Herinneringen aan een unieke Hollandse zangeres

Vorige maand werd in Blaricum, de plaats waar ze lang woonde, een boek over de Nederlandse alt Aafje Heynis gepresenteerd. Een boek over de zangeres, die in de jaren ’50 en ’60 wereldroem vergaarde – dat lijkt een contradictio in terminis.

Heynis, bescheiden en teruggetrokken als ze was, had namelijk een afkeer van publiciteit en vond haar levensverhaal niet interessant om met een groot publiek te delen. Het boek ’Aafje Heynis, Priesteres in haar vak’ (Garant-Uitgevers) is dan ook vol geschreven door anderen, zonder medeweten of medewerking van de hoofdpersoon.

Hoe de zangeres en lerares het zelf zou hebben gevonden, zullen we nooit weten. Aafje Heynis leeft nog wel, is 84 jaar oud, maar de herinneringen aan haar eigen roemruchte verleden zijn door de verwoestende werking van de ziekte van Alzheimer inmiddels volledig weggevaagd.

Heynis, die in 1983 abrupt een punt achter haar carrière als zangeres zette, maakte nog wel bewust mee hoe eind jaren negentig de interesse in haar zangkunst opnieuw werd gewekt dankzij heruitgaven van de opnamen die zij voor Philips gemaakt had. De hernieuwde aandacht en het enthousiasme voor die wonderbaarlijke altstem – in onze tijd een bijna uitgestorven stemtype – leverde haar zelfs een dubbelplatina plaat op. Het was mooi om te merken hoe ook een jongere generatie, die haar nooit live had meegemaakt, en masse viel voor dat bijzondere geluid en voor die van elke ijdelheid gespeende muzikaliteit.

Het boek opent veelzeggend met een voorwoord van Bernard Haitink, ook wars van ijdelheid en publiciteit. ’Als ik aan Aafje Heynis denk’, schrijft hij, ’dan denk ik aan een vrouw die enorm eerlijk, enorm trouw aan zichzelf, aan haar talent is. Ze heeft nooit enige truc gebruikt, ze was een exponent van een echte Hollandse zangeres’.

Deze zin van Haitink echoot door het hele boek, dat desondanks geen hagiografie is geworden. Gelukkig maar. Het boek is eenvoudig van opzet. Na een goede algemene inleiding van Harry Hofstra volgt een hoofdstuk over Heynis’ zangkunst geschreven door Dimitri van der Werf. Daarin wordt uitgebreid stilgestaan bij haar leraren: sopraan Aaltje Noordewier (1868-1949), die op haar beurt les had gehad van bas-bariton Johannes Messchaert (1857-1922). Zoals Haitink al schreef staat Heynis daarmee in een echte Hollands zangtraditie.

Collega’s en leerlingen, haar beroemdste leerling is Charlotte Margiono, halen persoonlijke herinneringen aan haar op en er zijn interviews die zij aan verschillende media gaf – onder andere aan Trouw – integraal overgenomen. Bij het boek is een cd gevoegd waarop nog niet eerder verschenen opnamen staan. Twee recitals ’Nachtliederen’ (1964), liederen van Diepenbrock (1963) en volksliedjes (1966).

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden