Herbarium herboren

Razendsnel worden in Naturalis in Leiden 3,8 miljoen planten, zaden en algen gedigitaliseerd.

Het klinkt puur natuur, bijna romantisch; werken met plantencollecties. Doet denken aan mannen met baarden en corduroybroeken, aan botaniseertrommels en eindeloos veel tijd. Het beeld klopt wellicht nog steeds, zeker in verder gelegen oorden, maar de 'operatie digitalisering' van Naturalis Biodiversity Center heeft daar weinig meer mee van doen. Hoe leg je per dag 26.000 tot 33.000 planten - 3,8 miljoen in anderhalf jaar - fotografisch en in tekst vast? Simpel: je bouwt een installatie à la de film 'Modern Times' van Charlie Chaplin en huurt overzeese razendsnelle typisten in.

Buiten is het ruim 10 graden Celsius, zonnig en windstil. De lente is losgebarsten. De bomen lopen uit, op het dak van een opslagloods in Leiden scharrelen twee meeuwen en tussen de stoeptegels ervoor ontluikt de veldkers. Binnen is het winter. In een koude, helverlichte ruimte ratelen drie lopende banden waaraan zo'n twintig mensen staan. Om de paar seconden klinkt er een droge tik en licht een zwarte stoffen doos op. Niemand praat, iedereen doet steeds dezelfde handeling.

Een deur verder zitten acht mensen geconcentreerd naar een beeldscherm te kijken waarop steeds een foto van een plant of een onduidelijk zakje en een rijtje woorden verschijnt.

"Het is echt uniek wat hier gebeurt. Op twee manieren. Geen enkel ander land weet zijn planten- en dierencollecties zó te concentreren én niemand krijgt deze snelheid van digitaliseren voor elkaar." Hij is trots, René Dekker, adjunct-directeur collectie. Het samenvoegen van de Leidse, Utrechtse, Amsterdamse en Wage-ningse herbaria binnen het onlangs opgerichte Nederlandse biodiversiteitscentrum zet deze volgens hem internationaal wetenschappelijk op de kaart. Dekker: "En de digitalisering ontsluit deze wereldwijd. Maar ja, verhuizing en digitalisering - uitgevoerd door gespecialiseerde bedrijven - zijn wel gigantische operaties. Temeer daar we noodgedwongen gebruik moeten maken van tijdelijke opslagruimten."

Snuffelen
Om alle 36,8 miljoen planten en dieren van het nieuwe centrum te kunnen onderbrengen, is een nieuw gebouw nodig. Dit is, geheel volgens planning, pas in 2017 klaar. De van de Amsterdamse en Utrechtse universiteiten overgenomen plantenverzamelingen zijn daarom tijdelijk buiten Naturalis ondergebracht in een apart gebouw in Leiden, het Wageningse herbarium in een loods op een industrieterrein in Zoeterwoude. "Dat klinkt erger dan het is. De collecties zijn volledig bereikbaar. Als wetenschappers planten willen bekijken, worden deze gewoon naar ze toe gebracht. Zomaar een beetje in de collectie snuffelen is sowieso niet meer van deze tijd. De Arbo-wet verbiedt dat. In het verre verleden werden planten met kwik geconserveerd", legt Dekker uit. "Het mag duidelijk zijn, inademen van kwikdampen is absoluut af te raden."

Het aantal dozen dat voor de wetenschappers wordt vervoerd, valt volkomen in het niet bij gesleep voor de operatie digitalisering. Het is even voor achten als de vrachtwagen met de dagelijkse vijfhonderd dozen vol plantendelen, zaden en algen bij de loods op het Leids bedrijventerrein arriveert. Binnen wordt de eerste kar met dozen van die dag onder handen genomen. Om stagnatie te voorkomen, is er altijd een werkvoorraad. De eerste maanden - toen in twee ploegendiensten werd gewerkt - zelfs voldoende voor 33.000 scans van herbariumvellen per dag.

De gang door de digitaliseertrein begint met een kort verblijf in een soort zuurkast; een simpele kast met afzuiginstallatie. Een groot deel van de collectie is immers oud en geconserveerd met kwikchloride en moet dus eerst van kwalijke dampen worden ontdaan. De afzuiging werkt blijkbaar goed, want al snel gaat de eerste doos open. Daarin liggen zo'n vijftig plantendelen, algen of zaden, elk afzonderlijk in een schutblad gepakt. Medewerker 1 legt het schutblad open op de band. Nummer 2 plakt een sticker met een barcode, 3 haalt het plantenmateriaal uit het schutblad en legt dit apart op de band. Plantendeel, zaad of alg met schutblad en barcode verdwijnen in een zwarte stoffen doos met daarin een camera, worden gefotografeerd en aan de andere kant ervan door twee andere medewerkers in omgekeerde volgorde weer 'doosklaar' gemaakt. Een derde controleert of de opname gelukt is, een vierde legt de vellen weer in een herbariumdoos. Vervolgens worden de foto's van de planten, zaden en algen compleet met de schutbladen waar ze uitkwamen, gemaild naar Suriname, daar zitten goedkopere arbeidskrachten. Op de schutbladen zitten namelijk de originele etiketten waarop informatie over de verzamelaar, de plant, datum en vindplaats. Suriname voorziet de foto van de getikte etiketinformatie waarna een en ander weer in Nederland - 'aan de andere kant van de deur' - wordt gecontroleerd.

Algen uit 1881
De trein loopt gesmeerd, het proces gaat razendsnel en de 'natuurlijke historie' is ver te zoeken. Tot je de oude etiketten op de schutbladen leest. Een botaniseertrommel gaat open. Er zijn algen uit 1881 uit Colombia, laurierachtige takjes begin twintigste eeuw verzameld in Peru en grassen uit van Java.

Niet dat alles zomaar herkenbaar is. De zaden zijn verpakt in ondoorzichtige zakjes en zelfs van de planten is door het verdrogen weinig meer dan een herkenbare structuur overgebleven. Maar dat is genoeg, vertelt Dekker. "Het belangrijkste is dat wereldwijd bekend is welke planten wij in collectie hebben. Kennis over de zeldzaamheid en daarmee de noodzaak tot bescherming of de veranderingen als gevolg van de klimaatverandering is zo mondiaal beschikbaar." Voor een eerste determinatie zijn de foto's veelal genoeg. Wetenschappers die meer nodig hebben, kunnen de collectie inkijken. Omdat de plantenmonsters nu minder in de hand worden genomen, slijten ze minder.

Eind dit jaar moet de operatie zijn afgerond. Ruim 3,8 miljoen planten, algen en zaden zijn dan wereldwijd voor wetenschappers én leken te bekijken. "Dode planten worden zo weer springlevend."

Niet alleen de Nederlandse plantencollecties worden in Naturalis Biodiversity Center samengevoegd; ook onder meer de dieren, gallen, houtmonsters, korstmossen en schimmels. Uiteindelijk herbergt Naturalis 36,8 miljoen organismen. Een groot deel wordt gedigitaliseerd.

Alles bijeen

undefined

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden