Hef de overlap tussen marine en landmacht op

In het regeerakkoord werd afgesproken dat op defensie 375 miljoen gulden per jaar bezuinigd zou worden. De taken van de krijgsmacht, in het bijzonder de zogenaamde vredesoperaties, bleven onveranderd. Deze werkwijze was niet nieuw; voorgaande kabinetten hadden ook steeds op defensie gekort zonder de taakstelling aan te passen. De nieuwe minister, De Grave, wil het accent bij de taakstelling van de krijgsmacht iets meer verleggen naar vredesoperaties. Ook startte hij een brede maatschappelijke discussie over zijn plannen om de bezuinigingen te verwerken.

Adriaan van Vuren

Na een aanvankelijk wat mat debat, gooide het wetenschappelijk bureau van de VVD bij monde van Van Schie, als eerste de knuppel in het hoenderhok door enkele dogma's van het vigerende defensiebeleid onder vuur te nemen: vredesoperaties hebben over het algemeen weinig effect en gaan ten koste van de verdediging van het eigen land.

De gezaghebbende Adviesraad Internationale Vraagstukken (AIV) liet defensie ook onder de loep nemen door een werkgroep onder leiding van oud-minister van defensie, Ter Beek. Die kwam tot de ernstige conclusie dat tussen de ambitie om op betrekkelijk grote schaal deel te nemen aan vredesoperaties en de feitelijk beschikbare middelen, steeds grotere spanning is ontstaan tengevolge van de onophoudelijke reeks kortingen op defensie in recente jaren. Saillant detail daarbij is dat het uitgerekend Ter Beek zelf was die dat uiteengroeien van doel en middelen tijdens zijn eigen regeerperiode voor een groot deel liet ontstaan. Tenslotte verscheen een nota van de PvdA waarin de klassieke landsverdediging als niet actueel wordt afgedaan en de krijgsmacht uitsluitend vredestaken krijgt. Deze verdere accentverschuiving is voor de PvdA reden om het Duits-Nederlandse legerkorps op te heffen en daarmee veel geld te besparen. Wat moet de burger die geïnteresseerd is in de krijgsmacht én in de 14 miljard gulden die er jaarlijks aan worden besteed, met deze lawine van initiatieven?

Het lijkt mij zinvol de militaire werkelijkheid als uitgangspunt te nemen. Het staat vast dat het economisch machtige Europa een militaire dwerg is, zoals de oorlog in Kosovo andermaal aantoonde. Er kan veel geld worden bespaard wanneer de nationale verdedigingsorganisaties zouden opgaan in een hechte Europese samenwerking. Maar voor het zover is, moet er eerst een veel hechtere politieke samenwerking tot stand komen. Op dat punt ziet het er niet best uit, men denke bijvoorbeeld aan het enorme verschil van inzicht tijdens de oorlog in Kosovo tussen Grieken, Italianen en Duitsers enerzijds en Britten anderzijds.

Het is een militair axioma dat eenheden die in staat zijn oorlog te voeren, ook vrede-bewarende operaties, zoals nu in Bosnië en Kosovo, kunnen uitvoeren. Het omgekeerde is echter níet het geval. Het opheffen van het Duits-Nederlandse legerkorps is geen goed idee omdat dat legerkorps zowel het land kan verdedigen als vredesoperaties kan uitvoeren, én omdat een ontluikend stukje Europese samenwerking de nek wordt omgedraaid.

Het staat ook vast dat de landmacht het leeuwendeel van de vredesoperaties voor haar rekening nam en neemt. Tegelijkertijd is er op de Landmacht het meeste bezuinigd waardoor er te weinig eenheden voor vredesoperaties beschikbaar zijn, dat geldt in het bijzonder voor gemechaniseerde eenheden zoals pantserinfanterie en tanks. Die eenheden staan met de in gang zijnde vredesoperaties onverantwoord onder druk en de spanning onder het personeel van die eenheden stijgt snel met alle slechte gevolgen voor de werving. Het feit dat luchtmobiele eenheden regelmatig moeten worden omgeschoold tot pantser-infanterie en de mariniers steeds worden ingezet als infanterie, spreekt boekdelen. Het is dus een goede zaak om de parate sterkte van de landmacht op te voeren zoals de PvdA wil.

De marine draagt het minst bij aan vredesoperaties. De enige uitzondering daarop vormt het Korps Mariniers maar dat vervult alleen taken van de landmacht. Men kan deze kostbare en onnodige overlap tussen marine en landmacht in de vorm van het Korps Mariniers, beëindigen door de mariniers bij de landmacht in te delen en deze nu licht bewapende troepen uit te rusten met gepantserd materieel, waarbij onder meer te denken valt aan de 150 tanks, die de minister wil afstoten.

Aldus zijn elementen uit alle initiatieven, inclusief die van de minister, te combineren tot een zinnig, lang vol te houden defensiebeleid. De landmacht moet worden versterkt met eenheden die in staat zijn oorlog te voeren, en zij kan aldus vredesoperaties langdurig volhouden. Het noodzakelijke geld daarvoor kan voor zover het defensiebudget niet wordt verhoogd, worden vrijgemaakt door krijgsmachtdelen die weinig bijdragen aan vredesoperaties, te korten en kostbare overlap tussen marine en landmacht te elimineren.

En tenslotte moeten opeenvolgende regeringen niet tegelijk korten op defensie en de taken onveranderd laten. Op die manier is defensie slechts een financiële sluitpost en geen serieuze bijdrage aan vrede en veiligheid in de wereld.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden