Heilig

De mevrouw voor mij bij de groenteman stond hevig reclame te maken voor deze nering, want zij torste een onstuimige kuif op het hoofd, die zeer veel weg had van slordig bijeengebonden stronkjes broccoli. Ik stond daar juist met enige verbazing naar te kijken toen zij zich in dezelfde gemoedstoestand tot mij wendde: "Bent u opeens heilig geworden?"

Ik kon de vraag gelukkig meteen plaatsen. Zij doelde op mijn "overstap" naar de NCRV, een sprong die hier en daar nogal wat verwondering heeft gewekt, blijkbaar. Ik werd gered door de uitbater die wilde weten wat ik wenste. "Geen gezeur aan mijn hoofd!" , had ik graag uitgeroepen, maar wijzigde dit toch maar in zes mandarijnen, want die waren ook in de aanbieding.

Eenmaal op straat moest ik er toch even van peinzen. Het "heilig" van die dame had niet bewonderend geklonken. Is heiligheid dan zo negatief? Oorspronkelijk werden alle christenen heiligen genoemd, "sancti" . Zij waren immers in het doopsel geheiligd door Jezus' verlossingsdood, zoals dat officieel heet. Deze heiligen blonken heus niet altijd uit door opvallende deugden, maar dat deed niets af aan de genadekracht van Christus, om maar eens officieel te blijven. Langzamerhand ging men de term "heilig" afzonderen voor christenen, die door hun evangelisch ingevulde leven (en sterven, denk maar aan de martelaren), een getuigenis waren voor het Evangelie.

Ook levenden werden nog wel eens heilig gevonden, maar steeds meer werd die eretitel gereserveerd voor de gestorvenen in de Heer, die, immers verenigd met God, voor ons hier op deze tobbende aarde konden bidden. Wanneer men nu van iemand zegt dat hij of zij een heilige is, dan is dat bedoeld als onderscheiding. Maar berg je voor de kreet: "Hij is zo heilig . . ." Dan heb je de schijn tegen je.

Toch is "heilig" het kernwoord van de godsdienst, zo wist prof. dr. C. J. Bleeker en die heeft er in doorgeleerd. Het duidt het kenmerk van de godsdienst aan, zoals "het schone de kunst en het goede het zedelijk handelen karakteriseren" . In vele culturen wordt er een scheiding gemaakt tussen het heilige en het profane. Er hangt een soort taboesfeer rond het eerste begrip.

In de cultus hangen overigens ideeen over rein en onrein hiermee samen. In het Oude Testament is dat heel duidelijk: het woord heilig is de aanduiding voor een toestand waarbij een mens, of een ding, of een ruimte onttrokken is aan het profane, het wereldse, het niet-gewijde. Israel is een heilig volk. De priesters zijn heilig. Sommige dagen zijn heilig. Later wordt dat begrip heiligheid overgedragen op God. Vooral Jesaja kent de Heer als de Heilige: "Heilig, heilig, heilig is de HERE der heerscharen" (6: 3) en eerder "De heilige God wordt geheiligd door gerechtigheid" (5: 16). Heilig betekent hier verheven, onafhankelijk, handelend in eigen volmacht.

Ook in het Nieuwe Testament wordt God de Heilige genoemd: "Uw naam worde geheiligd" , de eerste bede van het Onze Vader. Jezus valt soms die eer eveneens te beurt, terwijl de Heilige Geest zo wordt onderscheiden van andere geesten, ver verheven boven de menselijke. Ook de engelen en de triomferende Kerk heten heilig te zijn. Nu is de Kerk op zich bijzonder onheilig, waar zij vol is van menselijke ijdelheden en dwalingen. Hier moet heiligheid dan ook worden gelezen als afzondering: door de roeping (in Christus) afgezonderd zijn tot het in dienst staan van de Schepper.

De heiligen waar ik het daarnet over had, bereikten daarin een hoge graad van volmaaktheid. Velen vereren hen daarom of daarvoor. Niet-katholieken staan daar vaak wat huiverig tegenover. Dat komt vast door de uitbundige bewondering en vormencultus die vooral bij de zuidelijke volken is ontstaan. Toch moet je deze uitwassen breed zien, vind ik. Vergeet niet dat de indrukwekkende heiligenfiguren die kerken en kathedralen sieren en sierden ooit "in sprekende stilte" een taal hanteerden waarvan de kracht soms dieper doordrong dan die van het door de priester gesproken woord. Eeuwenlang werden bepaalde overledenen niet door de Kerk, maar door het volk tot heiligen gemaakt.

Dat zal niet altijd terecht zijn geweest. Vele gebeden tot de Heilige Vergissing zullen dus niet zijn aangekomen, want fout geadresseerd. De moderne Nederlandse rooms-katholiek gaat genuanceerd om met de gecanoniseerden en kan religie zeer wel scheiden van folkloren en heidendom. Hij denkt het zijne van de sensationele toeloop bij weer een verschijning, of de kwakzalverij met medailles en relikwieen, of de overproduktie van smakeloze heiligenbeeldjes. Toch wil ik hierbij aantekenen dat vele gelovige zielen niet buiten deze concrete hulpmiddelen hun geloof kunnen beleven. Het misbruik ervan maakt het normale gebruik niet ongeoorloofd. Het ligt in de aard van de mens om afbeeldingen te maken van personen van wie men houdt of die men hoogacht. Waarom mag je wel een krans leggen bij het Nationaal Monument en geen kaarsjes branden bij Maria?

Vormen zijn bijzaak. Het gebod uit Deuteronomium om geen gesneden beelden te maken betreft godenbeelden en is vooral van belang door het tweede gedeelte van het verbod: "Gij zult u voor die niet buigen, noch hen dienen" (5: 9). Daar gaat het om. Het heiligenbeeld is een soort doorgeefluik. De cherubijnen die God op de Ark des Verbonds liet plaatsen werden niet aanbeden, maar waren een voortdurende herinnering aan de mysterieuze aanwezigheid van God onder Zijn volk. Dat geldt ook voor heiligen. Dat geldt evenzeer voor levende mensen die van goeden wil zijn.

Om kort te gaan: ik ben dus niet heilig geworden, al weet je nooit wat een prachtige invloed de NCRV nog op mij kan hebben. Ik ben wel van goeden wil, in velerlei opzicht. Maar zolang ik nog vals aan broccoli denk, terwijl ik daarmee waarschijnlijk het werk van een trotse kapper kapotrijt, moet er nog veel aan me veranderd worden. Voorlopig preek ik overmorgen blijmoedig in de Engelse Kerk op het Amsterdamse Begijnhof, in een middagpauzedienst van de Alle Dag-Kerk. En 's avonds speel ik even blijmoedig onze musical Revue Revue in Oss. In beide gevallen is het een heilig moeten.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden