Het ANP is nu zelf economisch nieuws

Er doemen donkere wolken op voor het Algemeen Nederlands Persbureau. Het nationale persbureau, dat achter de schermen van de journalistiek kranten en omroepen van vrijwel al het nieuws voorziet, moet zich aanpassen aan het snel veranderende medialandschap. Eigenlijk is het een discussie over geld. “Als het aan onze afnemers ligt, worden we op een enorme manier uitgekleed”, vindt de voorzitter van de ondernemingsraad.

RUTGER VAHL

Het ANP beseft de implicaties van dit schot voor de boeg. Het mag geen geheim heten dat de NOS jaarlijks een kwart van de totale ANP-kosten (zo'n 30 miljoen gulden) voor haar rekening neemt. De keuze waar de NOS het ANP voor stelt - een goedkoper produkt òf beëindiging van het contract - laat dus weinig ruimte voor optimisme. Als de omroepgelden wegvallen zal het mes diep in de organisatie moeten worden gezet. Hoe diep is nog de vraag, maar gedwongen ontslagen lijken niet te vermijden.

Nauwelijks van deze schok bekomen kregen de 260 ANP-medewerkers twee weken later een nieuwe klap. Op 18 oktober, toen de Raad van Beheer van het ANP vergaderde, bleek dat er in de krantenwereld zeer weinig animo bestaat de eventuele financiële gevolgen van het verlies van het NOS-contract te compenseren. Hoewel de stichtingsconstructie van het ANP de kranten verplicht voor de kosten van het persbureau op te draaien, vinden de bepalende uitgeverconcerns Wegener, PCM/NDU, Telegraaf en VNU het persbureau langzamerhand duur genoeg. Meerkosten, mocht de NOS het contract opzeggen, zullen niet voor rekening van de overige deelnemers in de stichting zijn, zo is de ANP-directie duidelijk gemaakt.

Er wordt driftig aan de stoelpoten van het ANP gezaagd. De kritiek is niet van de lucht. Het persbureau, in 1935 door de gezamenlijke dagbladuitgevers in het leven geroepen, zou de laatste jaren te veel zijn afgeweken van zijn oorspronkelijke taak, het verzamelen en verzenden van nieuwsfeiten. De achtergrondverhalen, analyses en interviews die het ANP tegenwoordig levert maken veel kranten liever zelf. Bovendien, zo klagen de dagbladen, is het ANP een 'alles-of-niets-dienst'. Er valt te weinig te kiezen; wie zich abonneert krijgt veel informatie waar niet om is gevraagd, maar wel voor moet worden betaald. Shoppen is wat de kranten willen. Ze willen de mogelijkheid krijgen de krenten uit het totale ANP-aanbod te pikken. En bovenal geldt: het ANP is te duur.

In de optiek van directeur B.Q. Voors valt er nog niets te zeggen over de op handen zijnde veranderingen bij het ANP. “Er komt nu gelijktijdig een aantal signalen bij ons binnen. We hebben gezegd: dit is een goed moment om tabula rasa te maken, met een schone lei te beginnen. We moeten nadenken hoe we het ANP opnieuw gaan construeren, als ware het een nieuwe organisatie.”

Het ANP is een stichting waarin de dagbladen deelnemers zijn. De Raad van Beheer bepaalt de koers die het persbureau vaart. En belangrijk kenmerk van de Stichting ANP is, dat de kosten ieder jaar over de deelnemers, de dagbladen dus, worden verdeeld. En dat levert volgens directeur Voors steeds meer moeilijkheden op. “De homogeniteit binnen de deelnemerskring neemt af, en laat ik het maar eerlijk zeggen, de solidariteit ook. Ons tariefsysteem bepaalt dat, wanneer er kranten fuseren of verdwijnen, de andere deelnemers méér gaan betalen. De laatste jaren neemt de irritatie daarover toe. Hoewel de kranten in formele zin deelnemers zijn in een stichting, zeggen ze eigenlijk: beschouw ons maar als klant.”

Deze trend duidt Frans van der Waals, voorzitter van de ondernemingsraad, aan als: wel de lusten, maar niet de lasten. Bij een stichtingsconstructie hoort nu eenmaal de consequentie dat je als deelnemer garant staat voor de gemaakte kosten. Van der Waals vindt daarom dat de stichtingsvorm van het ANP ter discussie moet worden gesteld. “Als je de markt zo ongelooflijk wilt laten inwerken op deze organisatie als nu wordt bepleit, dan moet je het ANP ook losmaken van de beleidsbepalers, vind ik. Een zelfstandig en zakelijk ANP dus.”

Volgens Van der Waals was de Raad van Beheer tot voor kort voorstander van privatisering, maar recentelijk is de raad op dit standpunt teruggekomen. “Een maand of veertien geleden hebben een paar machtige leden besloten het ANP toch maar aan het handje te houden. Geen verzelfstandiging dus. Als je geld te kort hebt, kom je maar naar ons, heette het toen.” Daarom vindt Van der Waals het onbegrijpelijk dat de deelnemers nu, een jaar later, van het omslagsysteem af willen. “Voor de directie van een bedrijf is het wel heel moeilijk hierop een beleid te voeren, een beleid dat toch uitgaat van een zekere stabiliteit in de houding van de Raad van Beheer”, aldus Van der Waals.

Misschien had het ANP meer aandacht moeten schenken aan de relatie met de Nederlandse Omroep Stichting. De eigenzinnige houding van de NOS zou achteraf heel goed als katalysator hebben kunnen gewerkt. De problemen met de NOS dateren van 1993, toen het ANP nieuwsbulletins ging leveren aan commerciële radiostations. De publieke omroepen, sinds 1936 voorzien van het voorrecht op het exclusieve ANP-nieuws, besloten hierop hun nieuwsbulletins zelf te gaan maken. Op 31 december 1994, om 23.00 uur, ging een stukje radio-historie verloren, toen voor de laatste maal door de ether klonk: 'Dit is de Radionieuwsdienst, verzorgd door het ANP'.

Het wegvallen van de Radionieuwsdienst wordt bij het persbureau gevoeld als een groot verlies aan prestige en wervingskracht en blijkt een voorbode te zijn geweest van nog ingrijpender veranderingen. De NOS overweegt alle banden met het nationale persbureau te verbreken, als het ANP de prijzen niet verlaagt en zijn produkt meer toesnijdt op de omroepwereld, zo realiseert ook directeur Voors van het ANP zich. Voors gaat er vooralsnog van uit dat hij de NOS als klant weet te behouden. “De bedragen waar het om gaat zijn voldoende groot om ze serieus te nemen, maar niet zodanig dat ze onoverbrugbaar zijn”, meent hij. Op de achtergrond van de onderhandelingen met de omroepen ziet Voors echter een ander, fundamenteler gevaar opduiken. Het wegvallen van de NOS zou de hele financiële constructie van het ANP op losse schroeven kunnen zetten. “Waar we voor moeten oppassen is het fameuze domino-effect. Als de NOS wegvalt moeten de kranten voor de kosten opdraaien, en als die zeggen: sorry, maar dat gaat ons te ver, als dat proces eenmaal begonnen is, dan is dat een niet te stuiten weg naar beneden.”

Financiële motieven voeren ten onrechte de boventoon in de huidige discussie, meent Van der Waals. “De Raad van Beheer gaat wel heel eenzijdig om met de werkelijkheid. Het is alleen hakken in de kosten en verder niets. Ik krijg het idee dat er niet wordt gekeken naar de kwaliteit van ons produkt. Bij de gebruikers daarvan, de redacteuren, de verslaggevers, hoor ik vooral waardering. De toekomst van het ANP zou veel meer beïnvloed moeten worden door de mensen die met ons produkt werken. Als we doen wat onze afnemers willen, worden we in ieder geval op een verschrikkelijke manier uitgekleed.”

Het ANP heeft zestig jaar kunnen functioneren, maar lijkt nu enigszins door de moderne tijd te worden ingehaald. Het verzamelen van nieuws is, zeker voor de grote en rijkere kranten, via tal van nieuwe communicatie-technieken gemakkelijker geworden. Een nationaal persbureau heeft aan belang ingeboet, is minder noodzakelijk geworden. Directeur Voors: “Minder noodzakelijk? Daar krijg ik een tegenstrijdig gevoel bij. De mate waarin kranten afhankelijk zijn van een nationaal persbureau is zeker minder dan jaren geleden, dat is waar. Maar dat neemt niet weg dat er nog een aantal zeer wezenlijke functies voor een persbureau overblijft. De vangnetfunctie bijvoorbeeld, de garantie dat je, wat er ook gebeurt, verzekerd bent van het nieuws. De basisfunctie van een persbureau verandert niet: het vergaren van het nieuws ter plekke ten behoeve van de nieuwsmedia.”

Het ANP zal naar alle waarschijnlijkheid flink moeten bezuinigen. En een stichting zonder eigen kapitaal kan dat eigenlijk alleen op de personeelskosten. Onder de 260 mensen die bij het ANP werken is dan ook onrust ontstaan. Van der Waals: “De werkgelegenheid staat hier zwaar op de tocht. Er is een hoop onrust op de vloer en ik weet al dat er collega's aan het solliciteren zijn. Voorlopig zijn er geen acties te verwachten, maar zodra er zodanig gaat worden gesneden dat alleen de hand van de financieel directeuren te herkennen is, dan denk ik dat de reorganisatie niet heel makkelijk zal verlopen.”

Directeur Voors sluit ontslagen niet uit, maar verwacht daarnaast veel van de commerciële activiteiten, waar het ANP enkele jaren terug mee is begonnen. Volgens hem vertonen de inkomstencijfers een 'zichtbaar positieve lijn', al geeft hij toe dat die de dreigende gaten niet kan dichten.

Joan Hemels, pershistoricus en docent Communicatiewetenschappen aan de Universiteit van Amsterdam, meent dat bezuinigingen een heilloze weg zullen zijn. “Als er bezuinigd wordt zal het ANP op den duur verschrompelen”, denkt Hemels. Niet alleen ligt het ANP hem na aan het hart, Hemels vindt dat ieder land behoefte heeft aan een eigen, onafhankelijk persbureau. “Voordat het ANP op een glijbaan komt waarop de deelnemers zeep smeren, wil ik graag het voortbestaan van het ANP bepleiten. Ik denk dat het Bedrijfsfonds voor de Pers, waar toch weinig mee gebeurt, best mag worden aangesproken om het ANP te steunen. Waarom zou de overheid geen steun aan een nationaal persbureau mogen geven? De Oostenrijkse regering heeft dat in de jaren zeventig ook gedaan, met als gevolg dat het Oostenrijks persbureau APA nu een van de sterkste en modernste persbureaus ter wereld is.”

Directeur Voors vindt het 'inspirerend' zijn persbureau te moeten vernieuwen. Een nieuw ANP zal toch vooral een ingekrompen ANP zijn en dat lijkt niet zo'n inspirerende opdracht. Voors: “O nee? Weet u hoe iemand zich voelt die afgevallen is? Dan kun je weer beter presteren en harder werken. Als je je laat afschrikken door een moeilijke periode moet je geen directeur worden.”

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden