Heimwee als drijfveer

Al meer dan tien jaar fotografeert Bert Teunissen (1955) interieurs van oude huizen waar het daglicht nog de inrichting, de sfeer en het dagelijkse levensritme bepaalt. Heimwee naar zijn eigen ouderlijk huis in Ruurlo, in de Achterhoek, is zijn drijfveer.

Toen hij acht was werd het huis gesloopt om plaats te maken voor een nieuwe woning. In afwachting daarvan woonde het gezin Teunissen tijdelijk elders. Toen hij na een jaar vol verwachting het nieuwe huis binnenliep, was hij enorm teleurgesteld. Alle sfeer, geluiden, geheimzinnige hoekjes en geuren van het oude huis waren weg.

Dat prachtige sfeervolle licht in huizen die ver voor de Tweede Wereldoorlog werden gebouwd, voordat elektriciteit het levensritme ging beïnvloeden, is altijd blijven lokken. Dat gemis compenseert Teunissen door interieurs van huizen te fotograferen die nog wel dat bijzondere licht en die authentieke sfeer hebben. Ruim 250 foto’s heeft hij inmiddels gemaakt, in verschillende Europese landen, voor zijn project ’Domestic Landscapes’. Een ruime selectie daarvan is nu te zien in Huis Marseille in Amsterdam.

In al zijn foto’s draait het niet alleen om een bepaald soort licht, maar ook om de manier waarop de bewoners leven. Bijna altijd gaat het om oude mensen, vaak van boerenafkomst, die een sterke band hebben met hun geboortegrond en haast vergroeid lijken met hun huisraad en interieur.

Als je ze daar zo ziet zitten in hun vaak sobere interieur, waar de tijd lijkt te hebben stilgestaan, weet je dat je kijkt naar iets dat binnen afzienbare tijd verdwijnt uit onze samenleving.

In Nederland fotografeerde hij onder meer in Beuningen, Bentelo, Hummelo, Ruurlo en Wehl. Meestal zijn het huiselijke taferelen, waarin echtparen of twee bejaarde broers aan de keukentafel zitten, waaraan ze net de warme maaltijd hebben genuttigd.

Ontroerend is de foto uit Ruurlo van een stevige man in blauwe overall die zo van de tractor lijkt te zijn gestapt om aan te schuiven bij zijn hoogbejaarde moeder, die het eten heeft klaargemaakt.

Het gaat Bert Teunissen om de ’heroïek van het gewone leven’. Tijdloze portretten zonder opsmuk van mensen in de vertrekken waar ze de meeste tijd doorbrengen. Deze ruimtes zijn door de jaren heen in de visie van de fotograaf ’het landschap van hun leven’ geworden. Alle ervaringen, herinneringen en verlangens liggen besloten in de foto’s, voorwerpen en snuisterijen waarmee ze zich omringen en die Teunissen ook steevast in beeld brengt.

Het idee van het interieur als binnenlandschap wordt nog versterkt door het panoramaformaat waarmee hij vaak werkt. Teunissen fotografeert in kleur en uitsluitend bij natuurlijk licht, want het gaat hem om de lichtval in het interieur. Die bepaalt de specifieke atmosfeer die hij zoekt. Wat hij doet met licht is al vergeleken met het licht in de schilderijen van Vermeer.

Teunissen zoekt zijn authentieke ’binnenlandschappen’ ook buiten Nederland. Niet alleen omdat ze hier steeds schaarser worden, maar ook omdat hij wil laten zien dat er veel overeenkomsten zijn in de leefwijze van de (boeren)mensen die hij in beeld brengt, ongeacht of ze in Spanje of in België wonen.

Overal hangen haakwerkjes, (trouw)foto’s van de (klein)kinderen, klokken en kalenders en zijn de keukentafels bedekt met een zeiltje. Natuurlijk zijn er regionale verschillen. Zo zul je in Nederland waarschijnlijk geen boerenhuis meer vinden waar zich nog een open-vuurstookplaats midden in de kamer bevindt of waar de worsten en hammen aan het plafond hangen, zoals in Spanje.

Wat de fotograaf wel opviel is dat België een moeilijk land is om bij mensen binnen te komen. Sommigen gooiden daar gewoon de deur voor zijn neus dicht. Maar in Testelt lukte het hem wel, dankzij een kennis die in dit Belgische dorp woont.

Die introduceerde hem bij een oude man die het grootste deel van de dag doorbrengt in zijn woonkeukentje met een reusachtige sanseveria in de vensterbank, waarvan hij de bladeren met tape bij elkaar gebonden heeft om te voorkomen dat de plant omvalt.

Eén keer per week gaat deze man naar de slager om zeven speklappen te halen. Die bakt hij allemaal tegelijk uit op zijn kookkachel en vervolgens trekt hij elke dag een speklap uit het gestolde vet.

Teunissen: „Aan het aantal kuiltjes in het vet kon ik precies uittellen wanneer hij naar de slager was geweest.”

Teunissen kan zich voorstellen dat mensen zich zullen verbazen over de vaak armoedige omstandigheden waarin deze uitstervende generatie lijkt te leven. Maar ondanks het gebrek aan luxe en modern comfort kwam hij geen ongelukkige of ontevreden bewoners tegen. „De meesten zijn oud, maar zo sterk als een beer. Ze bezitten weinig, maar zijn tevreden met wat ze hebben. Het is een manier van leven.”

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden