Het beeld ís het verhaal

De afdeling Nederlandse geschiedenis van het Rijksmuseum is dicht. Als het Rijks straks is verbouwd, gaat geschiedenis samen met de collecties schilder-en beeldhouwkunst en kunstnijverheid. Volgens conservator Wim de Bell gaat dat iets spannends opleveren.

Toen het Rijksmuseum in 1885 openging, stonden bij de ingang van de afdeling 'Vaderlandse geschiedenis' kanonnen. De bezoeker moest onder de indruk komen van het grootse Nederlandse verleden. Ook toen de afdeling 'Nederlandse geschiedenis' ging heten, bleef hij dé plek waar je als schoolkind geschiedenis leerde.

Dat is verleden tijd. Binnen het Rijksmuseum veranderde de visie op de strenge scheiding tussen kunst en geschiedenis, en kwam er behoefte aan een meer eigentijdse aanpak. Voortaan geen scheiding meer van kunst en geschiedenis, maar één presentatie waarin historische en kunstvoorwerpen elkaar aanvullen en versterken.

De collecties schilderkunst, beeldhouwkunst en kunstnijverheid en Nederlandse geschiedenis worden gecombineerd tot een 'geïntegreerde presentatie' die bij de heropening van het Rijks in 2008 'het verhaal' van de Nederlandse geschiedenis gaat vertellen. De groep conservatoren Nederland-se geschiedenis werd in januari uitgebreid met een conservator voor de 20ste eeuw, historicus Wim de Bell. De Bell is positief over de veranderingen: ,,Ik heb het idee dat er een bijzonder nationaal museum aan het ontstaan is. De belangrijkste verandering is dat het Rijksmuseum straks een chronologisch parcours heeft, van de MiddelDe eeuwen tot en met de 20ste eeuw.”

,,Je wandelt chronologisch langs de zaken die vroeger ook al in de historische opstelling te zien waren, plus de kunst en kunstnijverheid uit de verschillende periodes. Dat kan heel spannend worden. Als je komt voor het melkmeisje van Vermeer, kan het best zijn dat de VOC-presentatie je ineens verrast. Dat is zo leuk aan musea: je komt voor het een en je gaat naar huis met zowel het een als het ander.”

sluiting van de afdeling Nederlandse geschiedenis werd niet verwelkomd door historici, die vrezen dat het historische verhaal straks door het beeldend geweld van de kunst ondergesneeuwd raakt. De Bell deelt die zorgen niet. ,,Ik denk dat de integratie van kunst en geschiedenis versterkend werkt voor alle onderdelen. Zoals je kunt zeggen dat er voor de kunst een chronologisch-historische context ontstaat, wordt er voor die geschiede-nis natuurlijk een context in de vorm van beeld geschapen. Het is een misverstand te denken dat bij een geschiedenisopstelling het beeld ondergeschikt is aan het verhaal. Het beeld ís het verhaal.”

,,Het is het idee dat historici soms hebben van het bouwen van een tentoonstelling: plaatjes bij de tekst, als in een boek. Maar een museum heeft eigen wetten, die meer met theaterwetten van doen hebben dan met die van boeken. De kunst van de tentoonstellingmaker is een mise-en-scène te scheppen waar de bezoeker in op kan gaan. Let wel, het is al heel wat als je de bezoeker zo ver krijgt iets van een historische sensatie te voelen.”

,,De fout die wordt gemaakt is het idee dat het historisch museum je daarbij ook nog eens moet opvoeden. Natuurlijk moet je mensen een toelichting geven bij wat ze zien. Tegelijk moeten veel dingen voor zichzelf spreken. Museumbezoek is een zintuiglijke ervaring. Daar moet je als museum niet op inbreken met een lawine aan teksten.”

De Bell trad in maart in dienst van het Rijksmuseum, na twaalf jaar bij het Amsterdams Historisch Museum. De laatste jaren wordt bij het presenteren van geschiedenis vooral gedacht aan het opzetten van een Nationaal Historisch Museum. De Bell is daar geen voorstander van. ,,Het idee dat je een serie topstukken uit Nederlandse collecties in een lange rij zet en daarmee 'de' nationale geschiedenis kunt weergeven is ouderwets.”

,,Het werkt ook niet in de huidige verhoudingen. Als conservator sta je voor een onmogelijke opgave: mensen met een rondje door de zalen even iets van historisch besef meegeven. Ik geloof er niet in dat je met een bezoek aan een nationaal historisch museum een beter burger zou worden. Ineens wordt geschiedenis opgevoerd als breekijzer om mensen te laten integreren in Nederland. Zowel immigranten als autochtonen, want die weten doorgaans ook weinig van hun eigen verleden.”

,,Het enige dat helpt tegen dat gebrek aan historisch bewustzijn, waar het Rijksmuseum best een rol in kan en wil spelen, is dat men alle politieke en maatschappelijke ambities weer op het onderwijs zet, en geschiedenis daar net zo centraal zet als taal en rekenen. Overigens wordt wel eens vergeten hoe populair geschiedenis is: de gemiddelde Nederlander hoeft maar een halfuur te reizen om ergens een historische tentoonstelling te kunnen bezoeken. Het aanbod is enorm. Zal een nationaal historisch museum daar nou iets wezenlijks aan toevoegen?”

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden