Hele koninklijk gezin in een vliegtuig?

De auteur is politicoloog.

MENNO DE BRUYNE

Gelukkig kwam de prins van Oranje goed aan in Willemstad. Morgen aanvaardt het gezelschap de terugreis naar Nederland. Staatsrechtelijk is de vraag 'hoe' niet oninteressant. Zal heel de koninklijke familie aan boord gaan, of zal een van de leden van het gezin in een ander vliegtuig een andere route of een andere bestemming kiezen?

De suggestie die achter deze vraag ligt is duidelijk. Als koningin Beatrix, prins Claus en hun drie zoons allemaal in een en hetzelfde vliegtuig stappen, is dat niet zonder risico's voor de orde van de erfopvolging. Mocht er onverhoopt wat gebeuren, dan kan dat in het uiterste geval zelfs betekenen dat de lijn die nu nog loopt van koning Willem I via twee Oranje-vorsten en drie Oranje-vorstinnen naar prins WillemAlexander, doorbroken wordt.

Als de koninklijke familie morgen de terugtocht aanvaardt, zal ten minste een van hen, prins Willem-Alexander, een andere route kiezen. Niet uit angst voor het voortbestaan van de monarchie, maar gewoon 'omdat het zo uitkomt'. Voor de vluchten die de afgelopen dagen zijn uitgevoerd tussen de eilanden en eilandjes van de Antillen, nam het hele koninklijke gezin plaats in de FBX. Voor nagenoeg alle gedragingen van de leden van het Koninklijk Huis is het kabinet, de minister-president in het bijzonder, verantwoordelijk. Die ministeriele verantwoordelijkheid strekt zich ook uit tot de veiligheid van de leden van het Koninklijk Huis. Daarmee staat of valt immers het voortbestaan van de monarchie.

Risico's

Minstens een keer is de ministeriele verantwoordelijkheid op dit punt geactiveerd. Dat was in 1955, in de Eerste Kamer. Het was de veelzijdige, ietwat grillige CHU-senator prof. dr. F. C. Gerretson die bij de behandeling van de begroting van algemene zaken wees op de risico's die kleven aan het reizen in "een en hetzelfde vliegtuig door het hele Koninklijke gezin" .

Gerretson maakte melding van bezorgdheid in "wijde kringen van ons volk" . Die bezorgdheid was aangewakkerd door enkele recente vliegtuigongelukken. Bovendien was men nog niet vergeten dat een paar jaar eerder, in 1947, de Zweedse erfprins om het leven was gekomen nadat het vliegtuig waarin hij op de terugreis was vanuit Nederland (waar de prins op uitnodiging van prins Bernhard had deelgenomen aan een jachtpartij in de bossen rondom paleis het Loo) was neergestort bij het Deense vliegveld Kastrupp.

Om te voorkomen dat "met de Dynastie geheel onnodig risico wordt genomen" , drong de christelijk-historische senator er op aan "de onvervankelijke regel te stellen en vast te houden, dat bij koninklijke luchtreizen noch de Koningin en de vermoedelijke erfgename van de Troon, noch alle Koninklijke prinsessen ooit in een vliegtuig reizen" .

Minister-president Drees reageerde echter afwijzend. In zijn antwoord hield Drees staande dat het toenmalige regeringsvliegtuig, de Dakota, een "volkomen veilig toestel is, natuurlijk voorzover een vliegtuig in het algemeen veilig is" . En wat betreft vliegen in het algemeen zei de premier: "Ik zou wel, waar dit mogelijk is, aan het gebruik van de Koninklijke trein de voorkeur geven boven het verkeer per vliegtuig zonder noodzaak. Anderzijds moet men begrijpen, dat het vliegtuig een verkeersmiddel is waarvan men de risico's moet aanvaarden, omdat het een van de gewone verkeersmiddelen is geworden" .

Een woordvoerder van de Rijksvoorlichtingsdienst laat desgevraagd weten, dat er ten aanzien van reizen van de koninklijke familie momenteel geen specifieke regels die betrekking hebben op eventuele veiligheidsrisico's voor de monarchie, in acht worden genomen. Als de hele familie in een toestel wil reizen, steekt premier Lubbers daar geen stokje voor, ondanks de gevaren die daaraan onmiskenbaar zijn verbonden.

Lubbers loopt daarmee in het voetspoor van zijn voorganger Drees, die zich (zie zijn antwoorden aan het adres van Gerretson) op hetzelfde standpunt stelde. Staatsrechtelijk heeft hij daarin volkomen gelijk. Pas dan is er een taak weggelegd voor de verantwoordelijke minister(s), indien de keuze van de vervoermiddelen door de leden van het Koninklijk Huis dusdanig ernstige veiligheidsrisico's zou opleveren, dat het voortbestaan van de monarchie daardoor in gevaar zou (kunnen) komen.

Dat is bij de huidige stand van het aantal potentiele troonopvolgers alleen dan het geval, als ook alle leden van het gezin van de voorzitter van de Raad voor de verkeersveiligheid, mr. Pieter van Vollenhoven, in de stoelen van de regerings-Fellowship plaats zouden nemen.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden