Het afscheid (2)

Dit was de laatste aflevering van de rubriek 'Obst und Gemüse'.

Bijna vijf jaar lang zag ik hoe men in Berlijn bovengronds de sporen van de geschiedenis retoucheert. Niet alleen de kogelgaten uit 1945, die in het voormalige Oost-Berlijn nog overal zichtbaar waren, zijn nu bijna weggepoetst. Ook de voetafdrukken van veertig jaar communistische vergissingen zijn goeddeels aan het oog onttrokken. Wat ontstaat is een optimistische stad, die hoopvol een nieuwe toekomst afwacht.

Om weer iets van de geschiedenis terug te vinden, daal ik een week voor mijn terugkeer naar Nederland, af in de buik van Berlijn. Daar vergat men de sporen weg te wissen. De bunkers van Hitlers lijfwachten zijn er nog, evenals de schuilkelders van de Stasi. Maar ook de kelders van het keizerlijk slot dat zelf door de DDR-bazen werd afgebroken, brengen me weer terug bij Duitslands verleden.

Het kan geen toeval zijn, dat tegelijk een paar maal de naam Auschwitz weer in mijn leesvoer opduikt. De Oostenrijkse toneelschrijfster Elfriede Jelinek ensceneerde een nieuw stuk en verklaart ter gelegenheid daarvan: “We moeten bezig blijven met de verwerking van de geschiedenis. En als er na Auschwitz geen gedicht meer geschreven zou mogen worden, dan zou ik willen zeggen dat er geen gedicht meer geschreven kan worden, waar Auschwitz niet in voorkomt. Het moet altijd aanwezig zijn, ook als het er niet meer is. En ook zo zal het ons nooit lukken, er mee in het reine te komen.”

Nooit kreeg ik hier de afgelopen jaren het gevoel dat iemand de behoefte had met het trauma van de nazi-tijd in het reine te komen. De zinvolste, aangrijpendste en meest omvattende gesprekken over het pijnlijkste onderwerp van de West-Europese geschiedenis heb ik juist hier gevoerd. Hoezeer ik ook probeerde mijn dierbaarste vrienden de last van de schouders te nemen, ze lieten het niet toe.

Tegelijk stond ik met hen hulpeloos bij de afgebrande resten van Turkse woonhuizen en asielzoekerscentra. We walgden, toen een deel van de nieuwe generatie in het stadje Eberswalde met soldatenlaarzen de schedel van een Afrikaan vermorzelde. De zoon van Amadeu werd geboren, toen zijn vader al een paar maanden in Angola onder de grond lag. Zijn lichaam mocht niet onder de Duitse bodem. De zoon, die nu bijna vier is, woont nog in het stadje van de moordenaars.

Ook dit nieuwe agressieve deel van de Duitse geschiedenis lijkt alweer zo lang geleden. We hielden de adem in, maar Duitsland lijkt weer in een luwte te verkeren. Zelfs de hardnekkigste neonazi's die er natuurlijk nog steeds zijn, schijnen het rustig aan te doen. Stilte voor de storm? ik geloof het niet. Daarvoor is de waakzaamheid hier te groot.

Het is me vrees ik, maar voor een miniem deel gelukt, de blik op Duitsland in Nederland te verruimen. Thuis bespeur ik helaas nog veel van de aloude argwaan. Je kunt niet van iedereen verwachten dat hij een paar jaar het land van de vijand onderzoekt, zoals we dat hier deden. En hoewel mijn blik op de wereldgeschiedenis hier volkomen veranderde, is mijn onderzoek nooit voltooid. Daarvoor heeft Duitsland te veel geheimen. Het afscheid is tijdelijk en zal nooit worden voltooid. Hier blijft te veel achter, waarvoor ik nog beslist een keer terug wil.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden