Hard op weg een legende te worden

Hans van Manen is fan van choreograaf Martin Schläpfer. Hun werk is verwant en ze delen dezelfde ontwerper, Keso Dekker. Schläpfers groep is nu in Nederland.

Volgens de Nederlandse dansmeester Hans van Manen is de van oorsprong Zwitserse choreograaf Martin Schläpfer van Ballett am Rhein de beste choreograaf die in Duitsland werkzaam is. "Maar Duitse dansgezelschappen gaan nauwelijks nog op internationale tournees, dus als er zich nieuwe namen aandienen duurt het veel langer om wereldwijd in the picture te komen. Schläpfer heeft de afgelopen twintig jaar al ruim vijftig schitterende balletten gemaakt. Toch is zo'n getalenteerde dansmaker niet wereldberoemd."

Een gotspe, vindt Van Manen, die het werk van Martin Schläpfer in Nederland introduceerde. Want Martin Schläpfer is een boegbeeld van de dans; iemand die zoals dansvernieuwer George Balanchine over de artistieke inzichten en het doorzettingsvermogen beschikt om het ballet te moderniseren. "Schläpfer gaat brutaal met de spitzentechniek om, waardoor het er heel interessant en hedendaags uitziet. En er is altijd een lichte toets aanwezig, hij neemt de dans op een onserieuze wijze serieus."

Dat is de reden dat het werk van Martin Schläpfer wordt vergeleken met dat van de bijna tachtigjarige dansmaestro, waarin emotionele zeggingskracht door humor wordt geflankeerd. Het kan dan ook geen toeval zijn dat Schläpfer graag samenwerkt met Keso Dekker, Van Manens vaste decor- en kostuumontwerper. "Ach, verwantschap," relativeert Dekker, "het komt er eerder op neer dat we een hekel hebben aan dezelfde flauwekul. Schläpfer houdt zoals ik niet van modernistische humbug. Het is makkelijk om modern te lijken, veel moeilijker om het ook echt te zijn."

In het Schläpfer-drieluik van Ballett am Rhein dat vanavond en zaterdagavond in het Amsterdamse Muziektheater is te zien, tekende Dekker voor het toneelbeeld van twee balletten.

Dekker: "Het gebeurt eens in de zoveel tijd dat ik iets voor elkaar boks waar ik met een glimlach aan terugdenk." Bijzonder geslaagd noemt Dekker het werk 'Tanzsuite' (2005), gezet op 'Tanzsuite mit Deutschlandlied' (1980) van Helmut Lachenmann, ook wel de Don Quichot van de moderne klassieke muziek genoemd. Dekker: "Het klinkt als elektronische muziek en wordt via de band uitgevoerd, met als gevolg dat de choreografie altijd precies dezelfde lengte heeft. Daardoor kon ik op film een visuele score maken die samen met de geluidsscore en de choreografie een symbiose vormt. Elke repetitie werd op video opgenomen, waarna ik bij de gerepeteerde scènes bijbehorend beeld kon monteren. Iemand springt, en precies op dat moment zie je iets van die sprong, al is het in een flits, in de film op de achtergrond terug. Het decor bevat toespelingen op visuele media - het ballet opent bijvoorbeeld met een groot testbeeld - en het elektronische karakter van de muziek."

Wat muziekgebruik betreft maakt Schläpfer het zich bepaald niet makkelijk, meent Hans van Manen. Soms behoorlijk eigentijds, en altijd zeer eclectisch - van Górecki tot de walsen van Johann Strauss, zoals in 'Marsch, Walzer, Polka' (2009), middels variaties op de wals een bitterzoete ode aan de Weense burgermanscultuur. Van Manen: "Die walsen zijn natuurlijk een enorm cliché. Maar mensen denken tegenwoordig dat je geen clichés meer mag gebruiken. Zelfs het cliché 'ik hou van jou' kan niet meer. Da's toch jammer? Dat je nooit meer tegen een leuke vriendin 'ik hou van jou' zou kunnen zeggen."

Het derde programmaonderdeel 'Forellenquintett' (2010) laat volgens Keso Dekker een heel andere kant zien van Martin Schläpfers muzikaliteit. "Schuberts lied van de forel is een prachtig voorbeeld van natuurlyriek, waarin een gevaarlijke ondertoon verscholen zit. De tekst van het lied wordt verbeeld in een duet tussen de visser en de vis, maar het is eigenlijk een weerbarstig liefdesverhaal tussen man en vrouw. Ik houd helemaal niet van anekdotiek, wat je in dit ballet echter ziet gebeuren is grandioos: een voorbeeld van hoe je in een choreografie iets kunt vertellen. Niet alleen 'ik haat je', of 'ik vind je aardig', maar een echt verhaal met een pointe en een verloop."

Dekker beschrijft Schuberts kwintet als mooi en lieflijk, muziek waarmee niet te sollen valt. "En toch besloot Martin 'Forellenquintett' op het laatste moment te introduceren met een woest nummer van rockband The Libertines. Hij had geen zin in een overdosis suiker, het was een heel impulsief besluit, en het werkt verschrikkelijk goed."

Martin Schläpfer neemt veel risico, beaamt Hans van Manen. Hij richt zich niet op de smaak van het publiek; dat publiek moet elke keer opnieuw het avontuur met hem aangaan. "Maar hij durft ook te laten dánsen. Als dans heel experimenteel is, zie je bijna geen beweging meer. Als een choreograaf in ideeën blijft steken, is het niet interessant. Dans mag swingen, hoor!"

Eerst leidde Schläpfer een balletgezelschap in Bern, toen in Mainz, nu in zowel Düsseldorf als Duisburg waar Ballett am Rhein resideert: het publiek komt in groten getale op zijn werk af. Van Manen: "Hij begon met een publiek van 46 man en nu is het steevast uitverkochte bak. Je moet niet denken dat hij snel tevreden is. Als ik hem na de voorstelling wil feliciteren, zit hij in de kleedkamer onzeker voor zich uit te turen. Ik begrijp dat heel goed. Je weet nooit of het goed is. Als ik dat in mijn eigen werk zou weten, schreef ik direct het boek 'Hoe creëer ik een succes?'. Had ik binnen de kortste keren een bestseller."

Goede choreografen, daarvan zijn er meer. Is Martin Schläpfer daadwerkelijk van betekenis voor de ontwikkeling van het ballet, iemand die het klassieke medium 'helemaal van nu' kan laten zijn?

Van Manen: "In tegenstelling tot bijvoorbeeld de Amerikaan Christopher Wheeldon, die óók vanuit de klassieke ballettechniek 'hedendaags' werkt, zijn de balletten van Martin Schläpfer door en door Europees. Er zit geen greintje hijgerigheid bij om in de veronderstelde romantische smaak van het balletpubliek te vallen. In de Verenigde Staten heerst het idee dat kunst moet verkopen. Ik denk: als je daar bij voorbaat al van uitgaat, dan is het dood. Het geeft te denken dat er van kunstenaars in ons land inmiddels ook wordt verwacht dat ze ondernemer zijn. Om belangwekkend te worden, moeten kunstenaars lak hebben aan commercie. Martin Schläpfer is daar hét voorbeeld van."

Keso Dekker heeft 527 balletten vormgegeven van bijna zestig choreografen. "Ik heb dus wel wat meegemaakt. Ik ken echter weinig mensen die zichzelf zo voor dit vak geven en die op alle vlakken zo integer zijn. Over zijn belang voor het ballet kan ik kort zijn: Martin Schläpfer is hard op weg een legende te worden."

Ballett am Rhein danst Martin Schläpfer. 5/4 en 7/4, Het Muziektheater Amsterdam, aanvang 20.15 uur. www.hetmuziektheater.nl

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden