Harry Patch

’Patch, Harry Patch, dat is een goede naam/ Shakespeariaans/, hij zou een van de mannen van Hal kunnen zijn bij Agincourt of niet ver daarvandaan’, dichtte de Britse Dichter des Vaderlands Andrew Motion ter ere van de Eerste Wereldoorlogsveteraan. ’Agincourt’ was een slag waar Britten trots op horen te zijn, toen de Engelsen in 1415 tijdens de Honderdjarige Oorlog een overmacht aan Fransen wisten te verslaan. Shakespeare bezong de veldslag in Henry V (Hal).

Trots was niet het gevoel dat Patch beving bij de herinneringen aan de loopgraven. Schaamte en verdriet lieten hem meer dan tachtig jaar zwijgen. Hij was niet uit vaderlandsliefde en krijgslust naar het front vertrokken. Zijn broer was al in 1914 gewond teruggekomen, en Patch trok zijn conclusies. Maar in 1916 kwam toch de oproep. Met zijn gevechtseenheid sprak hij af om zo mogelijk de vijand alleen te verwonden.

Na de oorlog pakte hij zijn vak als loodgieter weer op, trouwde twee keer, werd twee keer weduwnaar en overleefde zijn twee zonen.

Tot zijn honderdste was Patch een stille veteraan – toen trok hij zijn mond open. „Oorlog is georganiseerde moord, en niets anders”, zei hij. En: „Iedereen die je vertelt dat hij niet bang was, is een godvergeten leugenaar”. Hij vertelde in interviews over de eerste aanval van zijn regiment, over de verwarring en angst, het geschreeuw om hulp van gewonde Engelsen en Duitsers. „Maar we waren niet als de Goede Samaritaan in de Bijbel, we waren de rovers die (...) hen achterlieten.”

Het verlies van drie van zijn kameraden, toen een granaat hun aanval stopte en Patch in zijn lies werd getroffen, spookte de rest van zijn lange leven door zijn hoofd. ’...en de band tussen kameraden die werkelijk zo/ diep en veelomvattend is als liefde zonder het zo te noemen’, dichtte Motion. Zoals veel veteranen de oorlog het liefst herinneren: als een tijd waarin vriendschap in puurste vorm wordt beleefd.

In de ogen van jongere Britten was Patch, simpelweg, een held die behoorde tot ’de nobelste van alle generaties’, zoals premier Brown zei na het overlijden van Patch, 111 jaar oud, op 25 juli. Bij de 90ste herdenking van de wapenstilstand in legde Patch nog een krans bij het Londense oorlogsmonument. Maar op scholen waarschuwde hij tegen de verleidingen en de gruwelen van oorlog. Toen hij 106 was ontmoette hij de Duitse veteraan Charles Küntz (107). Beiden hadden bij Passchendaele gevochten, herinnerden zich nog het lawaai, de stank, het gas, de modder vermengd met bloed. Beiden vochten destijds omdat ze moesten. De zinloosheid van deze oorlog en alle andere oorlogen was voor veteraan Patch onbetwistbaar. „Op het eind werd de vrede aan tafel geregeld, dus waarom in godsnaam, konden ze dat niet aan het begin doen zonder miljoenen mensen te verliezen?”

Bijdrage: Henriëtte Lakmaker

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden