Herinneringen aan West-Brabant

Het zijn namen uit mijn jeugdjaren: Oudenbosch, Hoeven, Seppe, Bosschenhoofd - hoe West-Brabants wil je het hebben? In een vlaag van jeugdsentiment (en om te testen wat het geheugen nog waard is) loop ik nog eens terug in de tijd.

Bij de naam Oudenbosch komt meteen die gigantische kerk met haar reusachtige koepel naar boven. Een kopie van de Sint Pieter in Rome, zo leerde je vroeger; maar dat-ie liefst zestien keer kleiner is, hoor ik nu pas. De basiliek moet wel behoren tot de zeven wereldwonderen, dacht ik toen. Om 'm ook van binnen te bekijken kwam bij dit protestantse ventje niet zo gauw op. Pas toen er oecumenisch Kerst werd gevierd (dat mocht kennelijk van de bisschop), vulde mijn netvlies zich met een rijkdom aan beelden, versieringen, mystiek, gewaden (drie witte toga's van de priesters en één zwarte van de dominee), leeftijdgenoten in lange habijtjes, geurende wierook, de pastorie na afloop vol gerokte mannen. Dit was het Rijke Roomsche Leven. Ouwebos, zoals het in het dialect heette, was voor één avond de grote wereld. Aan het eind van deze wandeling wil ik dat nog eens ervaren.

Eerst maar eens richting Hoeven. Veel asfalt onderweg, gelukkig weinig verkeer. Iedereen zwaait: Brabanders! Als je vroeger het naambordje van het dorp naderde, was er altijd een grapjas die 'Hó-even' riep, met als gevolg dat er verschrikt in de remmen werd geknepen. 'Hoezo, wat is er?' Ja, wij fietsten altijd naar Hoeven: voor het bosbad, niet voor het dorp. Hoeven zelf verschool zich in de rust van het platteland, maar het dorp wordt nu aan alle kanten omringd door spoorlijnen en drukke wegen. De overgang tussen dorp en open gebied raakt rafelig. En Bovendonk is ook al geen grootseminarie meer; het imposante opleidingscentrum voor priesters uit het bisdom Breda is nu een conferentieoord.

Laat Hoeven dus maar liggen en ga rechtstreeks naar het bosbad, een pretpark uit 1956 toen het woord recreatie nog moest gedijen. Van oorsprong was het een gemeentelijk project, nadat de rijksoverheid het dorp had overgeslagen bij het uitdelen van economische impulsen. Het speelterrein tussen de bomen was voor ons gevoel een soort Disneyland: het grootste zwemparadijs van Brabant, met als superbonus dat er gemengd mocht worden gezwommen. Eindeloze glijbanen waren er, trampolines, waterfietsen en roeiboten, een skelterbaan, een levensechte vliegboot en later een straaljager. Van je zakgeld kon je een ijsje kopen.

De droom is ingehaald door de opkomst van vakantieparken. Investeringen bleven uit, het bosbad leed verlies. De gemeente stootte het terrein af, maar ook particulieren beten zich stuk op de veranderde tijdgeest. Deze winter is er opnieuw veel geld en energie in het project gestoken. Een camping met stacaravans en vakantiehuisjes in de verhuur, nog grotere glijbanen (Anaconda en Super Crater), waterspeeltuin Splesj. Het vernieuwde park gaat 1 april open als Molecaten Park Bosbad Hoeven. Laten we de vingers kruisen.

Het mooiste stukje van de streek ligt in het zuiden. Vincent van Gogh omschreef het al in 1881 in een brief aan broer Theo als 'een ideaal landschap voor kunstschilders': de hei van Seppe. Hij wandelde er graag met een vriend en liet ook menig voetstap achter in Hoeven. Dat is minder bekend dan zijn connectie met dorpen als Zundert, Etten en Nuenen. Maar omdat pa Van Gogh ook hier dominee is geweest, kwam zijn schilderende zoon verschillende malen in Hoeven aanwaaien. Volgens mevrouw Van Gogh telde de hervormde gemeente acht leden, toen Vincents vader in 1875 de overstap maakte van Etten naar Hoeven. Bij de eerste dienst waren liefst dertig volgelingen hem nagewandeld, wat ongetwijfeld tot logistieke problemen zal hebben geleid in Nederlands kleinste protestantse kerkje. Het gebouwtje is in 1956 afgebroken.

Op de ontgonnen hei van Seppe zullen kunstschilders weinig inspiratie meer halen, maar mensen die sportvliegtuigjes fotograferen des te meer. Sinds 1949 is er een airstrip voor zweefvliegtuigen. In 1961 werden motorvliegtuigen toegestaan, in 2002 kreeg het vliegveld een verharde baan. Je kunt er nu toeristische vluchtjes maken en vlieglessen nemen. De landingsgelden op Seppe behoren tot de laagste in Nederland. Of dat zo blijft is de vraag: per 1 maart gaat vliegveld Breda International Airport heten. De pipercupjes en andere bromtollen vliegen je om de oren als je wandelt door De Wildert, in het natuurgebied Pagnevaart of op de Oude Antwerpsepostbaan. Daar is niet iedereen even blij mee. Een kunstenares op leeftijd, die al ruim een halve eeuw aan de zanderige postbaan woont, zet haar groenbak even neer om ongevraagd haar hart te luchten over de ontwikkelingen in Seppe. "U heeft vast behoefte aan verhalen", zegt ze. De zandweg werd ooit gebruikt door postkoetsen, die van Antwerpen naar Holland reden en bij Moerdijk het Hollandsch Diep werden overgevaren. Prins Willem Friso is hier mogelijk in 1711 langsgekomen op weg naar Holland, voordat hij in het zicht van de haven van Strijensas met de pont verging. De 9-jarige Mozart is er met zijn vader per postkoets gepasseerd, toen hij in 1765 naar de hofstad reisde voor een concert. Nu is de oude postbaan een doodlopende weg door de aanleg van het vliegveld. In het verleden hingen er geregeld parachutisten in een boom of aan de bovenleiding van de spoorbaan, sluit de vrouw af. Zo, de doos met verhalen gaat dicht.

Seppe heet eigenlijk Bosschenhoofd. Een veelgehoord verhaal is dat arbeiders die in 1854-1855 de spoorlijn Breda-Roosendaal hebben aangelegd, waren ondergebracht in de herberg van Jacobus Sep. Ze verbleven, in hun dialect, 'bij Seppe'. Toen het stationnetje klaar was, gaven de Spoorwegen de halte de naam Seppe. Het laatste bord van de opgeheven stopplaats hangt nog op een monument in de plaats.

Verderop ligt het wandelbos Pagnevaart, een naam die merkwaardigerwijs wordt geassocieerd met een Spaans oorlogsschip dat in het moeras zou liggen. In 1895 is er nog serieus naar gezocht: niks gevonden.

Door leeg land keren we terug naar Oudenbosch. De basiliek van de Heilige Agatha en Barbara glinstert in het zonlicht. Architect Cuypers maakte de Sint Pieter in Rome na, zijn collega Van Swaaij plakte er de voorgevel van Sint Jan van Lateranen aan. Het idee van dit architectonische kopieerwerk kwam van de plaatselijke pastoor. Hij heeft het eindresultaat in 1892 niet meegemaakt, maar het mag er zijn: de mooiste kerk van West-Brabant - katholieke kerk welteverstaan.

Route
Voor deze wandeling van 15 kilometer werd gebruikgemaakt van de kaarten van het Wandelroutenetwerk De Baronie en Wijde Biesbosch Zuid (beide 7,50 euro, te koop bij de VVV in Gemeentehuis Oudenbosch, beginpunt 05). De routenummers zijn 05-99-29-05-30-31-32-33-34-35-36-66-62-63-64-61-64-65-68-90-92-38-39-28-30-24-25-02-03-04-05.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden