Harry Potter roept op tot engagement

Proberen de miljoenen gretige lezers van Harry Potter de ’echte’ wereld te ontvluchten? Nee, de boeken roepen juist op tot maatschappelijke betrokkenheid. Want de slechte Voldemort wint nog altijd aan macht in onze wereld.

Anton de Wit

Op het moment dat u dit leest, hopen duizenden kinderen en volwassenen in Darfur voedsel, een jerrycan en een tent te bemachtigen in hun door geweld geteisterde land. Op het moment dat u dit leest hopen duizenden kinderen en volwassenen in ons eigen deel van de wereld een exemplaar van het allerlaatste Harry Potter-boek van J.K. Rowling te bemachtigen. Een vliegafstand van luttele uren, een wereld van verschil. De cultuurpessimisten beleven gouden tijden: terwijl de wereld naar de ratsmodee gaat, vluchten verwende westerse kindjes in een veilige en hapklare sprookjeswereld vol fabeldieren en tovenarij.

Dit is zo ongeveer de kritiek die rond het verschijnen van ieder deel van de Potter-reeks te horen is. Grote woorden worden niet geschuwd: het succes van de tovenaarsleerling bewijst niets minder dan de ’teloorgang van onze beschaving’, zo hebben meerdere prominente critici al betoogd. Vooral als ook volwassenen zich in kostschooluniform hijsen met bijbehorende puntmuts, bezemsteel en toverstaf. De stakkers kunnen de rauwe werkelijkheid niet aan, zo luidt het verwijt.

Nieuw is dat geluid allerminst. Zestig jaar geleden heeft J.R.R. Tolkien – die van ’The Lord of the Rings’ – zich ook al eens boos gemaakt over de beschuldiging van escapisme, die ook hem en zijn lezers regelmatig voor de voeten geworpen werd. Zo pal na de Tweede Wereldoorlog, toen Tolkien zijn befaamde essay ’Over sprookjesverhalen’ publiceerde, was dat natuurlijk een beladen aantijging. Ten onrechte wordt de ’ontsnapping’ die fantastische verhalen bieden geassocieerd met „de vlucht van de deserteur”, stelde Tolkien. Alsof men door het lezen van sprookjes de handen lostrekt van de ’echte wereld’.

Tolkien beweerde zelfs het tegenovergestelde. „Waarom”, vroeg hij zich af, „zou iemand worden gehoond als hij, wanneer hij merkt dat hij in een gevangenis zit, probeert uit te breken en naar huis te gaan?” De gevangenis is in deze beeldspraak de waan van de dag. Thuis, dat is de tijdloze, universele waarheid. Die waarheid waar sprookjes uitzicht op geven, biedt ’recovery’, in de Nederlandse versie afwisselend vertaald met ’herstel’ en ’genezing’: „het herwinnen van een heldere blik”, in de woorden van Tolkien.

Juist door afstand te nemen van de alledaagse werkelijkheid in een literaire fantasiewereld – of dat nu Midden-aarde van Tolkien of Zweinstein van Rowling is – leren wij met een frisse blik en hernieuwde belangstelling naar onze eigen omgeving te kijken. De tegenwoordige tijd is als een kathedraal: pas van een afstandje kunnen wij de volle omvang, schoonheid én lelijkheid begrijpen. Wie van dichtbij probeert te kijken verliest zich in kritiek op details, terwijl het grotere geheel langzaam vergeten wordt. Precies dat is het probleem van een activisme dat zich slechts wil laten voeden door de waan van de dag.

De waan van de dag is in de boeken van Rowling nadrukkelijk afwezig. Hoewel het verhaal in de jaren negentig van de vorige eeuw speelt, is de setting tamelijk tijdloos. Verwijzingen naar de actualiteit ontbreken nagenoeg. Toch is de magische wereld in feite een spiegel voor onze hoogtechnologische samenleving. Zoals wij onze zielenroerselen via internet delen met volslagen vreemden, moet je er in het toveruniversum niet gek van opkijken wanneer een papieren dagboek terugpraat. Zoals wij koeien veranderen in handtassen en schapen in sokken, leren de leerlingen van Zweinstein bij het vak Transfiguratie konijnen in slippers veranderen en kevers in knopen. Een afwasborstel die uit zichzelf de afwas doet of een zelfschrijvende ganzenveer zijn wezenlijk niet veel anders dan respectievelijk een afwasmachine of een dictafoon. Brulbrief of hatemail, toverstok of vuurwapen, uil of email, toverdrank of paracetamol – ze doen feitelijk hetzelfde.

De ’magie’ van Rowling is dus triviaal, maar allerminst onschuldig. Zo verwonderden wij ons in het eerste boek, ’De Steen der Wijzen’, met Harry om de vorstelijke maaltijden die uit het niets op de tafels van de Grote Zaal van Zweinstein verschenen. In ’De Vuurbeker’ leerden we dat die maaltijden daar niet vanzelf komen: onder de Zaal werken huis- elven in een grote gaarkeuken – onbetaald. We herkennen hier niet alleen een onverholen protest tegen slavernij en discriminatie, maar ook tegen onze eigen omgang met voedsel, waarvan het productieproces zich volledig aan ons blikveld onttrokken heeft.

De hele Harry Potter-reeks is doordrenkt van dergelijke vingerwijzingen naar de waan en waanzin van ons eigen tijdsgewricht – onrecht, inbreuk op privacy, bureaucratie, massahysterie, de macht van media, discriminatie en geweld. Nu zou dat op zichzelf nog niet zo wereldschokkend zijn, ware het niet dat Rowling veel verder gaat dan een in fictie verpakte maatschappijkritiek. Zij biedt ook een diepere analyse van het kwaad en schetst zelfs een kraakheldere oplossingsrichting.

De sleutel tot haar analyse is de omgang met de dood. Harry’s aartsvijand Voldemort heeft slechts een doel: de dood te slim af zijn. Zijn naam betekent ook zoveel als ’vlucht uit de dood’. Voor dat doel gaat hij letterlijk over lijken. Ook hier zien we een tijdloze weergave van een fenomeen dat van alle tijden en plaatsen is. Met het wereldwijde terrorisme en de reacties daarop is het bovendien prangend actueel. „Het extremisme”, schreef de filosoof Donald Loose onlangs in een analyse van religieus fundamentalisme, „zal altijd ook een gevecht met de dood zijn.” Fundamentalisme, redeneert Loose, is namelijk in wezen een radicale afkeer van alles wat ’vreemd’ en ’anders’ is. De dood is het ultieme vreemde en andere. Uiteindelijk is overwinning van het vreemde dus een (tot mislukken gedoemde) poging tot overwinning van de dood.

Het pad dat Harry door de boeken aflegt, is dat van acceptatie van de dood als noodzakelijk onderdeel van het leven. In ’Deathly Hallows’, het zevende en afsluitende deel dat sinds vannacht in het Engels te koop is, zullen de nodige helden sneuvelen, waarschuwde de auteur, en in eerdere boeken kreeg Harry al te maken met de dood van zijn ouders, een schoolvriend, zijn peetvader en zijn mentor. Van die laatste had hij geleerd dat de dood „voor de goedgeordend geest” slechts „het volgende grote avontuur” is. De oplossingsrichting die Rowling nadrukkelijk aanwijst, is een door en door christelijke deugdenethiek. Geloof, hoop en liefde zijn de essentie van haar boodschap, en verder wordt voortdurend een beroep gedaan op deugden als trouw, moed, weldenkendheid en rechtschapenheid. Dit klinkt de brave moderne seculiere denker misschien hopeloos gedateerd in de oren, maar je moet wel een erg cynische atheïst zijn wil je in dit pleidooi de ’teloorgang van onze beschaving’ ontwaren.

Het tegendeel is waar. De Harry Potter-boeken roepen op tot een dieper engagement. Ze zijn daarom sprookjes in de positieve betekenis die Tolkien daar zestig jaar geleden al aan gaf – inclusief de door hem beschreven ’eucatastrofe’ aan het einde, de goede ramp, de finale rampzalige wending die uitzicht biedt op een eeuwige vreugde voorbij de gevangenismuren van het alledaagse. ’Deathly Hallows’ zal een eucatastrofe zijn die zichtbare sporen in onze wereld na gaat laten.

Want dat dóen deze boeken. Ze resulteren nu al in een oprechte maatschappelijke betrokkenheid bij tal van mensen. Zomaar wat voorbeelden: een jonge organisatie die zich de ’Harry Potter Alliance’ noemt, ontwikkelt allerlei humanitaire projecten voor Darfur. En in Amerika bestaat een enthousiaste onderstroom van op Harry Potter geïnspireerde garagebandjes, die zich onder de noemer ’wizard rock’ schaart en die praktisch alle opbrengsten van cd’s en concerten aan goede doelen, veelal leesbevorderingsprojecten, doneert.

Dat zijn effecten die zelfs verwante boekenreeksen als ’The Lord of the Rings’ of ’The Chronicles of Narnia’ nooit bereikt hebben. Meer nog dan het oeuvre van Tolkien of C.S. Lewis, veel meer nog dan allerhande politieke manifesten linksom of rechtsom, zal het werk van J.K. Rowling de wereld veranderen. Door de tijdloosheid en diepgravendheid kan Harry Potter nog generaties mee. Wees dus blij met die rijen kinderen en volwassenen die zich voor de deuren van de boekhandels verdringen.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden