Helaas, onschuld is te saai

Is Olaf H. moordenaar van een autohandelaar en diens vrouw? Of is hij slachtoffer van een tunnelvisie bij justitie? Marc van Dijk gaat op onderzoek uit.

MARC VAN DIJK

Een jeugdherinnering. Vijf december, er werd op de deur geklopt. Ik rende er enthousiast op af, mijn oudere broer en zus volgden, iets minder geestdriftig. Ik deed open en zag een berg pakjes op en rond een kinderstoeltje, en geen spoor van degene die al dat prachtigs daar neergelegd had. Uiteraard wist ik wie dat was: Zwarte Piet. En toch maakte zich even een twijfel van mij meester die ik niet kon plaatsen. Ik kende dat stoeltje, het kwam uit ons eigen huis.

De anderen moeten me een moment beteuterd hebben zien kijken. Hadden ze later die avond iets uit te leggen aan mij, de laatste in huis die nog geloofde? Welnee. Nog voor het eind van de avond zat ik te verkondigen dat ik het zo knap vond van Zwarte Piet dat hij vóór het aanbellen ongezien ons huis in en uit had weten te glippen, om dat stoeltje te lenen. Mijn ouders zullen gegniffeld hebben; hoeveel hints moeten we hem nog geven?

Het had volstrekt niet uitgemaakt wat mijn ouders gezegd hadden. Ik meende te weten hoe het zat en had er geen behoefte aan dat dit geloof ondermijnd werd, een geloof dat ik niet eens als geloof zag maar als waarheid, zelfs al voelde ik nattigheid.

Een dergelijk fenomeen, waarvan iedereen zijn eigen varianten kent, speelt een sleutelrol in de boeken van wetenschapsfilosoof Ton Derksen. Alleen draait het bij hem niet om een kinderfeest, maar moordzaken en levenslang gestraften. Het bekendst is zijn boek over Lucia de Berk, dat er aanzienlijk aan bijdroeg dat de zaak van de voor meervoudige moord veroordeelde verpleegkundige heropend werd, met vrijspraak als eindresultaat.

Derksen schreef daarnaast onder andere over de zaak van Ernst Louwes ('Leugens over Louwes'), en onlangs over de zaak-Baybasin ('Verknipt bewijs'). Steeds laat hij zien dat de politie, en in het verlengde daarvan het Openbaar Ministerie en uiteindelijk de rechters, bij het beoordelen van de zaak slechts één kant uit keken, naar een persoon die de dader wel móest zijn. Tunnelvisie.

Derksens boek over de zaak-Olaf H. ('Verkeerde plaats, verkeerde tijd') mocht ik vorig jaar voor deze krant recenseren. Olaf Hamers is een Limburgse vrachtwagenchauffeur die op een ochtend een autohandelaar, diens vrouw en hun kleindochter door het hoofd zou hebben geschoten. De kleindochter heeft het als enige overleefd. Olaf Hamers is altijd blijven ontkennen. Hij was wel aanwezig toen de moorden gepleegd werden, maar volgens zijn eigen uitleg was hij net op weg naar de wc, kon hij zich provisorisch verstoppen toen hij schoten hoorde, en vluchtte hij daarna direct, in de auto die hij net gekocht had.

Uit Derksens boek blijkt dat Olaf Hamers al vanaf het eerste uur na de moorden niet slechts als verdachte, maar als dader werd gezien. En al werd er nooit een wapen, of zelfs maar een kruitspoor in zijn kleding of auto gevonden, Hamers was daar en hij reed weg. Er waren geen getuigen die een mogelijke andere schutter gezien hadden. Hamers werd veroordeeld tot levenslang. Inmiddels zit hij tien jaar in de gevangenis.

Het boek maakte indruk op me. Hoezeer alles ook in de richting van Olaf Hamers als dader lijkt te wijzen: al lezende kantelt het beeld. Wat eerst voor de hand lijkt te liggen binnen het Olaf-schuld-scenario, blijkt bij nader inzien net zo goed, of zelfs beter, te passen in het Olaf-onschuld-scenario. Een ontregelende ervaring. Maar verruilde ik zo niet de ene tunnelvisie voor de andere?

"Nee", schrijft Ton Derksen, als ik hem deze vraag voorleg. "Op deze manier geformuleerd zou je iedereen die tot een standpunt komt, moeten beschuldigen van tunnelvisie. Er moet dus iets mis zijn aan je argument. En het is eenvoudig aan te geven waar de fout zit: het gaat erom hoe je tot je standpunt komt. Wanneer je dat op een kritische manier doet, waarbij je bewust alternatieven in je overweging betrekt, en je argumenten leiden tot de conclusie dat het zeer waarschijnlijk is dat X (wel of niet) de moordenaar is, dan is dat geen tunnelvisie maar een goed beargumenteerde positie."

Hij vervolgt: "Zo'n kritisch verkregen positie kan desondanks onjuist zijn, en een positie verkregen door tunnelvisie kan toevallig waar blijken te zijn. Maar in het geval van een kritische argumentatie, met expliciete studie naar mogelijke alternatieven, heb je alles gedaan om jezelf in je oordeelsvorming te vrijwaren van willekeur, en daarmee van irrationaliteit."

undefined

De waarheid

En toch: is de juridische werkelijkheid veel meer dan een talige constructie, een woordenspel dat niet altijd overeenkomt met de werkelijkheid? De Engelse uitdrukking You're building a case kan betekenen: 'Je zit iets te verzinnen'. Een zaak bouwen is op een bepaalde manier ook een verhaal verzinnen. Een scenario. De waarheid is misschien nooit helemaal te achterhalen, daar worden filosofen het doorgaans niet snel over eens, laat staan kunstenaars. En in de rechtszaal geldt dat op een bepaald moment het zwaard moet vallen.

Derksen gaat hier fel tegenin. Hij zegt: "Natuurlijk moeten advocaten en aanklagers verhalen vertellen. Maar wel goed beargumenteerde verhalen, zonder verzinsels. En een rechter moet met een vonnis komen, maar dat betekent niet dat hij 'op een bepaald moment' moet beslissen dat X wel of niet de moordenaar is. Er is een derde mogelijkheid: hij kan beslissen dat er op dat moment onvoldoende bewijsmateriaal is om een oordeel te vormen." In dat geval behoort vrijspraak te volgen, vindt hij.

"Als we over de werkelijkheid praten, is dat op het niveau van de taal, dat kan nu eenmaal niet anders. Maar daarmee is geen onvermijdelijk relativisme of scepticisme gegeven: het is niet zo dat de werkelijkheid onvermijdelijk buiten onze kennis ligt. Als meneer X meneer Y vermoordt, is daar niets relatiefs aan. Binnen de taal kunnen we de werkelijkheid niet benaderen, of kunnen we de werkelijkheid niet introduceren. Maar dat sluit geenszins uit dat we met de taal kunnen verwijzen naar iets dat buiten de taal ligt: de werkelijkheid."

"Omdat de taal en de werkelijkheid gescheiden zijn, krijgen we vanuit de taal geen garantie over de werkelijkheid. Maar we kunnen wel in de taal vaststellen dat we heel goede redenen hebben om te geloven dat X (wel of niet) de moordenaar is. De scheiding tussen taal en werkelijkheid is geen diep inzicht en al helemaal geen reden tot scepsis. Het is juist door middel van talige argumenten dat we goede redenen kunnen hebben om iets te geloven."

Omdat de zaak-Olaf H. me bleef bezighouden, besloot ik er mijn afstudeerproject aan de Gerrit Rietveld Academie in Amsterdam aan te wijden. Ik bouwde een eenvoudige filmset die qua plattegrond, afstanden en zichtlijnen de plaats benaderde, en vroeg vijf acteurs om de moorden na te spelen. In twee versies: het Olaf-schuld- en het Olaf-onschuld-scenario.

Ton Derksen was aanwezig bij de opnames, hielp mee om de details accuraat te krijgen en speelde zelfs een bijrolletje als getuige. Iedereen vroeg hem het hemd van het lijf over de zaak. Als één ding hierbij opviel: het Olaf-onschuld-scenario was op zijn zachtst gezegd niet wervend, en dat werd het ook gaandeweg de dag niet. Is de tunnelvisie een collectieve tunnelvisie geworden? Of is ons vertrouwen in de rechtsstaat zo groot dat we een oordeel van een rechter niet zomaar naast ons neerleggen? En is dat verkeerd?

Terwijl het verhaal van de ooit zo 'duivelse' Lucia de Berk inmiddels verfilmd is en de echte Lucia zelfs een zekere populariteit lijkt te genieten, is het met Olaf Hamers, de vrachtwagenchauffeur die een wietplantage in zijn huis had, lastig sympathiseren. Aan de andere kant: als hij werkelijk onschuldig is, hoe kan ik me dan afzijdig houden? Als mij dit zou overkomen, zou ik ook blij zijn als er een paar mensen om nieuw onderzoek zouden vragen.

En als Derksen in alle gevallen die hij beschrijft gelijk heeft, wordt het dan niet eens tijd om het opnieuw te hebben over de nog altijd zeer hoge drempels om zaken heropend te krijgen, en de tergende traagheid waarmee dit gebeurt, ook in het geval van Hamers?

Derksen keek er hoe dan ook niet van op dat wij niet zomaar meegingen in het Olaf-onschuld-scenario. "Ons brein vindt het schuldverhaal per definitie mooier. Het onschuld-scenario is gewoon saai. We vinden belastend bewijsmateriaal altijd veel sterker dan het ontlastend bewijsmateriaal. Zo werken breinen nu eenmaal, helaas ook die van agenten, officieren van justitie en rechters. Hierin schuilt een gevaar voor de rechtsstaat."

"Als iemand twintig minuten voor de moorden met de autoverkoper de auto op zijn naam laat schrijven en ook nog eens de getekende verkoopbon met zijn naam en adres erop op de plaats delict laat liggen, is er alle reden om je brein eens te tarten en heel serieus naar het onschuld-scenario te kijken."

Marc van Dijk is journalist en kunstenaar. Zijn video-installatie 'Olaf H., twee reconstructies' is te zien op de Graduation Show van de Gerrit Rietveld Academie, afdeling DOGtime Fine Arts, van 2 t/m 6 juli in Amsterdam, toegang gratis. Meer informatie: www.gerritrietveldacademie.nl

Ton Derksen is emeritus-hoogleraar wetenschapsfilosofie. Dinsdag gaat Derksen met Lucia de Berk in gesprek op de Radboud Universiteit Nijmegen, na vertoning van de film 'Lucia de B.' Meer informatie: www.ru.nl/sp/luciadeb

Uit de video-installatie 'Olaf H, twee reconstructies': de autohandelaar die door Olaf vermoord zou zijn en rechts zijn kleindochter die de schietpartij overleefde.

Ton Derksen en zijn vrouw Henny overleggen met acteur Askr Caminada, die Olaf Hamers speelt.

undefined

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden