Herkennen van een winkeldief blijft lastig

Drie sterren heeft het Rotterdamse winkelcentrum Zuidplein voor zijn veiligheidsbeleid. Maar de strenge aanpak van hardnekkige winkeldieven stuit op de grenzen van de privacywetgeving. Laatste deel van een tweeluik.

Vijf jaar geleden ging het winkelcentrum op de schop. Het winkelhart van Rotterdam-Zuid, voor liefhebbers van typische jaren-zeventigarchitectuur een waar eldorado, was dringend toe aan een grootschalige opknapbeurt. Maar na de feestelijke heropening trok Zuidplein behalve funshoppers ook „mensen die”, zoals winkelcentrummanager Coen van Riet het fijntjes uitdrukt, „niet komen om te winkelen”. Ze pleegden winkeldiefstallen, blowden, dronken alcohol, vernielden dingen of vielen het winkelend publiek lastig.

Om te voorkomen dat de miljoenenverbouwing weggegooid geld zou zijn, ondernamen deelgemeente Charlois en de winkeliersvereniging actie. Het 65.000 vierkante meter grote winkelcentrum, het ’Hoog Catharijne’ van Rotterdam-Zuid, werd gepromoveerd tot wijk, mét een eigen politiebureau. De hulpverlening in de omliggende wijken werd aan het werk gezet om rondhangende jongeren in het winkelgebied bij de kladden te grijpen. Zuidplein ontzegde als eerste winkelgebied in Nederland hardleerse winkeldieven de toegang, op straffe van een forse boete. De winkeliers stelden een veiligheidsplan op voor de openbare ruimte, toetsten hun eigen bedrijfsvoering op veiligheid en tot slot kwam de omgeving rondom Zuidplein aan de beurt. Het winkelcentrum verdiende er een derde ster mee van het Keurmerk Veilig Ondernemen, een initiatief waarmee het ministerie van justitie winkeldiefstal hoopt terug te dringen.

De resultaten zijn spectaculair, zegt Van Riet. Zijn voorgangster was een groot deel van haar tijd kwijt aan veiligheidskwesties, voor hem is het ’een relatief klein onderdeel’ van zijn takenpakket. Volgens wijkteamchef De Ruiter van politiebureau Zuidplein bedraagt het aantal aangiftes nu 5 à 8 per maand. Vier jaar geleden waren het er „véél meer”, zeker één winkeldiefstal per dag.

Handhaving van het verbod voor veelplegers blijft lastig. Twee jaar geleden testte het winkelcentrum biometrische camera’s uit, die veelplegers herkennen aan hun gezichtscontouren. Maar die werken alleen als een winkeldief recht in de camera kijkt. Bovendien wordt het een dure grap, er zijn elf toegangen. En het is onduidelijk of zulke camera’s geen inbreuk zijn op de privacy van personen. Het winkelcentrum onderhandelt daarover met justitie.

In de controlekamer moet Joy Soechit bij het bekijken van de beelden van de 64 bewakingscamera’s voorlopig nog vertrouwen op zijn geheugen en dat van zijn vier collega’s die in het winkelcentrum rondlopen. Maar zo lastig is dat niet, lacht hij. „We hebben één veelpleger. En wie een gebiedsontzegging heeft gekregen, blijft over het algemeen weg.” Politiebureau Zuidplein heeft een langere zwarte lijst, maar daarin krijgt het bedrijf geen inzage vanwege diezelfde privacywetgeving, tot frustratie van de winkeliers.

Dat een onverbeterlijke winkeldief ook niet meer op Zuidplein zijn halfje bruin kan kopen, vindt Van Riet terecht. „Wie een balpen in zijn zak steekt, krijgt niet meteen een collectief winkelverbod”, relativeert hij. Maar: „Wie met vuur speelt, kan zijn vingers branden.”

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden