut...' Een van de grutto's wiekt op eenzame hoogte in het diepe blauw. Bij elke lettergreep van zijn heerlijke lentelied kantelt hij naar links of rechts. En op amper een kilometer afstand ontwaakt de hoofdstad.

NATUUR DEZE WEEK

Het heermoes komt met bleekbruine sporenaren uit de grond. Als je ertegen tikt, komt er gelig meel uit: de stoffijne sporen van deze akkerpaardestaart. - De zeggen langs de sloot hebben zwarte staartjes tussen het stijve blad. In mei komen daaruit de stampers en meeldraden, als deze grasachtige planten in bloei staan. - In schone sloten en in stille kreken in het plassengebied ontluiken de winterknoppen van de kikkerbeet. De groene knopjes overwinterden in de modder en komen nu boven drijven. Ze ontplooien aanvankelijk heel kleine blaadjes. - Nu de paardebloemen in volle bloei komen, is de bloeitijd van het klein hoefblad voorbij. De geschubde bloeistengels knikken aan de top en in de gesloten hoofdjes groeit nu het zaad met spierwit vruchtpluis. Tegelijkertijd verschijnt het blad boven de grond, overtrokken met een grijs laagje, dat op vilt lijkt. - Draadereprijs vormt met zijn vele kleine bloempjes blauwe meren in tuin- en parkgazons. - Hondsdraf en paarse dovenetel vormen hele bloeiende velden in sommige bermen en bosranden. Ze worden bezocht door hommels en graaf- en metselbijen. - Er vliegen buiten grote wespen rond, koninginnen op zoek naar een goede nestplek. Soms is in huis het eerste begin van een nest te vinden. Dat kun je maar beter meteen verwijderen. - In de avond zijn tegen verlichte ramen groene gaasvliegen te zien. De larven van deze teervleugelige insekten jagen op bladluizen en zijn daarom even nuttig als de larven van lieveheersbeestjes. - Zwarte en gekraagde roodstaart zijn terug uit hun winterkwartieren. De zwarte roodstaart zingt op allerlei in aanbouw zijnde gebouwen, waar hij zijn nest maakt in de drukste bouwactiviteit. De gekraagde roodstaart is een bosvogel, die in boomholten en nestkasten broedt en in tegenstelling tot zijn verwant de laatste jaren opmerkelijk in aantal achteruitgaat.

EN VERDER

Publieksactiviteiten van het IVN (deelname is altijd gratis): vandaag fietstocht van twee en een half uur naar het Binnenveld en de Grift om weidevogels te zien, om 9.30 uur van de brug tussen Benedeneind en Grote Beer te Veenendaal; morgen ochtendexcursie met thema vogelnesten in het Beatrixpark te Schiedam, om 10 uur van de grote parkeerplaats bij de sportvelden; wandelen rond Anna's Hoeve te Hilversum, om 13 uur van de parkeerplaats tegenover het restaurant; maandag Schiebroekse parken, om 14 uur van Larixlaan hoek Kastanjesingel bij Wijkgebouw De Castagnet; wandeling in Oosterbeek, om 9.15 uur van de oude kerk aan de Benedendorpseweg, koffie bij de Westerbouwing; woensdag avondexcursie naar de Drechterweide, om 19 uur van eindpunt bus 66 aan de Krabbendijkestraat in Rotterdam; donderdag avondwandeling in het Kralingse Bos in Rotterdam, om 19 uur bij de manege. - Woensdag organiseren de Botanische Tuinen Utrecht een middag voor kinderen van 9 tot 12 jaar over kruiden en hun gebruik in Fort Hoofddijk, Budapestlaan 17 in de Uithof, van 14 tot 15.30 uur. - Morgen gaat de Teleaccursus 'De Natuurgids' op Nederland 2 over het hoogveengebied. Wie zelf eens met natuurgidsen van het IVN een wandeling door zo'n gebied wil maken, kan de gratis Wandelwijzer vragen door 020-6228115 te bellen.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden