'Heb jij Beatrix in een strapless jurk gezien?'

Deze serie is mede mogelijk gemaakt door de Europese Culturele Stichting. Eerder verschenen GRIEKENLAND (22-8), DUITSLAND (19-9), PORTUGAL (17-10), BELGIE (14-11), DENEMARKEN (12-12-1991), IERLAND (9-1) en GROOT-BRITTANNIE (6-2-1992). De volgende aflevering verschijnt over drie weken.

JOLAN DOUWES

Het zwoele stemgeluid van Caroline Kaart is beroemd en berucht. De een zit elke zaterdagochtend klaar om haar zangerig gekeuvel te horen op Radio 4. De ander geeft een nijdige mep op de wekkerradio als deze per ongeluk afgaat tussen tien en elf. Maar bewonderaars en critici kunnen het erover eens zijn: de Schotse Caroline Kaart (60) weet wat Hollandse gezelligheid is. "Goodmorning!" , klonk het afgelopen zaterdag weer opgewekt na een stukje heksendans uit Puccini's opera 'Le Villi'. "Ik ben vandaag in een goeie bui, want mijn praecox staat te pronken in mijn tuin. En Joop heeft ook de voorjaar in zijn hoofd, want hij heeft iets uitgezocht van Dvorak. Ach, die Dvorak was zo in zijn nopjes - knopjes, bloemenknopjes - toen hij hoorde dat zijn zesde symfonie voor het eerst in Wenen zou worden gespeeld."

Daar komen de eerste tonen van het Cleveland Orchestra. Vakkundig vloeien de preludes van Joop Stokkermans, die altijd op de achtergrond klinken als Caroline Kaart praat, over in de zesde symfonie. "Heerlijk!" , verzucht de presentatrice na afloop. Meteen schakelt ze over op een beeldende beschrijving van de pianist Jean-Yves Thibaudet: "Ik zie een elegant heerschap met blonde haren die vast niet bij mij langs zal komen in Blaricum. Maar misschien wel bij u in Amsterdam, want hij speelt donderdag in het Concertgebouw."

Volgt een stukje Liszt, met ferme aanslag gespeeld door het bewonderde heerschap. En zo gaat het programma voort, met een persoonlijk praatje en een niet al te moeilijk plaatje. Tot Caroline Kaart roept: "Vrinden, pluk de dag, byyyyye!" en haar luisteraars achterlaat met een stukje uit een Tsjechische suite van Dvorak. Expres gekozen als slottune, omdat er makkelijk in te snijden is als Kaart iets te lang heeft uitgewijd.

Twaalf jaar presenteert ze het AVRO-programma al. Ze is er trots op dat het nog steeds de best beluisterde uitzending is op Radio 4: wekelijks stemmen er gemiddeld 150 000 mensen op af. Dat Kaart populair is, blijkt ook uit de vele brieven, kaarten en gedichten die ze wekelijks krijgt. "U bent als een goede vriendin" , schrijven trouwe luisteraars haar. "Het is net alsof u bij ons aan tafel zit."

Ze kreeg het aanbod indertijd dankzij haar krachtdadige optreden in een kerstprogramma van de AVRO. Ze zou daar een half uur lang Schotse liederen zingen. Ruim op tijd kwam ze het gebouw binnen, maar de portier schoot haar meteen aan: of ze rechtstreeks het podium op wilde. "Ramses Shaffy presenteerde, maar die liep - zoals in die tijd gebruikelijk - met een jeneverfles rond. Hij was zo teut, dat ik voor hem moest invallen."

Zo belandde de klassiek geschoolde zangeres in de Hilversumse radiostudio. Tot haar eigen verbazing, want ze wist dat haar Nederlands niet vlekkeloos was. "Mijn toenmalige echtgenoot Willy van Hemert bood aan om mijn teksten te schrijven, maar ik zei: om-je-nooit-niet. Als ze een buitenlandse vragen om te presenteren, krijgen ze een buitenlandse."

Haar verengelste Nederlands is haar handelsmerk; charmant in de oren van haar bewonderaars, niet om aan te horen volgens mensen die haar minder mogen. Haar verhalen zijn doorspekt met beeldspraak, die de luisteraar soms voor raadselen zet. Wat bedoelde ze afgelopen zaterdag toch met 'in de pan brokkelen'? Caroline Kaart: "Ik denk zelf vaak dat ik beeldig Nederland praat. Gelukkig hoor ik mijn eigen fouten niet."

Ronduit lastig vindt ze nog de lidwoorden 'het' en 'de'; vaak gokt ze maar wat. Maar de g-klank is voor haar als Schotse minder lastig. Tenslotte is ze opgegroeid in de buurt van Loch Lomond. Mooi kan ze het gegrom en geknauw evenwel niet vinden. Het Nederlands is haar niet melodieus genoeg.

Taalgrapjes daarentegen kan ze niet genoeg horen. Als een echte Britse is ze daar gek op. Vooral als ze er zelf in slaagt om een woordspeling te maken. Trots vertelt ze dat 't een paar dagen geleden lukte tijdens een optreden voor de Zonnebloem, een liefdadigheidsorganisatie voor ouderen en zieken. Na de pauze maande de organisator de bezoekers bij de toiletten om weer gauw hun plaats op te zoeken. "Als ik het goed begrijp, probeert u nu de stoel-gang te versnellen" , zei Caroline Kaart. Tevreden stelde ze vast dat ze eindelijk een Nederlandse taalgrap kon maken. "Nu ben ik een echte Hollandse."

Dubbelzinnigheden kan ze na 36 jaar nog steeds niet erg waarderen. Vandaar dat ze ook geen groot fan is van het Nederlandse amusement, met sterren als Andre van Duin en Jos Brink. "Allebei vakmannen" , haast ze zich te zeggen, "maar soms zo platvloers. Ik kan daar niet om lachen."

Nietsvermoedend gebruikt ze zelf ook vaak beladen woorden. Zo had ze het in haar programma een keer over twee jongeheren op de vleugel, een letterlijke vertaling van 'two young gentlemen at the piano'. "Joop en de technicus lagen onder de tafel van het lachen, maar ik zag er de lol niet van. Gelukkig konden we de opname stilzetten." Conclusie: "Jullie humor is de mijne niet." En omgekeerd, want Kaarts grappen vallen ook niet altijd goed bij Nederlanders.

Laatst merkte ze dat, toen ze zich een kleine woordspeling permitteerde. Tijdens een uitzending vertelde ze over een nieuwe interpretatie die Rudi van Dantzig had gegeven aan het Zwanenmeer. Net als de componist zou prins Siegfried ook wel eens homoseksueel kunnen zijn., Vandaar dat hij niet zo in de smaak viel bij Odile. "Gay Swan Lake, gay Tsjaikowski, gay Rudi" , eindigde Caroline Kaart vrolijk. Of ze zulke grapjes niet meer wilde maken, kreeg ze de week daarna van een AVRO-directielid te horen.

"Op zulke momenten vind ik Nederland erg hypocriet. Zogenaamd tolerant over homo's, maar als ik een keer 'gay' zeg, staat de AVRO op z'n kop. En het woord 'God' mag al helemaal niet vallen in mijn uitzending. Bij de BBC gebeurt niet anders, maar in Nederland is God ook bij niet-christelijke omroepen taboe. In mijn woede over zoveel hypocrisie denk ik wel eens: Calvijn kan de kast in!"

Jaren geleden deed ze mee aan een tv-spelletje bij de NCRV-radio. Een panel van zeven mensen moest erachter komen welk woord zij in gedachten had. Niemand raadde 'intolerantie'. Achteraf logisch, vindt Kaart. "Dat woord kwam niet in hun hoofd op, omdat ze zichzelf zo niet wensten te zien. Maar ik zag als buitenlandse des te beter hoe denigrerend toen al gepraat werd over Turken en Marokkanen. Ik vind de Nederlanders helemaal niet zo tolerant als ze zich voordoen."

Caroline Kaart trok zich het lot van de buitenlanders aan, omdat ze wist hoe zij zich voelden in Nederland. Voor haar als Schotse was het al heidens moeilijk om zich aan te passen. Al bleek de taal de grootste barriere, kleine verschillen maakten haar het leven soms even zuur: zelfs over de plaats van het bestek konden al ruzies ontstaan. "Als ik ooit een boek schrijf over mijn leven, heb ik de titel al klaar: Never marry a foreigner."

Ze deed het wel, twee keer zelfs. Haar eerste man, de toneelspeler Hans Kaart, leerde ze kennen in Duitsland. Ze was daar door de Glyndebourne-opera naar toe gestuurd voor zanglessen; haar beurs werd betaald door de Sir Alexander Caird-stichting. Caroline Raitt maakte veel kans op een internationale carriere, maar ze liet Hans Kaart voorgaan. "Hij wilde doorbreken als operazanger, en daar had hij mijn steun voor nodig."

Toen hij na zes jaar huwelijk overleed, ging ze zelf weer aan de slag. Terug naar Schotland wilde ze niet meer. Het vooruitzicht dat haar moeder zich over haar zou ontfermen schrikte haar af. "Zij heeft me ertoe gezet zanglessen te volgen, maar toen ik succes kreeg, wilde ze er niets meer van weten. Tragisch genoeg heeft de zang ons uit elkaar gedreven."

Voor de NCRV ging ze de tv-serie 'Een liedje met Caroline' maken. Achteraf vindt ze dat dit programma haar imago geschaad heeft. "Ik had vijftien jaar zang gestudeerd, maar iedereen dacht dat ik alleen maar Oudhollandse en Schotse liederen kon zingen. Een criticus schreef zelfs: 'Hoe durven ze zo'n volksliedjesjuffrouw in de Mattheus Passion te laten optreden?' "

De kritiek kwetste en verbaasde haar. Van Engeland was ze gewend dat iedereen alles aanpakt. Schnabbels bestaan daar niet, iedere opdracht is werk. "Maar in Nederland krijgt je meteen een etiket opgeplakt: je bent een artiest of een kunstenaar. En het eerste kun je maar beter niet zijn, want dat is een beetje ordinair."

In 1969 trouwde Caroline Kaart met Willy van Hemert, regisseur van bekende NCRV-series. Ze gaf haar werk opnieuw op om haar tweede man terzijde te staan. Stom, vindt ze achteraf, maar 'ik was in die tijd nog een jaknikkend vrouwtje'. Er was een voordeel: via Van Hemert kwam ze in contact met televisie. Met plezier denkt ze terug aan de tv-serie 'Bartje', waarvoor ze de actrices in Oudhollandse kostuums hees. "Als jong meisje had ik op school geleerd dat Nederlanders in een keurslijf zaten. De schilderijen van Van Dijck waren het bewijs: daar stonden stijve mensen op, ingesnoerd in het kostuum. Bij 'Bartje' heb ik gemerkt hoeveel waars er in dat clichebeeld school. De klederdrachten moeten een marteling zijn geweest, vooral voor vrouwen."

In haar eigen land was Caroline Kaart meer frivoliteit gewend. Geen keurslijven, maar decolletes bepaalden daar het straatbeeld. Zelfs de queen waagde zich er in haar jonge jaren aan. "Heb jij koningin Beatrix in een strapless jurk gezien? Dat wufte van de Schotten kennen jullie helemaal niet."

Kaart vindt een verklaring in de geschiedenis: "Toen jullie de zeeen trotseerden voor koffie en thee, haalden wij wijn en zijde in ruil voor whiskey en wol. Dankzij onze contacten met Frankrijk leerden wij wat allure is. Helaas weten jullie dat nog steeds niet, ondanks jullie blik op het buitenland."

Streng is haar oordeel over mensen die in spijkerbroeken het Concertgebouw bezoeken. Dat kan niet, vindt ze. Net zo min als zangeressen die niet weten hoe ze zich moeten bewegen op het podium. Caroline Kaart heeft al heel wat houten Klazen gezien onder haar Nederlandse collega's. Hun slechte presentatie verpest haar plezier in een concert.

"Mijn grote voorbeeld was Maria Callas, die zong met veel dramatiek. Zij had de star quality die veel Nederlandse zangeressen missen. Charlotte Margiono, een leerlinge van Aafje Heynis, zingt heel mooi, maar ze kan de karakters niet goed brengen. Daardoor is ze niet overtuigend voor mij. Ik verwacht top entertainment. Maar als je vraagt wie mij dat biedt in Nederland, valt er een lange stilte."

In het Concertgebouw komt Kaart trouwens nooit meer, sinds ze eens is afgeblaft door de koffiejuffrouw ( "Nee, hoffelijkheid is niet jullie sterkste kant." ) Het Muziektheater mijdt ze eveneens; de inrichting is haar te modern. "Ik houd van rode pluche, loges en veel goud." Uit de krant weet ze dat er regelmatig opera's te zien zijn met spectaculaire decors en vernieuwende regie. Kaart houdt meer van het traditionele werk.

Ze volgt de klassieke muziek thuis, voor de tv. Met haar poedel op schoot en de schemerlampen aan. Haar inrichting heeft iets Brits - porseleinen paarden in de vensterbank, gebloemde stoelen in plaats van een bank -, maar haar huiselijkheid is typisch Nederlands. Bestelden haar ouders hun drankjes nog in een pub of hotel, Caroline Kaart schenkt ze liever zelf in. "Ik ben een echte huiszwaluw geworden."

Naar haar geboorteland wil ze niet meer terug. Ze denkt dat ze er niet meer kan aarden. Al mist ze de heuvels verschrikkelijk. Bij de gedachte aan de highlands springen de tranen haar al in de ogen. "Ik ben erg sentimenteel" , zegt ze verontschuldigend , "Nederlanders kunnen daar vaak niet tegen. Maar ik moet gewoon een potje huilen als ik het eerste nummer uit de 'Sound of Music' hoor: 'I go to the hills when my heart is lonely.' Ik ben geen poldermens, maar een hooglander. Gelukkig hebben we in Blaricum een Tafelberg."

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden