Harde aanval op ’stalinist’ Brown

Gordon Brown, de Britse minister van financiën , presenteert als het goed is vandaag zijn laatste begroting. Maar de discussie zal gaan over zijn persoon en leiderschap.

Sober, streng, workaholic, micro manager, sociaal onhandig, ongeduldig, arrogant, control freak. Deze beschrijvingen ontbreken zelden als het gaat om de man die zich al tien jaar warm loopt om premier van het Verenigd Koninkrijk te worden. Een anonieme adviseur van Blair noemde Brown zelfs ’psychologisch gemankeerd’.

Een voormalig secretaris van het ministerie van financiën gooide daar gisteren nog een schepje bovenop. Brown vertoont in de ministerraad een ’stalinistische meedogenloosheid’, ’kleineert collega-ministers en behandelt hen met min of meer volledige minachting’, zei Lord Andrew Turnbull tegen de Financial Times.

Volgens hem weigert Brown naar collega’s te luisteren. Hij deelt weinig informatie om zo zelf de macht in handen te houden en schittert altijd door afwezigheid als er problemen zijn.

„Hij staat geen enkele discussie toe (..). Hij is van mening dat dat de moeite niet waard is en ’dat zij (collega-ministers) krijgen wat ik bepaal’”, zei Turnbull. Browns opstelling heeft volgens hem de cohesie binnen de regering aangetast.

Het is hoogst ongebruikelijk dat een voormalig topambtenaar zulke harde kritiek uit in het openbaar, maar zulke aanvallen op zijn karakter zijn Brown niet vreemd.

De opmerkingen van Turnbull geven gewicht aan de lange lijst van kritiekpunten die Brown tijdens zijn hele carrière al achtervolgt. Een minister van financiën neemt altijd een centrale kabinetspositie in, maar in Brown heeft het land nog niet eerder zo’n dominante penningmeester gehad. Hij bepaalde rechtstreeks het beleid op andere ministeries. Het is daarom ironisch dat zijn belangrijkste beslissing als minister van financiën juist de overdracht van macht betrof.

Direct na Labours eerste overwinning in 1997 maakte Brown de Engelse Centrale Bank onafhankelijk. Daarmee droeg hij de controle voor het bepalen van de rente over aan de Bank of England.

Het was een essentiëel besluit aan het begin van een regeerperiode waarbij hij het economisch tij mee had. De langst dienende minister van financiën in bijna 200 jaar, leidde zijn land gedurende de langste periode van onafgebroken economische groei in meer dan 200 jaar.

De afgelopen tien jaar kenmerken zich door stabiele economische groei en lage werkloosheid. Immigratie en goedkope importen en Browns beslissing om buiten de euro te blijven, stimuleerden de consumptie zonder dat de inflatie noemenswaardig steeg.

Was Brown in het eerste kabinet nog erg prudent, in het tweede kabinet stegen de overheidsbestedingen snel. Nu worstelt hij met een begrotingstekort.

De belastingdruk stijgt, de overheidsschuld groeit, en ondanks de miljarden aan overheidsinvesteringen ontbreken duidelijke verbeteringen in het onderwijs en de gezondheidszorg.

Tot Browns erfenis behoren ook de toenemende klacht van het bedrijfsleven over bureaucratie en regeldruk, en de internationaal achterblijvende productiviteit. Er zullen zuiniger tijden volgen. Browns opvolger zal heel wat minder speelruimte hebben.

Brown gaf Labour de reputatie de economie te kunnen leiden. Hij wordt in het algemeen gewaardeerd als minister van financiën, maar veel kabinetscollega’s, hoge ambtenaren en Labour-parlementariërs twijfelen er aan of hij ook een goede premier zal worden.

Minister van financiën Gordon Brown (op de voorgrond) loopt zich al tien jaar warm om Blair (bij het spreekgestoelte) op te volgen.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden