Herkomst Ebola-virus nog altijd onbekend

Van onze wetenschapsredactie AMSTERDAM - Sinds zaterdag worden zuster Angiolina en zuster Rossana in een ziekenhuis in de Noorditaliaanse stad Bergamo in strikte afzondering gehouden. De twee nonnen van de congregatie 'Kleine zusters van de armen' keerden die dag terug uit Zaïre, waar zij de begrafenis van een familielid van één van hen, zuster Floralda, hadden bijgewoond.

Floralda Rondi (43) was een van de tot dusverre minstens negentig (opgave van de Zaïrese regering) slachtoffers van een nieuwe uitbraak van het Ebola-virus. Dit virus behoort tot de meest dodelijke voor de mens. Slachtoffers worden bevangen door zogeheten hemorragische koorts: hoge koorts, gepaard met hevige, aanvankelijk vooral inwendige bloedingen. De één na de ander vallen de organen uit. De incubatietijd, de tijd tussen besmetting met het virus en de openbaring van de eerste ziekteverschijnselen, bedraagt twee dagen tot drie weken. Als de verschijnselen zich eenmaal hebben geopenbaard is het doorgaans binnen enkele etmalen gebeurd.

Niet alle patiënten overlijden aan de gevolgen van een infectie met Ebola: de handboeken geven een percentage van 50 tot 90 procent. Het virus ontleent zijn naam aan een uitbraak in 1976, in Zaïre, in het stroomgebied van de Ebola, een zijrivier van de Congo.

Die uitbraak was de tweede ooit, eerder dat jaar werd Ebola voor het eerst gesignaleerd in Soedan. In totaal was het virus tot nu toe vijf keer gezien: in Soedan en Zaïre (1976), opnieuw in Zaïre (1979), in de VS (1989) en in Ivoorkust (1994).

Geen medicijn

Medische onderzoekers uit de VS, Frankrijk en Zuid-Afrika en van de Wereldgezondheidsorganisatie WHO zijn onderweg naar of gearriveerd in Kikwit en Masengo. Om de slachtoffers te helpen, ongetwijfeld. Al is er geen medicijn. Maar ze zijn vooral zo massaal uitgerukt om opnieuw een poging te doen om de herkomst van het virus te bepalen, want die is nog altijd onbekend.

Waarschijnlijk is Ebola de natuurlijke bezoeker van een diersoort die leeft in het tropisch regenwoud van Afrika. De redenatie is dan dat de voortgaande aantasting van dat regenwoud die diersoort in een steeds nauwer contact heeft gebracht met de mens. Virussen kunnen overspringen naar zo'n nieuwe gastheer en zijn dan bijzonder gevaarlijk: ze zijn voor het afweersysteem van de nieuwe soort zo onbekend dat dit systeem nauwelijks in staat om is de indringer te bestrijden.

Er is wel geopperd dat apen de natuurlijke gastheer van Ebola zouden zijn. Een dergelijke hypothese werd eerder geformuleerd voor de oorsprong van HIV, het aids-virus. In het geval van Ebola is er echter een probleem. De uitbraak in 1989, in de VS, vond plaats bij een bedrijf in de plaats Reston dat handelde in proefdieren. Vier medewerkers raakten besmet. Zij kregen het virus van de dieren die zij verzorgden: apen, die massaal stierven. Ook in Ivoorkust, waar een westerse onderzoeker geïnfecteerd raakte, waren apen de dodelijke slachtoffers. Het feit dat deze dieren zo onder het virus kunnen lijden, maakt het minder waarschijnlijk dat zij de natuurlijke gastheer zijn.

Een andere vraag voor de onderzoekers betreft het leefgebied van de mysterieuze gastheer. Dat hij in donker Afrika huist, is wel duidelijk. Maar komt hij ook voor in Azië? De apen in de proefdierenhandel nabij Washington kwamen van de Filippijnen. Naspeuringen of die apen in contact waren geweest met dieren van Afrikaanse herkomst, liepen in 1989 op niets uit.

Op dit moment draait in de Nederlandse bioscopen de film 'Outbreak' (met Dustin Hoffman), die een sterk overdreven verhaal vertelt, gebaseerd op de gebeurtenissen in Reston. Een stuk betrouwbaarder is het eind vorig jaar verschenen boek 'The hot zone', van de Amerikaanse wetenschapsjournalist Richard Preston, dat de geschiedenis van het Ebola-virus en het nauw verwante, tot nu vier keer gesignaleerde en iets minder dodelijke Marburg-virus vertelt.

Preston maakte al duidelijk dat, als het om westerlingen gaat, nonnen die in de Derde Wereld een zorgende taak op zich namen, de meest opvallende slachtoffers zijn. In 1976 dwaalde een doodzieke zuster Mayinga die twee andere, besmette Belgische en overleden nonnen had verzorgd, twee dagen lang door Kinshasa, de hoofstad van Zaïre. “Toen dat verhaal het hoofdkantoor van de WHO in Geève bereikte, brak er totale paniek uit”, schrijft Preston. De reden: Kinshasa heeft een internationaal vliegveld. Het toegenomen wereldwijde transport brengt virussen als Ebola, als ze het regenwoud eenmaal hebben verlaten, zeer dicht bij de mens in het Westen.

Op zich is dat waar, maar toch lijkt er zeker in dit geval weinig reden voor al te grote bezorgdheid. De vergelijking van Ebola met HIV (“Ebola kan in tien dagen doen waar het aids-virus tien jaar voor nodig heeft”) is op zijn zachtst gezegd misleidend. Ebola heeft een zo korte incubatietijd ('tien dagen') dat geïnfecteerden maar weinig gelegenheid hebben om anderen te besmetten. Aids kan zich eerst na 'tien jaar' openbaren en al die tijd is het mogelijk dat een drager van HIV dit virus op anderen overbrengt.

Net als het aids-virus is Ebola bovendien weinig besmettelijk. Anders dan bij voorbeeld het griepvirus dat al via uitgeademde speekseldruppeltjes wordt overgedragen, hebben deze virussen direct contact nodig. Besmettingen verlopen via seksueel contact of vermenging van bloed.

Ritueel

In 1979 kreeg Ebola in Zaïre de kans zich te verspreiden door een begrafenisritueel waarbij in de lichamen van overledenen wordt gesneden. In 1976 benutte het virus zowel in Soedan als in Zaïre vooral een van HIV inmiddels overbekende weg: slecht gereinigde naalden. In beide gevallen vielen de meeste slachtoffers in volstrekt onvoldoende uitgeruste ziekenhuizen waarheen de eerste patiënten werden gebracht. Ook dit keer is het vooralsnog eerst-bekende slachtoffer een man die op 10 april in een ziekenhuis in Kikwit werd binnengedragen.

De twee kleine zusters van de armen die terugkeerden van de begrafenis bevinden zich ook in een ziekenhuis, echter: in Italië, in een goed-geoutilleerde, westerse faciliteit. Het is mogelijk dat de nonnen het Ebola-virus naar Europa hebben gebracht, maar als in Bergamo zekere voorzorgsmaatregelen in acht worden genomen, is dat weinig bedreigend.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden