Heesto san terug in Japan: De ventielspecialist

Schrijver Detlev van Heest reist kort na de kernramp door Japan, het land waar hij twaalf jaar woonde. In deel 14 spreekt hij een man die huis en baan verloor.

Ik overnacht in een onsen-hotel, Bloemfontein genaamd, en kijk uit mijn kamer naar een kale bergwand. Het dorpje heet Bandai-Atami-onsen, een vulkanische badplaats in de bergen van Fukushima, die eertijds door keizerlijke prinsessen uit Kyoto bezocht werd. Huidaandoeningen zoals rimpels zouden vanouds baat hebben bij het geneeskrachtige badwater alhier. Ik veronderstelde de enige gast in Bloemfontein te zijn. Uit angst voor de radioactiviteit hebben alle toeristen hun boekingen geannuleerd, vertelde een receptionist me, maar hun afwezigheid wordt ruimschoots goedgemaakt door de honderden evacués uit de omgeving van de kerncentrale Fukushima nummer 1, die hier zijn ondergebracht.

Tot mijn verbazing lopen hier mannetjes in en uit die bedrijfsuniformen dragen van de Tokyo Electric Power Company (Tepco), de eigenaar van de kerncentrale. Daarstraks vreesde ik het ergste toen ik me in een van de gemeenschappelijke baden wou laten zakken. Die heldhaftige Tepco-kerels spoelen hier de radioactiviteit van hun lijf. Ik dacht: kunnen ze dat niet ergens anders doen? Spoedig hervond ik me en geraakte ik in een solidaire bui. In een van de buitenbaden, naast een woelig riviertje, zette ik me naast een dikkige man van een jaar of 35. Ik begroette hem.

"Bent u hier voor uw werk?" vroeg hij.

"Ja. Ik schrijf over de catastrofes. Voor een Hollandse krant. U bent hier ook voor uw werk?"

"Nee. Ik ben gevlucht. Mijn huis stond tien kilometer van de centrale, in Geluksheuvel."

"Stond?"

"Het is er niet meer. Ik werkte in de centrale."

"U werkt voor Tepco?"

"Ik werkte voor Tepco. Ik ben ventielspecialist. Op elf maart kwam ik juist uit het binnenste van een van de reactoren. Op weg van de reactor naar het kantoor voelde ik de grond bewegen. Ik begreep meteen dat het mis was. De ruiten van het kantoor braken, de muren knapten."

"U hoorde de tsunamiwaarschuwing?"

"Ook zonder die waarschuwing wist ik dat ik haast moest maken." De man duwde zich op uit het water. Op de rand van het bad sloeg hij zijn benen over elkaar. "Zo snel ik kon ben ik naar huis gereden. Mijn vrouw, baby en ouders heb ik in de auto gezet. Nog net op tijd konden we uit Geluksheuvel ontkomen. De tsunami was zeker zo hoog als de nok hier." Hij wees omhoog.

"U hebt de tsunami gezien?"

"Ik heb gezien hoe mijn huis werd weggespoeld."

"Hebt u huisdieren?"

"Een hond en een kat. Mijn hond is hoogstwaarschijnlijk verdronken. Hij zat vast, aan een lijn. De poes zag ik wegrennen. Die is misschien nog in leven. Ik heb mijn hond niet kunnen redden."

"Wat vreselijk."

"De poes kan ik niet zoeken. Ik mag er niet heen. Het gebied is afgesloten."

"Heeft uw werkgever u niet opgedragen terug te keren naar de centrale?"

"Natuurlijk. Maar dat heb ik geweigerd. Mijn vrouw heeft me gesmeekt niet te gaan. 'We hebben een baby, je mag niet gaan!' Tepco is streng. Ik ben ontslagen." Hij maakte een beweging alsof hij zijn hals doorsneed. "Loon heb ik niet meer gekregen. En naar ons dorp kunnen we nooit meer terug."

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden