Harder én zachter

interview | De nieuwe editie van de Dikke van Dale is verschenen. Een gesprek met hoofdredacteur Ton den Boon over de taalontwikkeling. Wat opvalt? Onze taal verruwt, maar is ook vergoelijkend.

Het was te verwachten van de hoofdredacteur van het instituut Van Dale, maar toch heeft het iets geruststellends om hem zo prachtig Algemeen Beschaafd Nederlands te horen praten. We zijn op bezoek bij Ton den Boon, hoofdredacteur van het 'Groot Woordenboek der Nederlandse Taal', dat gisteren met een nieuwe editie kwam, de eerste sinds tien jaar. Daarnaast verzorgt hij - om beurten met Jaap de Berg - de taalrubriek in deze krant. Den Boon zal ongetwijfeld slapen, eten en een plas doen zo nu en dan, maar verder is hij voortdurend met taal bezig.

"Voor een woordenboekmaker zijn dit geweldige tijden want er ontstaat van alles."

Wat doet de hoofdredacteur van de Dikke Van Dale?

"In de eerste plaats doe ik het allerleukste werk van de hele wereld, en dat is het verzamelen van woorden en het bepalen of ze voldoen aan de opnamecriteria van het Groot Woordenboek der Nederlandse Taal. Of een woord wordt opgenomen, bepaal ik niet alleen, daarover beslist ook de Vlaamse hoofdredacteur van Van Dale en de rest van de redactie. Een harde kern van drie, vier, vijf mensen, onder wie ook data-analisten. Wel hak ik uiteindelijk de knoop door.

"Ik lees gemiddeld anderhalf uur per dag in de kranten. Nederlandse kranten, Vlaamse, op papier en digitaal. Ik lees zoveel mogelijk en ben altijd op zoek naar woordjes. Nieuwe woorden die geleidelijk aan gangbaar worden, die vooral. Dat zijn er best veel: uit een ochtendje kranten lezen haal ik zo dertien nieuwe vormen."

Wat kwam u recentelijk voor vorm tegen?

"Een goed voorbeeld van een woord dat in een volgende editie opgenomen kan worden is het woord 'shariazoeker'. Staatssecretaris Halbe Zijlstra gebruikte dat laatst. Het is typisch zo'n woord dat dan opkomt. En het kan best zijn dat het binnen drie jaar verdwijnt en dus niet voor een opname in het woordenboek in aanmerking komt. Maar pakt een andere politicus dat woord nog eens op, dan wordt zo'n woord courant."

En komt het in Van Dale. Is Van Dale nog steeds een instituut, of heeft het Groot Woordenboek der Nederlandse taal een andere betekenis gekregen?

"Nog maar relatief kort geleden had slechts een kleine elite toegang had tot de taal. Journalisten, politici, schrijvers, wetenschappers; zij maakten de taal. Wat zij zeiden werd opgenomen. Een belangrijke figuur was bijvoorbeeld politiek commentator G.B.J. Hiltermann, die op de radio elke zondagmiddag de 'toestand in de wereld' besprak. Doordat nu iedereen toegang tot de media heeft is een veel diversere groep nu rolmodel voor de taal geworden. Zo houdt Gerard Joling bijvoorbeeld een goed gelezen blog bij en kun je zeggen dat 'de toestand in de wereld' tegenwoordig meer vanuit allerlei hoeken wordt belicht.

"Mensen zijn minder gevoelig geworden voor autoriteit, maar wij vinden - als je het in heel ronkende bewoordingen zou zeggen - dat we de bewakers zijn van ons taalcultuurgoed. Ik vergelijk Van Dale weleens - goed, enigszins grotesk misschien - met het Rijksmuseum. Zij als hoeders van het picturale erfgoed, wij van het bezonken talige erfgoed."

De opkomst van sociale media moet een walhalla voor u zijn. Want er valt veel te zeggen over een blog als GeenStijl, maar met taal spelen kunnen ze. Of niet soms?

"Nou en of. De taal van GeenStijl is soms heel sterk. Denk maar eens aan woorden als 'reaguurder' of 'wegjorissen'. Veel woorden die ze gebruiken zijn ook vluchtig en verdwijnen weer, maar zulke taal heeft wel de toekomst, de taal dus van de subculturen. Doordat elke groep op internet zijn eigen hoekje heeft, ontwikkelt elk groepje ook zijn eigen taal. Dat is heel erg van deze digitale tijd: De taal is eerst naar elkaar toe gegaan en waaiert nu weer uit."

Jammer genoeg wordt onze taal nog altijd in toenemende mate vervuild met Engelse woorden.

"Als ik naar BNR Nieuwsradio luister en daar die jonge marketeers hoor praten, dan kan ik inderdaad door al die anglicismen nauwelijks nog volgen waar het over gaat. Toch zijn ook dat lang niet altijd blijvende woorden. Een woord als 'employability' wordt nog wel door een enkeling gebruikt, maar je hoort het toch steeds minder. Het Nederlands heeft, vooral als het over de lange termijn gaat - en dat is waar wij naar kijken - een behoorlijk zelfreinigend vermogen."

U verzorgt, om beurten met Jaap de Berg, de taalrubriek in deze krant. Hoe gaat u eigenlijk te werk?

"Niet veel anders dan als hoofdredacteur van een woordenboek. Lezen, lezen, lezen. Zoeken, zoeken, zoeken. Boven op de taal zitten. Ik probeer die rubriek in elk geval nooit over taalfouten te laten gaan, behalve als ze een bepaalde trend laten zien. Met Jaap de Berg heb ik natuurlijk veel mailcontact, zodat onderwerpen niet dubbelop aan bod komen. Een ontzettend leuke rubriek om te doen. Zo ben ik de hele dag met taal bezig, want naast mijn baan als hoofdredacteur van Van Dale en de drie keer per week dat ik de taalrubriek in Trouw schrijf, maak ik ook het Woord van de Dag voor de website van Van Dale en schrijf ik twee, drie boekjes per jaar over van alles en nog wat op taalgebied."

Heeft de toon van het maatschappelijk debat invloed op de woordkeuze? Om de hand maar in eigen boezem te steken: Trouw bedacht ooit 'shariadriehoek'.

"Ik zie een enorme opkomst van woorden die betrekking hebben op een - vermeende - kennis van de islam: 'halal-hypotheken', 'sharia-socialisme' en ik kwam zelfs een keer het woord 'dhimmitude' tegen. Een Arabisch leenwoord, gekoppeld aan een Frans achtervoegsel en dat dan vernederlandst. Voor een woordenboekmaker zijn dit geweldige tijden, want er ontstaat van alles. Ik zie hier en daar ook wel verhardingen. Ik weet niet of 'verkeershufter' blijft bestaan, maar dat wordt wel vaak gebruikt. Of 'hufterloket', 'asohuurders' en 'asowoningen'. De harde toon in het maatschappelijk debat uit zich natuurlijk automatisch in de taal."

Mensen ergeren zich vaak aan die taalverharding, maar is er niet eerder sprake van taalverzachting? 'Zelfmoord' moet liefst 'zelfdoding' zijn, 'hoer' wordt 'prostituee' en iemand die vroeger 'zwakzinnig' was, is nu 'verstandelijk beperkt' of zelfs 'een mens met mogelijkheden'. We zijn watjes geworden.

"Eufemismen zijn van alle tijden. Voorheen verzonnen we allerlei verzachtende woorden voor de dood of voor ziektes. Tegenwoordig hebben we andere taboes. 'Sekswerker' hoor je ook vaak, trouwens. Er wordt gepoogd om iets wat we naar vinden onschadelijk te maken in de taal. Maar dat zal niet lukken, niet op de lange termijn. Andersom gebeurt het ook, om bijvoorbeeld bewust te shockeren. Een meisje dat, laten we zeggen, in de seksuele omgang nogal 'makkelijk' is, noemen we eerst een delletje of een snolletje en sommigen maken daar nu 'neuksnol' of 'pijpslet' van."

Wat is de leidende taaltrend?

"De taal is informeler geworden, omdat we met zijn allen informeler zijn geworden. Daaraan zie je dat Van Dale volgend is. Onze kernwoordenschat is 30.000 woorden. Daar cirkelt voortdurend vaktaal of vluchtige taal doorheen. Wat blijvende woorden worden, heeft misschien nog wel meer te maken met de spreiding van die woorden dan met de frequentie ervan. Voor opname moet een woord een veel grotere bekendheid hebben dan alleen binnen de gezondheidszorg. Ik zie door de taal vooral de werkelijkheid, de tijd, veranderen.

"De eerste edities van Van Dale kwamen overduidelijk voort uit een agrarische maatschappij, nu uit een IT-samenleving. 'Appen' is helemaal geïntegreerd in het Nederlands. Maar ook de vergroening dringt overduidelijk door in de woorden die we gebruiken. 'Natuurcompensatie', 'klimaatscepsis', 'voetafdrukken', 'laadpalen', 'accu-auto's' en in de buurt van waar ik woon hebben ze het over 'zonneakkers'. Ik zei al dat ik de leukste baan van de wereld heb, en dat komt doordat er op het moment zoveel beweging in zit. De taal is als een schip op volle zee dat je steeds aan het verbouwen bent."

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden