Heimwee naar de oude kweekschool

Het niveau van de Pabo moet drastisch omhoog om meer jongens voor het beroep van onderwijzer te laten kiezen, betoogt Jacques Vriens.

Meesters worden in het basisonderwijs steeds schaarser (Trouw, 7 mei). Ik moest aan mijn oudste zoon denken die begin jaren negentig naar de Pabo ging. Vader was trots. Bijna mijn hele familie verdient haar geld in de horeca, maar ik was een van de weinigen die het onderwijs in ging. Mijn zoon zou nu de fakkel van mij over kunnen nemen.

Dit vuur doofde echter al na drie maanden, toen hij de Pabo ijlings verliet. Hij werd redelijk gestoord van al het reflecteren, evalueren en zijn POP (Persoonlijk Ontwikkelingsplan). Hij wilde graag het vak van schoolmeester leren en gedegen kennis opdoen, maar verzandde in vage opdrachten, veel te weinig contacturen en allerlei vluchtige 'moduletjes'.

Kortom: geen enkele uitdaging en nauwelijks verdieping.

Voor hij naar de Pabo vertrok, vertelde ik hem nog over de 'Gemeentelijke kweekschool voor onderwijzers en onderwijzeressen' in Amsterdam, waar ik in de jaren zestig een gedegen opleiding kreeg en met meer jongens dan meisjes in de klas zat. Mijn zoon kon er smakelijk om lachen, vooral omdat ik toen nog 'kwekeling' heette in plaats van stagiair. Maar na drie maanden vrijblijvend Pabo-onderwijs begon hij bijna te verlangen naar 'de goede oude tijd' van zijn ouwe heer.

Natuurlijk, de 'kweek' was heel schools en sommige docenten behandelden ons, twintigjarigen, nog als kleuters. Maar we hadden ook inspirerende leraren en kregen twee uur per week álle basisschoolvakken en dat twee jaar lang. Eén lesuur werd besteed aan de inhoud van het vak en één uur aan de didactiek. Daarnaast kregen we goed onderwijs in psychologie, pedagogiek, algemene didactiek, muziek en cultureel-maatschappelijke vorming. En dan niet een 'moduletje', maar gewoon een paar uur per week.

Na je 'lagere akte' kon je ook nog je 'hoofdakte' halen. Inmiddels zijn er 'Academische Pabo's' waarbij je deels op de Pabo en deels op de universiteit studeert. Onlangs sprak ik hier met een aantal studenten over en constateerde dat veel van wat ik leerde tijdens mijn hoofdaktestudie nu in het pakket van de universiteit zit.

Carrière

Met de hoofdakte mocht je trouwens, na een korte bijscholing, ook les geven op de mulo (later mavo) in onder meer Nederlands en geschiedenis. Dit bood dus ook nog carrièremogelijkheden.

Natuurlijk moeten we niet terug naar de oude kweekschool. Maar goed onderwijs is wél een compromis tussen het goede oude en het goede nieuwe.

Om de opleiding tot juf of meester weer enig aanzien te geven en daarmee meer jongens naar de Pabo te trekken, moet het niveau drastisch omhoog. Als ik bijvoorbeeld naar mijn eigen vak kijk, verbaast het mij nog steeds dat op een aantal Pabo's nauwelijks aandacht is voor kinder- en jeugdliteratuur, laat staan voor het grote belang van leesplezier en daardoor de zo noodzakelijke leeservaring. Studenten zijn zelfs niet verplicht om boeken te lezen.

Natuurlijk weet ik dat er ook Pabo's zijn waar hard gewerkt wordt aan de kwaliteit. Nadat in 2005 de Onderwijsraad (onafhankelijk adviesorgaan van de regering) constateerde dat het studenten aan voldoende vakkennis ontbrak, is er al heel wat op de schop gegaan. Maar veranderingen/verbeteringen in het onderwijs gaan altijd traag en onderwijsmensen hebben de neiging om het wiel opnieuw uit te vinden.

Wat moet gebeuren, is zorgen voor meer dan voldoende contacturen met daarin stevige colleges waardoor studenten zich grondig kunnen verdiepen in de basisschoolvakken om zo meer te weten komen dan zij straks aan hun leerlingen kunnen vertellen. 'Boven de stof staan' noemde mijn oude aardrijkskundeleraar dat.

Daarnaast natuurlijk pedagogiek, psychologie, didactiek, cultuurgeschiedenis en maatschappijleer. Want pas als studenten, dankzij goede docenten, hebben geleerd om over de schutting te kijken, kunnen ze zelfstandig aan de slag gaan en hun kennis verder verdiepen.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden